Vreemdelingen verbouwen de parochie

Na besturen onder leiding van 'Vader' Kieboom, Couwenberg, Van Zandvliet en weer Couwenberg wordt voorzitter Gerard Kerkum de tragische held in de historie van Feyenoord. Hij wordt weggemanoeuvreerd door de geldschieters, die 'het medium' Feyenoord overnemen. Laatste deel van een bestuurlijke geschiedenis.

ROTTERDAM, 12 april - Met vier bestuurscolleges in de Kuip was het aantal vergaderingen ontelbaar. Bij meer dan een bijeenkomst in het vergaderseizoen 1988-1989 zaten negentien parttime-bestuurders in de Olympiazaal, sommigen met dubbelfuncties. Ze wisten van elkaar nauwelijks van welk college ze nu deel uitmaakten. De meesten waren in hun bedrijven gewend in hun eentje beslissingen te nemen en nu zaten ze in het stroperige proces van collegiaal bestuur.

In het warnet van mensen met clubtraditie en mensen met geld bevond zich ook een lid van de raad van bestuur van het assurantieconcern Stad Rotterdam (omzet 2,5 miljard gulden), een van de sponsors. Deze mr. Carlo de de Swart had als achtjarig jongetje op Vak X Noord nog gekeken naar 'al die deftige heren op het ereterras', en hoorde er nu bij. In anderhalf jaar tijd was hij lid en voorzitter van de Beheerstichting en voorzitter van de stichting Feyenoord, het profbestuur. “Alles liep door elkaar. Als je met het bedrijfsleven moest praten over sponsoring, was volstrekt onduidelijk wie het aanspreekpunt was.”

In korte tijd zette de tandem Kraay-Van den Herik, algemeen directeur en president-commissaris van het stadion, zoveel kwaad bloed dat bestuurders hun gal begonnen te spuien in de plaatselijke kranten. Het bestuurlijk niveau was terug op het peil uit de tweede periode-Couwenberg (1979-1982). Opnieuw begonnen vergaderingen met het overleggen van krante-publicaties en de frase: “Wie heeft er nu weer geluld?” Op zeker moment keek Kraay onder de bestuurstafel of er geen microfoons waren aangebracht.

Multi-miljonair Van den Herik profileerde zich in de media als de tycoon van Feyenoord. De zelfstandig ondernemer uit Zwijndrecht, actief in dakbedekking en asfalthandel, schaarde zich openlijk in de rijen van Murdoch, Maxwell en Berlusconi. Van den Herik: “Ook ik ben gevoelig voor imago, en daardoor maakte ik fouten in de publiciteit.”

Wel slaagden Kraay en hij erin het computerbedrijf HCS uit 's-Hertogenbosch binnen te halen als hoofdsponsor. Hoewel Van den Herik had beloofd zich niet te bemoeien met het technisch beleid, regisseerde hij de verwijdering van trainer Rinus Israel, juist nadat diens contract met twee jaar was verlengd. Maar de komst van trainer Rob Jacobs bracht geen verbetering. Hij kon niet uit de voeten met Kraay en diens ongevraagde technische adviezen, terwijl de algemeen directeur wegens zijn gezondheid nog altijd niet de wedstrijden kon volgen.

Men was het bijna vergeten, maar Feyenoord beschikte nog steeds over een bestuur voor het betaald voetbal. Dit college had een hoog spek-en-bonen-gehalte gekregen. Kerkum: “Ik was alleen nog maar voorzitter in naam. Ik moest zelfs van anderen horen dat onze nieuwe sponsor in het stadion was geweest.” In het najaar van 1988 voelde hij zich opzij geschoven door zijn oude woestijnvriend Van den Herik.

Schrijvend aan zijn nieuwsjaarsrede, tijdens de kerstdagen, legde Kerkum de pen neer. “Ik kon dit niet meer verkopen. Ik geloofde niet in al die mooie verhalen, dat Feyenoord wel voor 25 miljoen aan nieuwe sponsors zou binnenhalen.” Zo was Kerkum, de tragische held uit de geschiedenis, de laatste echte Feyenoorder, aan de kant gezet door Het Geld. De kroonprins van Kieboom abdiceerde.

