Turkije is modern genoeg als waakhond

“Onbekend maakt onbemind”. Deze uitdrukking gebruikt J.J. Jonker Roelants, consul-generaal van Nederland in Istanbul in zijn artikel 'Turkije is nu modern genoeg' (NRC Handelsblad van 2 maart 1991), om vervolgens kennis ten toon te spreiden die de werkelijke toestand niet weerspiegelt.

Het is juist dat in Turkije een regime bestaat waar de machten zijn gescheiden. Maar in welk ander land staat boven het parlement een instelling genaamd Nationale Veiligheidsraad? Een lichaam dat wordt gevormd door generaals en enkele ministers en dat over alle belangrijke zaken beslist. In welk democratisch land staat de Chef van de Generale Staf boven de minister van defensie? In welk democratisch land negeert de president het parlement en, zoals in de recente Golfoorlog, de militairen op hun beurt weer de president? En welk land heeft in zijn grondwet meer dan dertig keer vastgelegd dat de grondrechen en vrijheden van de burgers mogen worden geschonden wanneer het gaat om seperatisten (lees Koerden)?

Als de stelling waar is dat Turkije een seculaire staat is, rijst de vraag: wat is de functie van het Presidium van Religieuze Zaken, waarvan het budget dat van het Ministerie van Onderwijs overtreft? Van dat geld worden moskeeen gebouwd en de salarissen van de imams betaald. Op de basisscholen is godsdienstles verplicht. In dit vak worden alle niet-islamitische godsdiensten, zoals christendom, jodendom en de stromingen in de islam die niet stroken met die in Turkije zelf, consequent vernederd.

In Turkije hebben arbeiders geen recht vrije vakbonden op te richten en in bedrijven waar dat mondjesmaat wel is toegestaan, ontbreekt het stakingsrecht. Het lidmaatschap van politieke partijen is onderhevig aan beperkingen. Evenmin kan de auteur onbekend zijn met het feit dat in Turkije de Hoge Onderwijsraad regelmatig gebruik maakt van zijn bevoegdheid hoogleraren en docenten aan middelbare scholen naar willekeur te ontslaan.

Binnen de NAVO heeft Turkije de grootste militaire strijdmacht. Officieel spendeert het land vijfentwintig procent van de staatsuitgaven aan de instandhouding hiervan. Hier blijft het niet bij. Recruten krijgen geen soldij en worden bovendien gedwongen tal van kleine diensten voor officieren te verrichten. Het in Turkije welbekende gezegde 'degene die zegt in militaire dienst nooit te zijn geslagen liegt' lijkt de auteur onbekend te zijn. De over het hele land verspreide officiersclubs kunnen qua luxe gemakkelijk wedijveren met de duurste hotels en zijn vrijgesteld van het betalen van belasting.

Tellen we al deze voorrechten bij elkaar op dan komen we voor de defensiebegroting dichter bij de veertig dan de vijfentwintig procent van de staatsuitgaven. Dit laat de auteur (en de NAVO) wellicht onverschillig, maar het is de bevolking van Turkije een doorn in het oog. Niet in de laatste plaats, omdat hiermee steun wordt verleend aan de zogeheten Contra-guerrillabeweging, bijgenaand de Turkse Gladio, die er door Turkse media met goede redenen van wordt verdacht grotendeels verantwoordelijk te zijn voor het nog steeds grote aantal politieke moorden en martelingen. Ook stuit het veel Turkse burgers tegen de borst dat het gebruik van zo'n groot deel van het staatsbudget voor militaire en repressieve doeleinden ten koste gaat van onderwijs en gezondheidszorg en dat de overal aanwezige armoede er door in stand wordt gehouden.

BERGTURKEN

Niet bekend

Dit is zeker niet het enige geval van discriminatie jegens mensen in Turkije die opkomen voor Koerden. De burgemeester van Nusaybin werd uit zijn ambt gezet toen hij het in een verklaring voor de BBC opnam voor hun bestaansrecht. Onlangs hebben soldaten in het Koerdische dorp Sirnak het vuur geopend op dorpelingen die steenkoolresten aan het verzamelen waren. Drie mensen en tweehonderd muilezels, die de brandstof vervoerden, kwamen om.

De jaarlijkse verhuizing van circa vierhonderdduizend mensen uit Oost-Turkije naar het Westen ziet de auteur als bewijs voor de mobiliteit in Turkije. Jazeker, mobiliteit, maar de dieptragische oorzaak ervan lijkt hem volkomen te zijn ontgaan: de Koerden ontvluchten hun woonsteden als laatste middel om te ontkomen aan wreedheden, martelingen en de dood.

Het voert in dit kader wat te ver om alle schendingen van mensenrechten in Turkije uit het verleden op te noemen. Een kort overzicht van de afgelopen drie maanden: vierentwintig mensen, onder wie een 16-jarige middelbare scholier, wendden zich tot de Gezondheidsdienst met de vraag hun door martelingen veroorzaakte verwondingen te onderzoeken. Het dagblad Milliyet meldde dat dit doktersrapport 148 pagina's telt. De afgelopen drie maanden zijn negen mensen als gevolg van folteringen overleden. Drie van hen zaten vast op verdenking van politieke delicten, de anderen werden verdacht van diefstal.

NRC Handelsblad-correspondent Frans van Hasselt maakte in de krant van 23 februari duidelijk waarom de politie deze sterfgevallen bij voorkeur rangschikt onder het hoofdstuk 'zelfmoord'. Een van hen zat vast omdat hij twee pakjes sigaretten zou hebben gestolen. Zijn vader, een gepesioneerd politieagent, zei: “Ik weet hoe de politie te werk gaat. Ze hebben mijn zoon door martelingen om het leven gebracht”.

Overigens is in het 'moderne Turkije' van Jonker Roelants 'twijfel' al voldoende grond om iemand vast te zetten.

Het klopt dat in Istanbul onlangs blijf-van-mijn-lijf-huizen zijn geopend. Voor het recht om deze in Turkije hoogstnoodzakelijk, ongesubsidieerde huizen te mogen openen hebben vrouwen jarenlang strijd moeten voeren. Maar in Turkije is gevangenisstraf voor overspelige vrouwen nog steeds niet afgeschaft. Verkrachting van een prostituee wordt altijd lichter gestraft dan andere vormen van verkrachting. In een modern land past het geen minister flirten gelijk te stellen met prostitutie, zoals onlangs het geval was.

Evenmin zou, zoals bij een echtscheidingszaak is voorgekomen, een rechter vrijuit mogen gaan die plompverloren betoogt: “Aarzel niet je vrouw te slaan en wees niet terughoudend bij het verwekken van kinderen bij haar”.

Conclusie: de stelling van de consul-generaal is slechts juist als zij wordt voorzien van de aanvulling dat Turkije nu modern genoeg is om als zwaar bewapende, repressieve waakhond te fungeren in het belang van het Westen, maar zelden in dat van zijn bevolking.