Studie naar effect van groeihormonen op kind

ROTTERDAM, 9 april - Het Rotterdamse Sophia Kinderziekenhuis, onderdeel van het Academisch Ziekenhuis Dijkzigt, begint in mei aan een langdurig onderzoek naar het effect van groeihormonen bij kleine kinderen.

Bij de proef betrokken zijn de kinderafdelingen van de academische ziekenhuis in Rotterdam, Utrecht, Amsterdam (VU) en Leiden. Negentig kinderen die in behandeling zijn bij endocrinologen en kinderartsen van deze ziekenhuizen worden betrokken in het onderzoek, dat wordt gefinancierd door de farmaceutische industrie.

De kinderen waren bij hun geboorte te klein, een achterstand die ze voor hun derde jaar niet hebben ingehaald. Ongeveer 85 procent van de kinderen die bij hun geboorte te klein zijn maakt die achterstand wel goed in drie jaar. De behandeling richt zich op meisjes tussen drie en negen jaar, en jongens van drie tot elf jaar. De behandeling wordt bij succes voortgezet tot ze op hun vijftiende of achttiende de gewone lichaamslengte hebben bereikt.

De onderzoekers verwachten niet te worden geconfronteerd met onverwachte bijwerkingen, omdat het om een bio-synthetische hormoon gaat dat precies hetzelfde is als de lichaamseigen stof.

Behandeling met groeihormonen uit klieren van overledenen (hypofyse) was tot een aantal jaren terug gebruikelijk, maar daaraan was een zo groot tekort dat alleen kinderen met extreme groeistoornissen ermee konden worden behandeld. Toen een onvoldoende gezuiverde serie van het hormoon ernstige infecties veroorzaakte is de behandeling in de hele wereld een jaar stopgezet.

Het onderzoeksprotocol is reeds goedgekeurd door de Groeistichting en de ethische commissie van het Sophia Ziekenhuis. De ethische commissies van de andere ziekenhuizen moeten zich er nog over uitspreken, maar de Rotterdamse kinderarts A. Hokken-Koelenga verwacht niet dat zich daarbij problemen zullen voordoen.