Nu naderden enkele smeulende lonten tegelijk het kruitvat: het wantrouwen van de amateurs jegens de nieuwe bewindvoerders zonder Feyenoord-traditie, de invloed van de geldschieters, de verziekte persoonlijke verhoudingen en de malaise op het veld. Door het ontbreken van een vaste dagelijkse leiding met een professionele staf en de late komst van sponsors liep Feyenoord achter op de eisen die aan een modern voetbalbedrijf worden gesteld. De nieuwe bestuurders waren bezig aan een overspannen inhaalmanoeuvre in een organisatorisch vacuum.

Een eerste ontploffing volgde op een conflict over het aantrekken van Rinus Michels als technisch directeur en over de toekomstige relatie tussen Kraay en Michels. Kraay stapte gepikeerd op als algemeen directeur en na een mager begin van het seizoen ook als directeur van het stadion. De commissarissen van het stadion wilden hun president, Van den Herik, eveneens afvoeren, maar deze bleef zitten.

In de kluwen van komende en gaande bestuurders zag niemand meer een uitweg. Ten einde raad kondigde de Bestuursgroep, een fris vijfde college 'van wijze mannen', een grote schoonmaak aan. Deze groep was samengesteld uit de vier overige besturen. Binnen tien dagen was de tweede, onvermijdelijke explosie te horen. Het multi-inzetbare bestuurslid De Swart constateerde in een brief van 28 september 1989 dat sponsor HCS op eigen initiatief bezig was een manager en spelers aan te trekken. “Het is voor mij onaanvaardbaar dat ik als zogenaamde spreekbuis in de krant moet lezen waar wij nu weer mee bezig zijn. Ik wens in deze niet de risee van Feyenoord te worden.”

Enige dagen later volgde zijn ontslagbrief aan de collega-bestuurders: “Door enige heren binnen de Feyenoord-gelederen worden normen van moraal en fatsoen gehanteerd die niet de mijne zijn. Doorgaan bij Feyenoord zou voor mij statusverlagend zijn.”

Uit de stofwolken kwam Joop van der Reijden tevoorschijn, always where the action is. De oud-staatssecretaris en toenmalig voorzitter van de NOS kreeg het verzoek als interim-manager een algehele reconstructie van de club door te voeren. Hij formeerde een commissie, met een adviseur van Opel en een fiscaal jurist van HCS. De commissie stuitte op acute betalingsproblemen en onduidelijke dwarsverbanden tussen stichting en stadion. In een accountantsrapport van 13 november 1989 kwam de schade van tien jaar reddingswerk naar boven: een tekort van 3,8 miljoen gulden bij het stadion en 3,7 miljoen bij de stichting.

Het verlies op verkochte spelers vanaf 1978 bedroeg ongeveer negen miljoen gulden.

De commissie beperkte zich door de tijd gedwongen tot 'vereenvoudigingen en verduidelijkingen' in de organisatie. De inmiddels demissionaire colleges werden opgeheven of van elkaar gescheiden, de besturen ingekrompen, dubbelfuncties afgeschaft. Het stadion kwam, als eigendom van de amateurclub, los van de stichting betaald voetbal te staan. De Kuip moest zelfstandig worden, stelde Van der Reijden: “Alleen met die ene activiteit, het voetbal, is het stadion niet renderend te maken.”

De amateurs weigerden in een laatste tumultueuze vergadering akkoord te gaan met een hypotheek van zes miljoen gulden op het stadion. Zij wilden de put van de profclub niet meer dempen. Wat in 1978 nog ondenkbaar was, gebeurde nu bijna ongemerkt: de banden tussen Varkenoord en 'De Overkant' werden doorgeknipt. De amateurs waren voorgoed amateurs.

