Na Ramadan kent Indonesie even geen maat meer

JAKARTA, 16 APRIL. Het geroffel van driehonderd moskee-trommels op het Onafhankelijkheidsplein van Jakarta kondigde gisteravond het einde aan van de Ramadan, de islamitische vasten. Vandaag en morgen vieren Indonesie's 150 miljoen moslims Idul Fitri, de Dag der Loutering. Na vier weken onthouding geven zij zich over aan een groots eet- en drinkfestijn. De uitwisseling van geschenken leidt in de laatste dagen van de vasten tot een ongekende kooplust. Deze consumptie-explosie gaat gepaard met een massale uittocht uit de hoofdstad Jakarta. Na een maand van matiging kent Indonesie een paar dagen lang geen maat meer.

Wie op Idul Fitri door Jakarta rijdt, kent de stad niet meer terug. Op een normale werkdag zitten om acht uur alle grote kruispunten hopeloos verstopt en duurt het minstens een uur om vanuit Jakarta-Zuid het centrum te bereiken. Zelfs op zondag is er vaak geen doorkomen aan vanwege de vele dagjesmensen die een middag aan zee willen doorbrengen. Vandaag kost dezelfde rit niet meer dan twintig minuten.

Volgens schattingen van het gemeentebestuur hebben in deze dagen twee van de negen miljoen Jakartanen de stad verlaten. Pulang kampung, terug naar het geboortedorp.

Aan het einde van de Ramadan vragen islamieten hun verwanten om vergiffenis voor begane fouten om aldus, gelouterd door de vasten, het nieuwe jaar met een schone lei te beginnen. Dat gaat gepaard met intensief familiebezoek. Ouders en kinderen en zelfs echtelieden leven in Indonesie als gevolg van de eeuwige zoektocht naar werk vaak heel ver van elkaar. De metropool Jakarta trekt gelukzoekers uit andere delen van Java en zelfs uit zulke uithoeken als Noord-Sumatra en Timor. Veel van de Jakartanen zijn niet in de hoofdstad geboren. Wie het zich maar enigszins kan veroorloven - en dat blijft een minderheid - trekt met Idul Fitri naar zijn plaats van herkomst. Die gewoonte brengt ieder jaar een massale reizigersstroom op gang en dat begint al een week voor het einde van de vasten.

Hoewel de autoriteiten elk jaar opnieuw strenge maatregelen aankondigen tegen zwarte handel in plaatskaartjes en ambtelijke corruptie, ontaardt de exodus bijna onvermijdelijk in een vervoerschaos. Busmaatschappijen die lange afstandsdiensten onderhouden, mogen een week voor en een week na Idul Fitri hun tarieven met 25 procent verhogen. Dat stelt hen in staat extra bussen in te zetten en aldus de vervoerscapaciteit te verhogen. Dat geldt niet voor rederijen, spoorwegen en luchtvaarmaatschappijen. Daar worden dezelfde plaatsen dan ook grif twee- tot driemaal verkocht.

Dit jaar waren de hoofdstedelijke gezagsdragers zelf getuige van de chaos. De gouverneur, de hoofdcommissaris van politie en de militaire commandant van Jakarta brachten vorige week een bezoek aan een aantal bus- en treinstations. Op het spoorwegstation Gambir in Centraal-Jakarta zagen zij hoe een uitzinnige menigte zich stortte op de exprestrein naar Malang (Oost-Java) die een kwartier te laat binnenliep. Terwijl de trein nog in beweging was sprongen mannen op de treeplanken om voor hun familieleden een plaats te veroveren. Na een half uur puilde de trein letterlijk uit: per wagon van 80 zitplaatsen bevonden zich 200 mensen, ieder met een genummerd plaatsbewijs. Mensen vielen flauw en werden afgevoerd. Twee dagen later raakte bij een soortgelijke stormloop een jonge vrouw onder een rijdende trein en werd vermorzeld.

Wie niet op reis gaat, besteedt wat extra rupiahs aan het eten voor de gasten. Indonesiers zijn om economische redenen geen grote vleeseters, maar Idul Fitri is een uitzondering. Het stadsbestuur van Jakarta heeft in verband met het einde van de Ramadan voor extra aanvoer gezorgd: 350 ton vlees en 48.000 stuks vee. In de abattoirs van de hoofdstad werden begin vorige week 650 stuks per dag geslacht, de laatste twee dagen waren dat er al 2.000. Volgens een officiele opgave zijn de vleesprijzen de laatste twee weken met 20 procent gestegen.

Ieder jaar opnieuw is het voor het Indonesische overheidspersoneel afwachten of er in verband met Idul Fitri iets extra's in het loonzakje komt of dat men genoegen moet nemen met een zak rijst of een fles bak-olie. In verband met de Golfcrisis zijn er het laatste half jaar veel extra oliedollars in de staatskas gevloeid, en dat was voor het parlement aanleiding om voor de ambtenaren een dertiende maand te bepleiten. Na lang aarzelen ging de minister van financien akkoord, maar het bedrag is nog niet uitbetaald. Zodra de kranten aankondigden dat de bonus eraan kwam, verhoogde de handel de prijzen voor basisvoedsel, vlees, kip en eieren met gemiddeld 25 procent. Deze 'Idul Fitri-inflatie' slokt de beloofde bonus grotendeels op, terwijl nog niemand een rupiah extra heeft gezien.

Het traditionele uitwisselen van voedsel onder buren en verwanten is in het steeds welvarender Indonesie uitgegroeid tot een cadeau-rage.

Vooral kleding is in trek: men schenkt zijn familieleden een overhemd of een paar schoenen en steekt ook zichzelf ter gelegenheid van de feestdagen in het nieuw. Toch is dit alleen weggelegd voor dat deel van de bevolking dat heeft meegeprofiteerd van de economische groei.

De bewoners van de sloppen langs Jakarta's zwaar vervuilde rivieren gaan niet op reis. Zij kunnen de dure plaatskaartjes niet betalen en vertellen hun verre familieleden ook liever niet dat ze het ginds niet hebben gemaakt. Zij zijn aangewezen op de zakat, de bijdragen die vrome moslims met Idul Fitri schenken aan de armen van de stad.