Ruzie in Molukse RMS, tegenhanger Manusama weg

HUIZEN, 13 april - In de leiding van de Republiek der Zuid-Molukken (RMS) in Nederland heerst een crisis. Een al langlopend conflict tussen 'president' ir. J.A. Manusama en zijn 'minister voor veiligheidszaken' ir. P.J. Tatipikalawan is tot uitbarsting gekomen. Tatipikalwan heeft deze week zijn ontslag aangeboden. Manusama heeft daar officieel nog niet op gereageerd en was ook niet voor commentaar bereikbaar.

Hij verwijt Manusama, inmiddels 80 jaar, gebrek aan strijdbaarheid. In een vraaggesprek met NRC Handelsblad vorig jaar augustus liet Tatipikalwan zijn ongeduld al blijken. Hij vindt dat Manusama er verstandig aan zou doen af te treden om 'zo de eer aan zichzelf te houden en de jongeren niet in verleiding moet brengen'.

Zonder medeweten van Manusama stichtte Tatipikalawan vorig jaar een eigen RMS-organisatie. Deze zogeheten BUUMBM kwam met een vijfjarenplan ter bevrijding van de Molukken. In datzelfde interview liet Tatipikalwan blijken dat een aantal organisaties niet tot zijn nieuwe koepel wenste toe te treden zolang Manusama officieel de leider bleef van de RMS-regering in ballingschap.

Tijdens een herdenkingsbijeenkomst in Huizen (NH) gisteren lichtte Tatipikalwan een deel van zijn achterban in over zijn motieven het kabinet van Manusama te verlaten. Als druppel die de emmer doet overlopen verwees hijnaar een paginagroot interview met Manusama dat eerder deze maand verscheen in een Nederlands zondagsblad. De bejaarde leider verwijt daarin 'dat juist de militanten' - waartoe Tatipikalwan en zijn aanhangers zich duidelijk rekenen - 'werken aan de ondergang van het ideaal'.

Over een kleine twee weken, donderdag 25 april, vindt in de Haagse Houtrusthallen de jaarlijkse herdenking plaats van het uitroepen van de RMS in 1950. Manusama is daar traditiegetrouw een belangrijk spreker. Tatipikalwan: “Het kan gewoon niet dat die man daar dan verschijnt. Het wachten is op een nieuw kabinet. Tot die tijd leggen wij als BUUMBM onze activiteiten even stil. Ik ben in principe bereid weer deel uit te maken van een nieuw RMS-kabinet, maar dan natuurlijk zonder Manusama”.

Een andere kwestie die binnen de Molukse wereld tot nogal wat discussie heeft geleid is het recente bezoek van de Indonesische generaal b.d. en oud-ambassadeur in Bonn, J. Muskita. In de drie weken dat Muskita, zelf een Molukker, met groepen Molukkers heeft gesproken, heeft hij pogingen ondernomen 'de grote Molukse familie', waarvan een deel in Nederland verblijft, te verenigen onder de rood-witte vlag van Republiek Indonesia. Volgens Tatipikalwan waren de gesprekken met Muskita heel open. “We hebben in alle oprechtheid met hem gesproken, maar ik heb daarbij geen milimeter afstand gedaan van ons RMS-ideaal”. Manusama heeft Muskita niet ontmoet.

De gesprekken van Muskita vonden plaats in het kader van een in 1975 gesloten geheime Nederland-Indonesische overeenkomst die betrekking heeft op de positie van de Molukkers in Nederland. In hoeverre de gesprekken van Muskita voor alle partijen bevredigend zijn verlopen is moeilijk na te gaan. De generaal heeft geen officiele verklaringen afgelegd en ieder interview met Nederlandse media heeft hij geweigerd.

Ook van Molukse zijde wordt hier grote terughoudendheid in acht genomen.

Niet echter de uitgesproken Tatipikalawan: “Behalve over de grote Molukse familie die weer verenigd moet worden had Muskita het ook over de behoefte van zijn land aan in Nederand oppgeleide Molukse academici. Hij beloofde hen 'een betere plaats onder Indonesische zon'. Begrijpelijk zien wij die mensen liever werken onder een vrije Molukse zon”.