'EG mengt zich teveel in mediabeleid'

DEN HAAG, 10 april - De Europese Commissie, het dagelijks bestuur van de EG, moet zich niet te veel mengen in het mediabeleid van de EG-lidstaten. Minister d'Ancona (WVC) zei dat vanochtend bij de opening van een vergadering van de Europese omroeporganisatie EBU in Vredespaleis in Den Haag.

De minister wees er op dat het EG-verdrag niets over cultuur zegt, dus ook niet over televisie. Desondanks mag als gevolg van rechterlijke uitspraken het uitzenden van tv-programma's worden aangemerkt als het aanbieden van diensten en die vallen weer wel onder het EG-verdrag.

Dat gaf de Europese Commissie de gelegenheid activiteiten op het gebied van televisie te ontwikkelen. Die toenemende bemoeienis van de commissie, die vooral steeds meer door het publieke omroepbestel wordt gevoeld, baart d'Ancona zorgen.

Als een onderdeel van taalbeleid mogen EG-lidstaten tv-zenders binnen hun grenzen aan strengere regels onderwerpen, zei d'Ancona. Dat is een gevolg van een EG-richtlijn die bepaalt dat autonome culturele ontwikkelingen in de lidstaten en het behoud van een culturele pluriformiteit in de EG mogelijk moet blijven. Deze richtlijn, 'Televisie zonder grenzen', biedt volgens d'Ancona dus mogelijkheden om een eigen cultuurpolitiek te voeren.

Omdat subsidie een instrument is om cultuurpolitiek te bedrijven, moet financiele overheidssteun aan de nationale cultuur niet worden getoetst aan de Europese regels voor vrije concurrentie, aldus de minister. Om de “bestaande culturele waarden” binnen de lidstaten te behouden, dient er in het EG-verdrag een cultuurparagraaf opgenomen te worden. Vanochtend kondigde d'Ancona aan dat zij daartoe een voorstel aan haar collega's zal voorleggen zodra Nederland, op 1 juli, het EG-voorzitterschap van Luxemburg overneemt.