Textielgroep hoeft geen 'adelaar' te zijn

ALMELO, 11 APRIL. De enige mode waaraan drs. R.M.A. van den Ouweelen, algemeen directeur van de Textielgroep Twenthe, wil meedoen, is die in badkleding, beddegoed en ander textiel. Groter worden door bedrijven over te nemen, hoeft van hem niet. “Als je niet acquireert, schijn je geen ondernemer te zijn. Maar parkieten kunnen ook leven. Je hoeft geen adelaar te zijn.”

Van den Ouweelen blikte gisteren tevreden terug op een “goed jaar”, waarin de omzet van zijn Textielgroep met 11 procent toenam tot 143,5 miljoen gulden en zijn winst van 2,5 miljoen tot 3,8 miljoen steeg.

Vooral de groei van de omzet, die jarenlang tegen de 130 miljoen aanhikte, deed hem deugd. Voor dit jaar voorspelt de Textielgroep “zonder voorbehoud” opnieuw groei van omzet en winst. Ze verhoogt het dividend over 1990 van 2 naar 3 gulden per aandeel.

Van den Ouweelens terughoudendheid tegenover overnemingen valt moeiteloos terug te voeren op vergeefse acquisitiepogingen in het afgelopen jaar en de overtuiging dat zijn bedrijf in staat is op eigen kracht voor betere resultaten te zorgen.

Vorig jaar nog meldde de Almelose onderneming via overneming van bedrijven in de textiel- en confectienijverheid de omzet te willen vergroten. Dat lukte niet, omdat kandidaten “qua mentaliteit en structuur” niet bij de groep zouden passen. De Textielgroep kan nu “in principe zelfstandig groeien” en voert dan ook geen gesprekken over overnemingen, aldus Van den Ouweelen. “Dat is ook de goedkoopste groei.” Dat omzetgroei noodzakelijk is, staat volgens hem wel vast.

“Dan heb je een betere dekking van je vaste kosten.” De Textielgroep Twenthe is een beursgenoteerde structuurvennootschap met zes werkmaatschappijen. Dat zijn Damai te Hengelo, fabrikant van 'bedmode', Wisselink's Textielfabrieken in Aalten (onder meer technisch textiel, tent- en vlaggedoek), De Gunne te Weeerselo (tuinkussens), Koala Body-Fashion (ondergoed) en de textieldrukkerijen Stilo Print in Tilburg en Swinkels Interior Textiles in Bree (Belgie) en Veldhoven. Samen bieden ze ruim 500 arbeidsplaatsen.

De Textielgroep Twenthe is de laatste jaren vooral bezig geweest het produktie-apparaat te moderniseren en de logistiek te verbeteren.

Vorig jaar werd daarvoor 5,7 miljoen gulden geinvesteerd, dit jaar zal het zo'n 8 miljoen zijn. De bedoeling van de aanpassingen is zo flexibel mogelijk te kunnen inspelen op snel wisselende modetrends. In die bedoeling lijkt de groep te slagen; alle werkmaatschappijen boekten vorig jaar omzetgroei. Zelfs Wisselink, sinds 1981 in de rode cijfers, toont dit jaar een positief bedrijfsresultaat.

Van den Ouweelen hecht aan kleine, wendbare bedrijven met grote zelfstandigheid, die razendsnel in staat zijn duidelijk onderscheiden marktniches te bedienen. Tegen de massaconfectie uit lage-lonenlanden valt alleen te concurreren met hoogwaardige, snel leverbare produkten die hoge marges garanderen. Korte aan- en afvoerlijnen zijn daarbij noodzaak, aldus Van den Ouweelen, evenals een markt met een constante koopkracht - “West-Europa dus”.

Die overtuiging kan een verklaring zijn voor de hardnekkige - en door betrokkenen ontkende - geruchten dat de Amsterdamse beleggingsmaatschappij Modalfa, voor 64 procent eigenaar van de Textielgroep, haar belang wil verkopen. De door Modalfa bij de Textielgroep geparachuteerde commissaris J.H. Bollen zei eerder de onderneming te zien als kern van een groot Europees textielbedrijf.

Van den Ouweelen zit duidelijk op een ander spoor. “Ik heb die fixatie op '1993' of een omzet van 500 miljoen gulden niet zo.”

Selectiviteit is het sleutelwoord: “Ik geloof niet in synergie of marktaandeel”.

De Zwitserse textielindustrie is hem daarbij een voorbeeld - peperduur, maar toch een netto-exporteur van textiel. “Dat doemdenken over textiel is belachelijk”, aldus Van den Ouweelen. “Wie na twintig jaar nog over grondstofprijzen en loonkosten praat, kan beter begrafenisondernemer worden.”

Hij wees daarbij ook naar de Nederlandse branchegenoten Gamma Holding en Blydenstein-Willink, die over 1990 eveneens sterke verbeteringen van de winst hebben gemeld. Door specialisatie is goud te verdienen in de textielconfectie, meent Van den Ouweelen. “Door de bank genomen kunnen textielbedrijven meer winst maken dan het gemiddelde high tech-bedrijf.”

Wat dat betreft heeft de Textielgroep Twenthe nog veel waar te maken. De winst steekt, ondanks de groei van 63 procent in 1989 en 52 procent vorig jaar, nog schamel af bij de omzet. Van den Ouweelen wilde zich niet vastleggen op beoogde groeipercentages. “We leggen de lat telkens een stukje hoger.”