Expositie in Londen over kathedraal; Ontwerp en bouw St. Paul's kostten Wren veertig jaar

Tentoonstelling: Sir Christopher Wren and the Making of St. Paul's. T-m 12 mei in The Royal Academy, Piccadilly, Londen. Geopend: Dagelijks 10-18 uur.

Vroeger was de St. Paul's Cathedral in Londen van verre zichtbaar. Op een schilderij van Canaletto uit 1746 bij voorbeeld torent de kerk als een slagschip uit boven de huizenzee van de City, de traditionele handelswijk van Londen. Dat bleef zo tot de jaren vijftig.

Toen verschenen de eerste kantoorkolossen die tegenwoordig in hoge mate het beeld van de City bepalen en waarover Prins Charles zich zo kwaad kan maken. De St. Paul's staat er nu wat verloren bij en je ziet de kerk pas echt goed als je er vlak voor staat. Het is alsof Londen niet trots is op zijn kathedraal en haar het liefst helemaal zou verstoppen.

Die beknelde positie doet geen recht aan de kerk en vooral niet aan de architect Sir Christopher Wren (1632-1723), die veertig jaar met het ontwerp en de bouw van de kerk bezig is geweest.

Over de veertigjarige ontstaansgeschiedenis van Wrens belangrijkste schepping is nu een grote, mooie tentoonstelling te zien in de Royal Academy in Londen. In de eerste donkere ruimte - de zalen van de Royal Academy zijn verduisterd wegens de kwetsbaarheid van de tekeningen - zijn prenten te zien van de oude, half romaanse, half gotische St.

Paul's die in de zeventiende eeuw een bouwval was geworden. De oude kathedraal was al in de jaren dertig van die eeuw verbouwd door Inigo Jones, de eerste echte renaissance-architect van Engeland aan wie de Royal Academy twee jaar geleden een tentoonstelling wijdde.

Maar het verval van de oude St. Paul's was niet te stuiten en in 1661 werd Christopher Wren om advies gevraagd over een nieuwe restauratie van de kathedraal. Het advies leidde tot niets en vijf jaar later stelde Wren een rigoureuze verbouwing van de kerk voor: de toren moest worden vervangen door een koepel en het interieur ontdaan van het romaans-gotische karakter. Het voorstel werd aangenomen door de commissie die was ingesteld om de St. Paul's te redden, maar binnen een week was het al achterhaald doordat de kathedraal praktisch helemaal werd verwoest door The Great Fire, de brand van 1666 die een groot deel van de City in de as legde.

Nadat de restanten van de oude St. Paul's waren ingestort, besloot de commissie in 1668 dat er een nieuwe kerk naar een ontwerp van Wren moest komen. De bouw van de nieuwe St. Paul's werd een moeizame geschiedenis die op de tentoonstelling goed te volgen is.

Wren moest zijn ontwerp zes keer veranderen voor alle betrokkenen tevreden waren. Zelf beschouwde Wren zijn derde ontwerp als het beste en het was de grootste teleurstelling uit zijn architectenloopbaan dat het uiteindelijk werd verworpen. In dit derde ontwerp zou de nieuwe kerk de vorm krijgen van een Grieks kruis met holle zijkanten waarvan er een was verlengd met een vestibule en een groot portiek. Verder zou de kathedraal twee koepels krijgen: een grote boven het hart van het Griekse kruis en een kleine boven de vestibule.

Koning Charles II had het ontwerp al goedgekeurd en liet er zelfs een groot houten model van maken voor 600 pond, toentertijd de prijs van een huis van drie verdiepingen. Dit model uit 1673, het hoogtepunt van de tentoonstelling, heeft een lengte van zes meter en de grootste koepel is een meter of vier meter hoog. Een slank persoon zou zich tussen de Corinthische zuilen van het portiek kunnen wurmen om de kerk van binnen te bezichtigen. Wrens assistent Robert Hooke deed dat op 27 februari 1674 - niet voor niets is het interieur voorzien van houten pilasters en festoenen - maar de bezoekers van de Royal Academy mogen dat helaas niet. Ter compensatie zijn er binnenin het model spiegels aangebracht, zodat je, turend door de ramen, toch wat van het interieur kunt zien.

