ZHU RONGJI; 'China's Gorbatsjov'

PEKING, 11 april - De scheidende burgemeester van Shanghai en nieuwe Chinese vice-premier Zhu Rongji heeft aan een ding een hekel: zich door de buitenlandse media laten doorzagen over China's kwalijke staat van dienst op het gebied van de mensenrechten.

Niet alleen omdat het zijn speciale verantwoordelijkheid niet is, als hij de verwerpelijke cliches van premier Li Peng op dit gebied herkauwt, verloochent hij zichzelf en als hij zijn eigen genuanceerdere visie presenteert, brengt hij zichzelf in politieke moeilijkheden.

Mede daarom wees hij voor zijn vertrek naar Europa verzoeken om interviews van in Peking gestationeerde Europese journalisten af en ook in Italie en Nederland heeft hij de media tot dusver ontlopen. Zhu was tot nu toe een relatief lage figuur in de Chinese hierarchie.

Hij is slechts een van de 110 plaatsvervangende leden van het Centraal Comite, die in rang volgen op de 175 volle leden. De algemene verwachting is dat hij op het volgende partijcongres of plenum van het Centraal Comite lid van het twintig man tellende Politburo en wellicht het Permanente Comite van zes zal worden en dat hij Li Peng binnen twee jaar zal opvolgen. Maar als hij die klim succesvol wil maken, moet hij zeer discreet opereren.

China is geen Sovjet-Unie waar je kunt scoren met het uitrangeren van oude mannen en behendige demagogie in een openbare machtsstrijd.

Chinese politieke carrieres worden bepaald door (schijn-) gehoorzaamheid aan stokoude despoten en door paleissamenzweringen. Zhu heeft die lessen pas laat geleerd. In tegenstelling tot de meeste van China's toenmalige 'revisionisten' die pas tijdens de Culturele Revolutie in 1966 in ongenade vielen, werd aankomend hoofdingenieur Zhu al in 1957 als 'rechts element' op een zijspoor gezet. Pas tijdens de rehabilitatie-golf van 1979 kreeg hij weer een functie van enig niveau, namelijk adjunct-directeur bij de Staatscommissie voor de Economie.

In 1987 werd hij tweede secretaris van het partijcomite van Shanghai en in 1988 volgde zijn benoeming tot burgemeester. Wat hem weergaloze populariteit bezorgde was, dat hij er in mei-juni 1989 in slaagde de studentenrebellie in Shanghai te sussen zonder militair ingrijpen.

Ondanks zijn grote verdiensten in het verjongen en efficienter maken van het linkse, zelfgenoegzame bureaucratische apparaat in de vervallen 12 miljoen inwoners tellende havenstad, zijn zijn marges op breder bestuurlijk vlak smal gebleken. Na 40 jaar communisme zijn intellectuelen in China de minst bedeelde stedelingen.

Eind vorig jaar verzochten de gezamenlijke professoren van Shanghai's leidende Fudan Universiteit om installatie van gas in hun huizen. De burgemeester beloofde dat onmiddellijk, ongeacht de kosten. De volgende dag begonnen honderden vrouwen voor het stadhuis een dagenlange demonstratie. De helft van Shanghai's 2,5 miljoen gezinnen kookt nog steeds op kolenfornuisjes. De vrouwen eisten ook gas.

Zhu werd gedwongen het voorkeursplan voor de professoren op de lange baan te schuiven, maar een paar maanden later toonde hij weer duidelijk waar hij stond. Op 12 februari, de dag dat er in Peking vonnissen van 13 jaar werden uitgedeeld aan twee leidende dissidenten, werden in Shanghai de gedetineerde journalist Zhang Weiguo en studentenleider Yang Wei vrijgelaten. Asian Research, het blad van Credit Lyonnais Securities in Hongkong noemde Zhu Rongji een jaar geleden 'China's Gorbatsjov'. “Als ik vandaag de Gorbatsjov van China was, zou ik een hoop ellende hebben”, zei Zhu onlangs tegen buitenlandse zakenlieden.

    • Willem van Kemenade