2,2 miljoen Koerden uit hun woningen gevlucht

GENEVE- TEHERAN, 16 april - Meer dan 2.250.000 Iraakse Koerden hebben hun woningen verlaten en zijn gevlucht naar de grenzen met Turkije en Iran. Dat blijkt uit de nieuwste cijfers over deze vluchtelingencrisis van internationale hulporganisaties, die gisteren in Geneve werden gepubliceerd.

Van hen zijn er 750.000 nog onderweg naar de grens. In Iran hebben er tot dusverre ruim 900.000 hun toevlucht gezocht - het land herbergt daarnaast nog tienduizenden shi'itische vluchtelingen - en in Turkije 600.000.

De Hoge Commissaris voor Vluchtelingen, de Japanse Sadako Ogata, riep gisteren aan het eind van een bezoek aan Iran op tot grootscheepse internationale hulp om een tragedie te voorkomen. Ogata, die zichtbaar was geschokt door een trip naar het grensgebied, zei niettemin dat ze bemoedigd was door de Iraanse stappen om de ellende van de vluchtelingen te verzachten. “Iran heeft veel gedaan door zijn grenzen en zelfs zijn deuren te openen, maar zijn hulpbronnen zijn beperkt en niet toereikend”, zei ze.

In een telefoongesprek met de Duitse bondskanselier Helmut Kohl leverde de Iraanse president Rafsanajani opnieuw scherpe kritiek op de trage reactie van “de landen die snel militaire middelen hebben overgebracht voor de oorlog” (tegen Koeweit). Een Duitse delegatie is inmiddels naar Iran vertrokken om de mogelijkheden voor een snelle huloperatie te onderzoeken.

Een hoge functionaris van de Europese Gemeenschap - die vorige week 185 miljoen dollar ter beschikking heeft gesteld voor hulp aan de vluchtelingen in Iran en Turkije - zei dat de komende dagen 24 hulpvluchten naar Iran zijn geregeld. Ogata's UNHCR heeft tot dusverre 30 vliegtuigen met hulpgoederen naar Iran gestuurd.

Iran is van plan 50.000 van de vluchtelingen over te brengen naar de heilige stad Qom, waar met spoed een kamp wordt gebouwd. Ook op andere plaatsen worden nieuwe kampen ingericht. In Iran worden veel vluchtelingen bij plaatselijke bewoners thuis opgevangen.

Groot-Brittannie beloofde gisteren zijn hulpinspanning voor de Koerden uit te breiden en nog eens zes helikopters naar Turkije te sturen om voedsel bij de veelal op afgelegen plaatsen verzamelde vluchtelingen af te leveren. Daarmee zijn ook al Amerikaanse en Franse helikopters bezig. De Amerikanen, die een grote militaire hulpoperatie in Turkije hebben gelanceerd, hebben aangekondigd in totaal 73 helikopters in te zetten.

De Britse premier Major zei tegen de bezoekende Turkse premier Akbulut dat het van essentieel belang is om aan beide zijden van de Turkse grens kampen in te richten. Minister van buitenlandse zaken Douglas Hurd zei in het Lagerhuis dat de regering zich bij de VN actief blijft inzetten voor de vestiging van 'toevluchtsoorden' voor de vluchtelingen op Iraaks grondgebied. Maar “we spreken niet van een territoriale enclaves, een afzonderlijk Koerdistan of een permanente aanwezigheid van de VN”, zei Hurd. “Wij steunen de territoriale integriteit van Irak.” Major heeft oorspronkelijk de inrichting van 'enclaves' voorgesteld, die desnoods met geweld zouden moeten worden afgedwongen, en hij werd daarin vorige week door de EG gesteund.

De toestand van de vluchtelingen in het Turks-Iraakse grensgebied, waar aanvankelijk nauwelijks hulp arriveerde, is de laatste dagen enigszins verbeterd. Het Amerikaanse leger heeft een grote bevoorradingsbasis ingericht, vanwaaruit honderdduizenden maaltijden per helikopter onder de vluchtelingen worden verspreid. Hulpwerkers klaagden echter nog over het ontbreken van commandocentra op verscheidene plaatsen. Daardoor slagen de sterkste vluchtelingen er voortdurend in de meeste hulpgoederen te bemachtigen, en komen de zwaksten helemaal niet aan hun trekken. (Reuter, AP, AFP)