Het schitterende model maakt duidelijk waarom Wren zo teleurgesteld was: het is inderdaad jammer dat het derde ontwerp niet is uitgevoerd.

De entree van het model bij voorbeeld is door de kolossale Corinthische zuilen veel majestueuzer dan het enigszins weke portiek van de huidige kathedraal met zijn twee rijen dubbele zuilen boven elkaar. Maar de Anglicaanse geestelijken hadden bezwaar tegen het onorthodoxe ontwerp en wilden een traditionele kerk in de vorm van een Latijns kruis met zijbeuken. Wrens definitieve ontwerp uit 1675 kwam helemaal tegemoet aan hun eisen en in juli van hetzelfde jaar kon eindelijk met de bouw worden begonnen.

Het definitieve ontwerp betekende nog lang niet het einde van het verhaal over de bouw van de St. Paul's. In de zeventiende eeuw was het gewoonte om allerlei details pas tijdens de bouw te ontwerpen en de tientallen tekeningen waarin Wren en zijn assistenten naar de beste oplossingen zochten voor de vele kleinere problemen zijn zeker zo boeiend als de geschiedenis van de zeven ontwerpen.

Men omschrijft de klassieke bouwkunst vaak als een taal, waarvan de woorden (de zuilen, friezen, pedimenten, enzovoort) met inachtneming van de grammaticale regels steeds weer anders worden gerangschikt tot een nieuw geheel. Als je de tentoonstelling in de Royal Academy ziet, raak je bijna overtuigd van de juistheid van deze omschrijving.

Als een schrijver schaafde Wren aan de zinnen van zijn verhaal dat in de vorm van zijn zevende ontwerp in grote lijnen vaststond. Moest de muur worden voorzien van versieringen of was het mooier zonder? Werden de bovenste zuilen van de ingang nu Corinthisch of niet? En hoe moesten de twee torens aan de Westkant en de grote koepel er eigenlijk precies uitzien? Steeds weer bedacht Wren andere varianten. De definitieve beslissing over de koepel en de torens nam hij pas in 1704, toen de bouw al ver was gevorderd. De complexe torens werden de meest uitbundige onderdelen van de verder tamelijk sobere St Paul's, die toch bekend staat als een barokkerk. De koepel werd de meest ingenieuze constructie van de kerk en bestaat uit drie delen: een buitenste koepel van hout en lood, een binnenste koepel van steen, die veel lager is om te voorkomen dat het uitzicht van onderaf leek op dat in een schoorsteen, en tussen de twee koepels een kegel waarop de zware, stenen lantaarn rust.

Niet bekend

Zes jaar later werd hij benoemd tot Surveyor of His Majesty's Works en werd hij als belangrijkste architect van Engeland verantwoordelijk voor onder meer de herbouw van 52 kerken in Londen na The Great Fire.

Pas in 1673, toen hij dus al vijf jaar bezig was met de St. Paul's, gaf hij zijn wetenschappelijke werk helemaal op.

De voltooiing van de St. Paul's Cathedral bracht Wren weinig vreugde. In 1697 werd zijn salaris gehalveerd, omdat de opdrachtgevers de bouw te lang vonden duren. In de laatste jaren voor de voltooiing van de kerk in 1711 werd het werk hem steeds meer uit handen genomen. Hij moest tenslotte zelfs toestaan dat de buitenmuren tegen zijn zin werden voorzien van balustrades. “Vrouwen vinden niets goed zonder balustrade”, was de wat raadselachtige opmerking hierover van de toen 84-jarige architect. In 1716 trok Wren zich terug uit het architectenvak, zeven jaar later overleed hij. Hij werd begraven in de crypte van de St. Paul's. Op de muur boven zijn graf staat: “Lector si monumentum requiris circumspice (Lezer, als u een monument zoekt, kijk dan om u heen)”. En inderdaad, de St. Paul's blijft ondanks alle compromissen een indrukwekkend monument.