Valsemunters zitten liefde voor Akihiti in de weg

TOKIO, 10 APRIL. De belangstelling van het Japanse publiek voor de herdenkingsmunten die de centrale bank van Japan vandaag heeft uitgegeven ter ere van de troonsbestijging van keizer Akihito, is niet erg groot. Dat is geen gevolg van tanende liefde van de Japanners voor hun keizer, maar is eerder veroorzaakt door een bizar valsemunters schandaal dat een schaduw heeft geworpen op de vorige serie herdenkingsmunten die vijf jaar geleden is uitgegeven ter viering van keizer Hirohito's zestigste jaar op de troon.

Deze uitgifte leek in eerste instantie een geniale zet van de Japanse autoriteiten. De import van de 300 ton goud die hiervoor nodig was, flatteerde de handelsbalans met de VS doordat alle goud via New York werd ingevoerd. Alsof dit nog niet mooi genoeg was, maakte de Japanse centrale bank ook nog eens 600 miljard yen winst met de verkoop van de munten, omdat de goudwaarde van de munt - met twintig gram rond de 40.000 yen (vijfhonderd gulden) - slechts veertig procent bedroeg van de nominale waarde van de munt, namelijk 10.000 yen. Er zijn 11 miljoen exemplaren van gemunt, dus van exclusiviteitswaarde is geen sprake.

De keerzijde van deze construktie is dat de munt een aantrekkelijk doelwit vormt voor valsemunters. Door de discrepantie in de goudwaarde en de nominale waarde loont het de moeite om puur gouden imitaties te maken. Die kunnen immers bij de Japanse centrale bank worden ingeruild tegen ruim hun dubbele waarde in contanten.

Volgens de Japanse politie is dit ook inderdaad gebeurd. Niets minder dan een internationaal crimineel netwerk, waar zowel valsemunters uit het Midden-Oosten als de internationale munthandel bij zijn betrokken, zou erop uit zijn Japan schade te berokkenen. De politie stelt dat er inmiddels 107.000 valse munten het land zijn ingesmokkeld. Daarvan zijn er 85.000 verzilverd door de Japanse centrale bank voordat het misdrijf werd ontdekt. De laatste 22.000 zijn door de politie in beslag genomen “voor nader onderzoek”.

Dat is inmiddels ruim veertien maanden geleden en nog steeds heeft de politie geen spoor van de daders gevonden. Evenmin is onechtheid van de munten aangetoond. Dit tot grote ergernis van de Britse munthandelaar Paul Davies, die een smetteloze reputatie zag bezoedeld toen 4000 van zijn Hirohito-munten werden geconfisceerd zonder dat hij er zelfs maar een recuutje van heeft gekregen. Alsof het nog niet erg genoeg was dat geheel onrechtmatig en zonder reden - aldus Davies - 400 miljoen yen aan kapitaal werd bevroren, heeft de Japanse centrale bank hem schrik aangejaagd met de suggestie hem zijn gouden munten omgesmolten terug te geven. Dat zou voor hem een kapitaalvernietinging van 60 procent betekenen.

Davies heeft sterke argumenten om het valsemunters-verhaal van de Japanse politie ontzenuwen. Om te beginnen zou zo'n komplot een enorme investering, vergen, omdat de imitaties van hetzelfde pure goudgehalte zijn als de originelen. Bovendien is een grote technische vaardigheid vereist, die dermate zeldzaam is dat de operatie eigenlijk onmogelijk onopgemerkt uitgevoerd kon worden. De door de Japanse politie als imitatie aangemerkte munten zijn namelijk zo echt, dat Davies 37.695 van de nu verdachte munten probleemloos te gelde kan maken. Blijft de vraag waarom de Japanse autoriteiten met het valsemunters-verhaal op de proppen zijn gekomen.

Davies maakt het mysterie nog smeuiger door te suggereren dat een grote partij munten is verscheept naar het een land in het Midden-Oosten waaraan Japan iets had te danken, een handige betalingswijze die niet in de statistieken is terug te vinden. Het valsemunters-verhaal zou helpen deze onoirbare transactie te verhullen.

Om herhaling van een dergelijk schandaal - als het er al een is - te voorkomen, heeft de keizer Akihito langer op zijn gelegenheidsmunt moeten wachten dan gepland. Na rijp beraad is besloten de munt toch uit te geven, maar het ontwerp is extra verfijnd. Bovendien is er dertig gram goud in verwerkt in plaats van de oorspronkelijk geraamde twintig. Daarmee zijn de munten - die een goudwaarde hebben van 60.000 yen en een nominale waarde van 100.000 yen - overigens nog steeds een aantrekkelijk object voor kapitaalkrachtige, technisch goed onderlegde valsemunters met de beschikking over een betrouwbaar afzetnetwerk.

    • Elbrich Fennema