Kooplustige Polen kamperen op straat; Autobussen blijven de hele ochtend Polen aanvoeren

UTRECHT- OLDENZAAL, 9 april - Naarmate de ochtend vordert is elke berm in de omgeving van de Utrechtse automarkt veranderd in een glibberige parkeerplaats. Ook hier wordt druk gehandeld totdat de politie besluit bekeuringen te gaan uitdelen.

Een Marokkaanse handelaar raakt geirriteerd als een agent hem het commando “wegwezen” toevoegt. “Jij moet normaal praten tegen mij”, protesteert hij. Nadere vragen van de agent beantwoordt hij niet. Hij heeft geen rijbewijs en geen achternaam. Omdat hij geen medewerking verleent, slaan twee agenten hem uiteindelijk met veel moeite in de boeien.

Als de handel langs de weg niet meer wordt toegestaan handelt men op de weg. Voor de stoplichten bij de rotonde brengen belangstellenden een bod uit op een Mazda'tje. De koper opent de portieren en al rondjes rijdend - met de klanten op de achterbank - worden de besprekingen voortgezet.

De hele ochtend blijven bussen uit Polen nieuwe kopers aanvoeren. Ze tonen zich verbaasd over de belangstelling van de eveneens alom aanwezige journalisten. Ook de meeste handelaren zijn de nieuwsgierigheid van de media beu. “Jij foto maken, jij grote klap krijg”, dreigt iemand.

Een Poolse man zegt desgevraagd dat hij niet te spreken is over de prijzen. Hij was hier al eerder, maar toen waren de prijzen een stuk lager. “Nu we geen visum meer nodig hebben, denken de handelaren zeker dat ze de prijs kunnen opdrijven omdat ze heel veel kopers verwachten.”

Volgens woordvoerder A. van Londen van de Utrechtse politie is de toeloop echter niet echt veel groter dan normaal. Met de versterkte ploeg van 35 verkeersagenten heeft de politie volgens hem de situatie redelijk in de hand. “We kunnen het terrein nu in ieder geval bereiken. Twee weken geleden stierf een Poolse bezoeker aan een hartaanval omdat de ambulance er niet op tijd bij kon”.

De politie meent echter dat de markt in zijn huidige omvang niet lang kan blijven bestaan. “Vroeger was het hier ook best druk maar dan konden de kopers op het terrein ten minste nog een proefritje maken.

Ze scheurden de vouw uit je broek'', herinnert Van Londen zich. Nu is het hutje mutje. De geinteresseerden arriveren al dagen van tevoren en kamperen in de wijken. De politie overlegt over maatregelen met de gemeente die volgens Van Londen vooralsnog nogal huiverig is voor het opgeven van de inkomstenbron van een slordige twee miljoen gulden per jaar.

Via de A1 bij de grensplaats Oldenzaal kwamen de meeste Polen gisteren de Nederlandse grens over. Gewoonlijk komen tegenwoordig al wekelijks zo'n 1.500 Polen naar Nederland, voornamelijk in bussen om de automarkt te bezoeken. 's Ochtends vroeg was in Oldenzaal nog niets van de nieuwe grote trek te merken, maar tegen het eind van de middag was het, zoals de meisjes van het grenswisselkantoor zeiden, “echt een gekkenhuis”. Nog meer bussen dan gewoonlijk, maar nu ook veel personenauto's, meestal afgeladen met Lada's, frivole Poolse versies van Westerse wagens, maar ook verrassend veel Opels en Mercedessen.

Een enkele maal was er een jong stel. Bij de kassa van het grenswisselkantoor spreidt hij de kaart uit en speurt verder, zij wisselt wat geld en koopt twee toegangsbewijzen voor de Keukenhof.

Nee, nee, ze spreken geen Duits, Frans of Engels. Vakantie, ja. Uit Polen komen ze, zegt hij in zijn landstaal en nu moeten ze weer verder. Vijf mannen stappen uit een oude Audi, strekken hun benen, eten een boterham. Nee, geen Engels, geen Frans, geen Duits. Ja toch, de chauffeur, wijzen er vier naar hem. “No, we don't want to speak to the newspaper.”

“De meeste Polen zijn in Duitsland gebleven”, weet Swavek, “daar is alles toch nog goedkoper”. Hij spreekt goed Engels en wil, terwijl het al totaal donker is, wel zijn verhaal vertellen. Swavek is 31 jaar oud en 'eigen baas'. Hij is automonteur en is al eens eerder in Nederland geweest. Hij heeft hier kennissen, zo blijkt.

Met zijn 40-jarige vriend Tadik, die werkt op een meubelfabriek, heeft hij geen moment geaarzeld om van het nieuwe visum-besluit gebruik te maken. Hij komt gewoon voor vakantie. “Misschien een maand, misschien langer.” Tadik is niet alleen zijn vriend, ze zijn ook zwagers en de vrouwen zijn in Warschau gebleven.

Hij komt echt om rond te kijken, maar als hij teruggaat naar huis neemt hij misschien wel een CD-speler mee. “Ik ga er misschien een kopen, maar dan wel een van Philips”, zegt hij, “want die zijn de beste.” Het geld is geen probleem, maakt Swavek duidelijk. In de autobranche is redelijk te verdienen. Tot voor kort werkte hij in zijn eentje, gewoon voor de eigen deur. Nu heeft hij met twee vrienden zelfs een kleine garage gehuurd om het werk een zekere professionele aanpak te geven.

De beide Polen zijn niet ontevreden over de ontwikkelingen in hun vaderland. Ze prijzen het begin van vrije handel zoals die nu in hun land mogelijk is. “De mensen staan nu nog alleen met kraampjes op straat maar het is een begin. Over een tijdje beginnen ze misschien een kleine winkel. En dan misschien een grotere. Misschien. Ik heb er de laatste tijd veel boeken over gelezen. Zo moet het gaan”.

Een flinke gaap en zijn op een horloge kijkende maat maakt een eind aan het gesprek. Ze slapen vannacht bij hun vrienden, nog even twee uurtjes rijden. Op verschillende parkeerplaatsen langs de autoweg hebben landgenoten dat probleem vannacht anders opgelost, zo blijkt.