De profclub ging door met nieuwe mensen zonder Feyenoord-verleden, aangezocht door Van der Reijden. Vreemdelingen regeerden definitief in de Kuip. Organisatie-adviseur drs. Martin Snoeck, oud-profvoetballer met ervaring in voetbalorganisaties, kreeg voor een jaarsalaris tussen vier en vijf ton ('inclusief kosten') de leiding. Voorzitter van het bestuur werd Amandus Lundqvist, lid van de hoofddirectie van IBM, gesecondeerd door dr. George de Jong, organisatie-adviseur en oud-bestuurslid van FC Den Haag. Feyenoord was geen club meer, maar een belegging van sponsors en financiers.

Het gaat op dit moment te ver te zeggen dat het heeft geholpen. In het afgelopen jaar kwamen en gingen spelers in het vertrouwde tempo. De trainers Bengtsson en Verbeek werden wegens onvoldoende prestaties ontslagen. Technisch adviseur Ger Lagendijk verdween naar de achtergrond. Een nieuwe 'Mister Feyenoord', Wim Jansen, keerde terug als trainer - op voorspraak van Varkenoord. De amateurs, die met de profs een contract over de jeugdopleiding hebben gesloten, beschikken nog over vaste plaatsen op het ereterras. De Koffiekamer zit nog steeds vol. Het nieuwe bestuur, dat zelf bestuursleden kiest en geen toezichthouders heeft, overwoog door de slechte resultaten al weer af te treden - net terwijl men begonnen was een 'apparaat' op te zetten met medewerkers voor onder meer commerciele taken. En nog een keer veerde de bestuurlijke trampoline: Jorien van den Herik, die Feyenoord zo'n 2,5 miljoen gulden heeft geleend voor spelersaankopen, kwam terug in het bestuur.

De nieuwe bestuurslijn bestaat uit drie sleutelwoorden: 'rust, rust en nog eens rust'. De nieuwe redder uit drie letters: HCS. Zonder het automatiseringsbedrijf, geleid door PSV-supporter Huub van den Boogaard, had Feyenoord niet eens kunnen deelnemen aan de competitie.

HCS, dat ook een bestuurspost kreeg, heeft zich samen met Van den Herik garant gesteld voor het exploitatietekort van dit seizoen en mogelijk de komende jaren. Zelf raamt HCS - shirtsponsor tot en met 1994 - de bijdrage tot nu toe op 5,5 miljoen gulden, anderen binnen Feyenoord houden het op circa vijftien miljoen.

Feyenoord is voor HCS-directeur Van den Boogaard 'een medium'. Dank zij de perikelen is de naamsbekendheid van zijn bedrijf blijkens een onderzoek van vier naar twintig procent gestegen. “In wezen is het voor mij niet zo belangrijk wat Feyenoord op de ranglijst doet.”

Bij een verzoeningsbijeenkomst in het restaurant van de Euromast kwamen onlangs tientallen oud-bestuursleden met een gemengd sentiment van opluchting en heimwee. Gerard Kerkum was er niet.

Oud-bestuurder Aad van der Laan is terug waar hij begon, op Varkenoord. Nooit hoort hij meer supporters schreeuwen: “Van der Laan, je gaat eraan!” Als voorzitter van de amateurs kijkt hij naar een wedstrijdje van de junioren en loopt hij op zondagmiddag de polonaise in de kantine. Feyenoord 1 ziet hij 's avonds op televisie meestal verliezen. “Ik kom er niet meer terug als bestuurder.

Jamais.” Maar oud-voorzitter Guus Couwenberg, na drie hersenbloedingen een wankelende reus met een witte haardos en priemende ogen die bijna niets meer zien, zegt: “Als ik goed was, zou ik er nog willen zitten”.

foto: 24 april 1988, Feyenoord-Ajax: 1-3. Drie oud-spelers van Feyenoord 1 in een nieuwe rol. Van links naar rechts: Cor Veldhoen, bestuurslid van de stichting Feyenoord (het profbestuur), algemeen directeur Hans Kraay en Gerard Kerkum, voorzitter van het bestuur van de stichting Feyenoord. (Foto NRC Handelsblad- Chris de Jongh)