Hanengevechten in wegrestaurant

S'en fout la mort. Regie: Claire Denis. Met: Isaach de Bankole, Alex Descas, Solveig Dommartin, Jean-Claude Brialy. Amsterdam, Desmet; Utrecht, 't Hoogt; Nijmegen, De Marienburg.

Na de sloop van de Parijse Hallen is de fouragering van de stad verplaatst naar Rungis, een spookstad van beton, staal en plastic bij het vliegveld Orly. Het leven begint er rond middernacht, dan gaan de restaurants open, er wordt gewerkt en gegeten door anonieme mensen uit alle delen van de wereld en om twaalf uur 's middags gaat de stad weer slapen. In Rungis, vlak naast de autoroute, staat ook een motel, waar niet eens meer een receptionist werkt; men verkrijgt daar een kamer door zijn credit card in een gleuf naast de voordeur te steken.

In dit decor situeerde Claire Denis haar tweede speelfilm, S'en fout la mort, die imponeert door de woordloze tederheid in de vriendschap tussen twee zwarte mannen. De ene, Dah (Isaach de Bankole) is een Afrikaan, hij komt uit Benin en treedt als verteller op; de ander heet Jocelyn (Alex Descas) en is een Antilliaan, die zich heeft gespecialiseerd in het trainen van hanen voor de gevechten, die door een botte blanke ondernemer (Jean-Claude Brialy) georganiseerd worden in het souterrain van een wegrestaurant. Er werkt ook een leliewitte serveerster (Solveig Dommartin), wier interventie in de gesloten en volmaakte gemeenschap van zwarte mannen en hanen de ondergang van een van hen zal inleiden.

Denis, een voormalige assistente van Wenders, Jarmusch en Rivette, groeide op als Franse blanke in West-Afrika. Haar eerste film, Chocolat, verwerkte jeugdherinneringen aan de koloniale verhoudingen tot een knap gemaakte, maar moralistische en beschuldigende film over zwart en wit. Na een muziekdocumentaire over de Kameroense groep Tetes brulees (No Man Run), heeft ze haar stellingen aan de wilgen gehangen en een heel ander soort film gemaakt over haar liefde voor de zwarte wereld. Het uitgangspunt was de werkelijke vriendschap tussen de acteurs De Bankole en Descas; de hanen kwamen er later bij, omdat die een belangrijke rol spelen in de Antilliaanse cultuur en omdat ze een symbool zijn van de tedere wreedheid die ze wilde beschrijven. Want niet alleen is de verhouding tussen de beide hoofdrolspelers van een unieke vanzelfsprekendheid, ook tussen mens en dier gebeuren er dingen die je zelden in een film tegenkomt. Het trainen van de hanen bestaat ook uit strelen, ze met onnavolgbare bewegingen even in de lucht werpen en het liefderijk klaar maken van speciaal dieetvoer; Jocelyn proeft er eerst zelf van voordat hij het zijn favoriete haan geeft.

Die heet S'en fout la mort, en is om de dooie dood niet bang. Belangrijker in die naam is de bezweringsformule, dat het niet erg is om te sterven, zelfs niet om afgericht te worden voor een gevecht op leven en dood, als dat uit liefde gebeurt.

Denis' film heeft een in de Franse cinema al helemaal ongebruikelijke stijl, met een schoudercamera en een minimum aan dialoog. Alles wat er gebeurt tussen de mannen en hun hanen ademt dezelfde laconieke warmte.

Soms grenst de stijl aan die van een documentaire, maar dan wel een die weet te kiezen en uit te benen. Helaas is iets van de schematische bewijsdrift van Denis' eerste film toch nog terug te vinden in S'en fout la mort, met name in de wat simpele tegenstelling met de blanke hanenbaas Brialy en de wat al te eenduidige indringster. Het is helemaal niet nodig om de beslotenheid en intimiteit van de zwarte wereld te laten contrasteren met de geborneerdheid van de blanken. En de erotische gefixeerdheid van het personage van Dommartin op het glimmende lijf van Descas, die ze dan ook nog eens benadert via zijn haan, riekt iets te veel naar cliche's over zwarte potentie.

Aan het slot van haar film lijkt Denis haar controle en discretie kwijt te raken. Er wordt te veel afgerekend en opgelost, zodat de licht ongrijpbare, magische kracht van de film, vooral van de eerste minuten, wanneer de beide mannen zichzelf voorstellen als schaduwen in de nacht, bijna totaal te niet wordt gedaan. Toch is Claire Denis beslist een van de meest interessante nieuwe Franse filmers, en wellicht de enige die zich niet laat meeslepen door rationaliteit en verbale krachtpatserij enerzijds of de glanzende buitenkant van videoclip- en reclame-idioom anderzijds. Ze verraadt regelmatig over een zuivere blik te beschikken, die ruimte laat voor de kracht van acteurs, lokaties en wat Bazin ooit 'de schrijvende camera' noemde.

    • Hans Beerekamp