Li Peng ontkent de mutaties in partijtop niet te hebben voorzien

PEKING, 9 april - De Chinese premier, Li Peng, heeft zich naar aanleiding van de benoeming van twee nieuwe vice-premiers gisteren, beklaagd dat hij onvolledig geciteerd is in eerdere uitspraken over wijzigingen in de regeringstop.

Li zei tijdens zijn persconferentie na de afsluiting van het Nationale Volkscongres ongevraagd dat hij voor het begin van de zitting niet gezegd had dat er geen wijzigingen zouden komen, maar dat er geen “verrassende” wijzigingen zouden komen. Li vond het nodig te beklemtonen dat de Japanse delegatie tegen wie hij dat verklaarde het woord 'verrassend' achterwege had gelaten. Li wil hiermee de indruk tegenspreken dat ten minste een van de twee nieuwe vice-premiers, de momenteel in Nederland verblijvende burgemeester van Shanghai, Zhu Rongji, hem opgedrongenis.

Li werd meerdere malen geconfronteerd met harde vragen over de nasleep van het bloedbad van Peking van juni 1989.

Een journalist merkte op dat China zo geijverd heeft voor de vreedzame oplossing van de Golf-crisis en internationale geschillen in het algemeen. Vond Li het dan niet nodig om binnenlandse problemen, zoals in Peking en de grensgwesten Tibet en Xinjiang, met vreedzame en niet-militaire middelen op te lossen. Li antwoordde dat binnenlandse problemen door de relevante autoriteiten met passende middelen moeten worden opgelost. “Maar als de aard van interne contradicties en problemen verandert en een schending van de wetten inhoudt, zullen wij weer resolute maatregelen nemen.” Li werd ook gevraagd of, na de politieke processen van enige maanden geleden, die volgens de regering de afsluiting van “het incident op het Plein van de Hemelse Vrede”

betekenden, het niet tijd was een eerdere belofte om een namenlijst van de gedoden tijdens de nacht van 3-4 juni 1989 te publiceren gestand te doen. Li zei dat het ongewenst was om die te publiceren omdat het een contrarevolutionaire rebellie was en de familie-leden van de doden zich in verlegenheid gebracht zouden voelen. Over zijn afgezette voorganger Zhao Ziyang zei Li dat het onderzoek tegen hem nog steeds niet is afgesloten.