Mogelijk toch magneetkaart in openbaar vervoer

DEN HAAG, 10 april - Minister Maij-Weggen (verkeer) hoopt dat een proef met automatische betaling in het stadsvervoer in Rotterdam alsnog tot landelijke invoering van een magneetkaart of iets soortgelijks in het openbaar vervoer kan leiden.

Dit liet de minister gisteren in een overleg met de Tweede Kamer weten. De proef bij het Rotterdamse vervoersbedrijf RET begint in de loop van 1992 en zal gedurende een jaar op lijn 2 van de tram (Rotterdam-Zuid) worden uitgevoerd. Passagiers kunnen een chipkaart gebruiken die ze zowel bij het instappen als het uitstappen door een automaat halen. De kosten van de rit worden dan van de kaart afgeboekt. Op die manier krijgt de RET bovendien informatie over de ritten die trampassagiers maken.

Het Rotterdamse bedrijf krijgt voor dit experiment 7,4 miljoen gulden subsidie van het ministerie van verkeer en waterstaat en voert het samen met het elektronicabedrijf Siemens uit. Aan dit bedrijf zit het ministerie tot 1994 nog met handen en voeten gebonden, nadat minister Smit-Kroes in 1989 het project voor de magneetkaart had afgeblazen.

Deze kaart zou in 1992 ter vervanging van de landelijke strippenkaart worden ingevoerd.

De voorbereidingen liepen op een dusdanig fiasco uit, dat de toenmalige minister besloot van de magneetkaart af te zien. De voorbereidingen kostten de staat zo'n 2 miljoen gulden, terwijl Siemens met een schadeclaim dreigde. Het contract met het bedrijf loopt tot 1994 nog door. De minister moet Siemens in die periode bij eventuele ontwikkelingen die alsnog tot een magneetkaart of chipkaart in het openbaar vervoer kunnen leiden, betrekken.

Het Tweede-Kamerlid Koetje (CDA) noemde de magneetkaart gisteren “een klassieker onder de mislukte automatiseringsprojecten”. Maij-Weggen weet de sof aan het feit dat in de loop der jaren steeds meer eisen aan de magneetkaart werden gesteld, waardoor het voor Siemens steeds lastiger werd. De openbaar-vervoerbedrijven wilden zich er bovendien niet aan binden. “Men had het beter eenvoudig kunnen houden, dan had de Nederlandse burger een praktische magneetkaart gehad.” Het dossier hierover dat de minister van haar voorgangster had gekregen “wens je je collega's niet toe”, aldus Maij-Weggen.

De Tweede Kamer is van mening dat een magneetkaart of iets wat erop lijkt, ook in Nederland moet kunnen worden ingevoerd. “Het moet mogelijk zijn tot een systeem te komen dat technologisch verder is dan de strippenkaart”, zei Castricum (PvdA).