Reinaert de Vos als opera voor de jeugd

Familievoorstelling: Reinaert de Vos door Opera SKON. Muziek: Ruud Bos; tekst: Ernst van Altena; muzikale leiding: Hans van den Hombergh; regie: Ab Heijdens; decor, kostuums, maskers: Jan Steen; zangers: Sander Heutinck, Marc Drost, Marco Vermie, Peter de Groot, Jeanne Bouwmeester, e.a. Gezien: 6-4 Stadsschouwburg Haarlem. Tournee t-m 22-5.

In de middeleeuwse satire Van den vos Reynaerde is een bekend procede toegepast: de dierenwereld wordt voorgesteld als een vrij getrouwe kopie van de maatschappij waarin de mensen leven en zodoende kost het weinig moeite in de eigenschappen van de dieren menselijke ondeugden en tekortkomingen te herkennen. In de opera-achtige musical Reinaert de Vos (de acteurs zingen en spreken, maar ze dansen niet) van het kameropera gezelschap SKON is deze fabel met veel nadruk als parabel gepresenteerd. Op het podium verschijnt een rondtrekkend toneelgezelschap, een spreekstalmeester kondigt aan dat het verhaal van de sluwe vos Reinaert opgevoerd zal worden. Iedereen aast op de hoofdrol, totdat de acteur met de meeste branie de rol opeist; hij pakt het masker van de vos en kruipt letterlijk in de huid van het dier.

De keuze van Reinaert de Vos, de raamvertelling die regisseur Ab Heijdens ervan maakte en de ingrepen in de tekst van Ernst van Altena beantwoorden in hoge mate aan de doelstelling van Opera SKON om de opera toegankelijk te maken voor een jeugdig publiek zonder dat men daarbij op de hurken is gaan zitten. Librettist Ernst van Altena die het dierenepos al eerder in hedendaags Nederlands omzette, heeft zich bij de theaterbewerking weliswaar dichterlijke vrijheden veroorloofd, stukken geschrapt en veranderd, maar hij heeft het taalgebruik gelukkig niet onnodig populair gemaakt en versimpeld - het past de dieren zich te bedienen van een licht archaisch vocabulaire.

Spijtig is dat een groot deel van de tekst niet of slecht is te verstaan als gevolg van de uitbundige muziek van Ruud Bos, die overigens prettig in het gehoor ligt: snel, ritmisch en stevig. De belangrijkste dieren hebben ieder een eigen muzikale verklanking: zo klinkt plotseling even de melodie van de Internationale als de gewichtige koning Nobel met zijn gevolg op het toneel paradeert; de muziek wordt licht van toon als de kippen nerveus om Cantecleer de Haan heen dribbelen. De verschijning van Cantecleer is een van de hoogtepunten van de voorstelling: hanig, trots en dom stapt hij parmantig rond op rode laarzen - een prachtige vertolking van Peter de Groot.

Hoewel het decor (van Jan Steen) vrij simpel is, is Reinaert de Vos door de aankleding (ook van Jan Steen) en de belichting een bont en kleurrijk spektakel. Een grote stoet dieren in fraaie kostuums dient zich aan bij de koning om zich te beklagen over Reinaert. Er valt veel smartelijks te horen dat met even zo veel plezier en vaart wordt gezongen. Na de pauze dreigt het tempo af en toe wat te verslappen, maar dat neemt niet weg dat Ab Heijdens erin geslaagd is een vrolijke, onderhoudende familievoorstelling te ensceneren, waarin de boodschap uiteindelijk ondergeschikt is aan de muziek en het uiterlijk vertoon.

    • Noor Hellmann