Ter Beek moet Defensie weer verdedigen

DEN HAAG, 12 april - Opgewekt terug van een dienstreis in Egypte deze week moet minister Ter Beek van Defensie vanmiddag opnieuw de degens kruisen met partijgenoten. Tegelijkertijd moet hij de onrust sussen op zijn ministerie over verdere bezuinigingen. Minister Kok van financien wil dat op Defensie twee procent extra wordt bezuinigd. De prijscompensatie bij aanschaf van nieuw materieel dient te vervallen. De fractie van de Partij van Arbeid in de Tweede Kamer is het op voorhand met Kok eens.

Het voorstel van Kok in de kaderbrief om in 1992 in het totaal 3,6 miljard op overheidsuitgaven te bezuinigen komt op een moment dat de Defensienota, de toekomstvisie voor de lange termijn, nog in de Tweede Kamer moet worden behandeld. De Kamer had aangedrongen dat de plannen voor de verkleining en de aanpassing van de krijgsmacht in de jaren negentig voor 15 februari zouden verschijnen. Ter Beek kwam drie weken later met zijn nota nadat hij nieuwe bezuinigingen op Defensie had laten doorberekenen. De plannetjes voor aanpassing van de landmacht behoefden niet te sneuvelen. De Kamer op haar beurt, ondanks de haast die volgens haar geboden was, wacht nu tot de tweede week van juni met de behandeling van de voorstellen.

In de nota wordt aangekondigd dat de landmacht versneld moet inkrimpen en bij Defensie in de komende tien jaar 40.000 dienstplichtigen, burgers en beroepsmilitairen minder nodig zijn op een bestand van 125.000. De zekerheid dat die operatie kan slagen zonder gedwongen ontslagen geeft minister Ter Beek niet meer. Op dit moment worden harde onderhandelingen met de vakbonden gevoerd en tegelijkertijd wordt Defensie overvallen door nieuwe bezuinigingen.

Staatssecretaris Van Voorst tot Voorst, belast met materieel op Defensie, noemt de nieuwe aanslag op de Defensiebegroting “onverantwoord”. Maar het PvdA-Kamerlid Melkert zegt hierover: “Defensie kan geen uitzondering worden bij bezuinigingen. Als Van Voorst dat wil zit hij fout.” Ter Beek heeft in het eerste jaar van zijn ministersschap veel over zijn schouder gekeken naar de PvdA-fractie in de Tweede Kamer en terdege met hun wensen rekening gehouden. Na zijn ziekte eerder dit jaar kondigde hij aan als een veldheer zijn Defensienota te gaan verdedigen, zowel in zijn eigen partij als in de kazernes.

Generaals en admiraals kregen de waarschuwing dat zij en hun ondergeschikten wat minder snel in het openbaar met nieuwe wensen moesten komen omdat hij, Ter Beek, erin was geslaagd een aantal nieuwe plannen toch te laten doorgaan. Er waren ook in de toekomst “ruim voldoende toys voor de boys.”

Maar als de nieuwe bezuinigingen op Defensie doorgaan (in totaal nu vier procent cumulatief bezuinigen tot 1995) kan Ter Beek de aanschaf voor de uitrusting van een op te richten luchtmobiele brigade voorlopig wel vergeten. De verkleining van het leger gaat dan door, maar de aanpassing van de krijgsmacht aan de nieuwe omstandigheden moet dan worden uitgesteld. De toekomstige inzet binnen en buiten het NAVO-verdragsgebied wordt volgens defensie-experts dan bemoeilijkt.

Een luchtmobiele brigade, die in totaal zo'n vijf miljard gulden kost, valt dan niet te financieren.

Al bij de presentatie van de Defensienota vroegen Kamerleden zich af of niet meer kan worden samengewerkt met Europese bondgenoten, zodat niet alle middelen voor zo'n brigade door Nederland alleen moeten worden aangeschaft. Het antwoord was toen dat voorlopig bepaalde transportcapaciteit voor de brigade kan worden gehuurd.

Gisteren moest minister Van den Broek van buitenlandse zaken, die zich verzet tegen verdere besparingen op Defensie en zich daarvoor krachtiger inspant dan Ter Beek, tijdens een debat over de situatie in Irak in de Tweede Kamer al enigszins deemoedig verklaren dat Nederland niet aan een verzoek van de Westeuropese Unie kan voldoen.

Luchttransport verzorgen voor de noodhulp aan de Koerden kan Den Haag niet. Nederland heeft transporthelikopters noch grote vrachtvliegtuigen.