Onzekere toekomst VNU verbloemd door cosmetica

HAARLEM, 9 APRIL. Amerika's grootste drukker R.R. Donneley & Sons uit Chicago (“Bijna een derde van alle grote offsetpersen die op dit moment in de VS in bestelling zijn gaat naar onze drukkerijen”), ziet groeimogelijkheden in Europa via overname of deelneming in aandelenkapitaal. VNU heeft vorig jaar besloten dat het te duur is tegelijkertijd via overnemingen te groeien en te investeren in steeds duurdere nieuwe drukpersen en wil van haar grafische bedrijven af.

Niet bekend

VNU's voorzitter drs. J.L. Brentjens stelt dat de situatie van VNU niet vergelijkbaar is met die van de andere Nederlandse uitgevers, die slechts kleine grafische bedrijven hadden. VNU's grafische bedrijf, waar 3000 mensen een derde deel van de hele VNU omzet van 2,7 miljard realiseren, is van internationale schaal. Niet alleen VNU's eigen bladen als Libelle, Margriet, Nieuwe Revu en Panorama, maar ook Time en de Economist worden er gedrukt. VNU blijft een belangrijke klant van deze drukkerijen. Kortom, zo schetst Brentjens: het is een aantrekkelijk bedrijf, waar kopers goed voor willen betalen.

Dat moge zo zijn, maar alvorens te verkopen moet VNU wel eerst honderden miljoenen investeren in nieuwe persen, ruim 30 miljoen gulden steken in een “reorganisatie” van het grafisch bedrijf en de drie bestaande vestigingen terugbrengen tot twee. Zelfs dan wil de koper waarschijnlijk niet honderd procent van de grafische bedrijven en is het nog maar afwachten welke concessies VNU moet doen in drukcontracten. Daarom is VNU's toekomst niet slechts rozegeur en maneschijn, maar veeleer zo onzeker, dat het geen verbazing wekt dat fusiebesprekingen met Elsevier in een vroeg stadium zijn afgebroken.

Ook in de markt van de professionele informatie, waarin VNU zich nu al vele jaren wil vergroten, is 1990 een rampjaar geweest. Bestuurslid drs. G.J. Ypma, die tot eind vorig jaar verantwoordelijk was voor de Amerikaanse groep VNU Business Informations Services, is inmiddels vertrokken met een “gouden muilkorf”, die er mede voor zorgde dat de beloning van de hele raad van bestuur vorig jaar met 50 procent steeg van 3,3 naar 5 miljoen gulden. Een opmerkelijke kostenontwikkeling bij een concern dat noodgedwongen de tering naar de nering moet zetten.

Bij de toelichting op het gisteren verschenen jaarverslag richtte Brentjens zich, waar het positieve ontwikkelingen betrof, op de commerciele televisie. Daarin wil VNU haar belangen uitbreiden. Maar VNU's positie in deze markt is minder sterk dan vermoed zou mogen worden op grond van de vele tekst die in het jaarverslag aan televisie worden gewijd.

In de Vlaamse commerciele televisie is VNU voor 11 procent aandeelhouder. In het Luxemburgse RTL4 heeft VNU 19 procent van de aandelen. Dat is niet veel, al heeft VNU aan dit belang naar eigen zeggen genoeg om - als RTL4 dit jaar winst gaat maken - haar 19 procent van deze winst mee te consolideren, in plaats van alleen het hypothetische dividend te ontvangen. De aanloopverliezen die RTL4 gemaakt heeft zal VNU voor haar deel activeren op de eigen balans.

Toch is dit allemaal cosmetica die verbloemt dat VNU's inkomsten op de advertentiemarkt na acht jaar van hoogconjunctuur zwaar zijn terugvallen. Of inkomsten uit commerciele televisie dit volledig compenseren is de vraag.

“1990 is voor VNU in verschillende opzichten een bijzonder jaar geweest”, zo begon Brentjes z'n inleiding op de voorbije ontwikkelingen. In de cijfers is van dit bijzondere alleen terug te vinden dat de winst voor het eerst sinds jaren is gedaald. De rest - van afstoting van de grafische belangen, via acquisities in de professionele uitgeverij, tot grotere belangen in de commerciele televisie - moet nog blijken. Het echt bijzondere van 1990 lijkt dat VNU in dat jaar daadwerkelijk besloten heeft orde op zaken te stellen.

Verkoop van de grafische sector was al eerder overwogen, maar is nu anders dan vroeger “sociaal acceptabel”, aldus Brentjens, die dankzij deze inschikkelijkheid van het personeel nu kopers kan vinden.

In de tussentijd heeft het concern kostbare jaren verspeeld. Nog in 1987 gaf VNU warrants uit die het recht geven een aandeel te kopen tegen 65 gulden. De looptijd van deze warrants mocht VNU eenzijdig bekorten, zodat de uitgever als het ware al een uitgifte van nieuwe aandelen had verzekerd, voor het geval zo'n emissie voor de verdere groei nodig mocht zijn. Dat was niet het geval, kan nu worden geconstateerd. De winst per aandeel van VNU is nu ingezakt tot 10,29 gulden. De beurs waardeert VNU op negen maal die winst. De looptijd van de warrants verstrijkt over een jaar. Over het resultaat dit jaar durft het bestuur nog geen uitspraak te doen. Het eerste kwartaal viel wat tegen. “Wij handhaven onze eerdere uitspraak dat VNU een lange termijn winstgroei van gemiddeld tien procent per jaar zal realiseren,” aldus Brentjens net nadat de lange termijn strategie van VNU fundamenteel is gewijzigd en het moeilijk te overzien is hoe het concern er na de nog niet gerealiseerde verkoop van een derde deel van de onderneming uit zal zien.