Landelijke wedstrijd van WVC om jongeren meer bij cultuur te betrekken; Kunstbende: kunst is heus niet stom en saai

De Kunstbende is een door het ministerie van WVC opgericht jongerenproject dat probeert de Nederlandse jongeren wat liefde voor kunst bij te brengen. Met dat doel is nu een grootscheepse wedstrijd georganiseerd; de eerste voorronde begint op 13 april in Overijssel.

Hoe wek je bij jongeren interesse voor cultuur? Niet door het bezoek aan musea en toneelvoorstellingen verplicht te stellen. Een betere manier om ze bij culturele gebeurtenissen te betrekken is door ze zelf kunst te laten maken. Tot deze conclusie moet de Kunstbende zijn gekomen toen werd besloten een kunstwedstrijd uit te schrijven waaraan jongeren tussen de veertien en de achttien kunnen meedoen. Aan de landelijke finale in het Utrechtse Muziekcentrum Vredenburg op 15 juni gaan in het land verschillende voorrondes vooraf (de twaalf provincies, Amsterdam en Rotterdam). Inmiddels hebben zich ruim 2500 deelnemers aangemeld.

De Kunstbende, gehuisvest op de zolder van de Beurs van Berlage in Amsterdam, is in 1990 in het leven geroepen door een commissie die Meer-doen-met-cultuur heet. Die commissie had, onder voorzitterschap van Andre van der Louw, in 1989 van de toenmalige minister Brinkman van WVC de opdracht gekregen jongeren duidelijk te maken dat kunst niet stom en saai is maar leuk en opwindend. De aanleiding tot dit initiatief van de minister was een rapport van de sociologe Mieke de Waal waaruit bleek dat een steeds ouder wordend publiek schouwburgen en concertzalen bezoekt en dat de cultuurparticipatie onder jongeren drastisch daalt.

Volgens Beerend Lenstra (35), coordinator van de Kunstbende, is deze tendens vooral de laatste tien, vijftien jaar waar te nemen. Voor die tijd, zegt hij, voerde men een actief beleid om jongeren bij kunst te betrekken. De Stichting Schoolconcerten bij voorbeeld gaf in die tijd veel meer concerten dan nu en Scapino trad zeker honderdtien keer per jaar voor scholen op; nu is dat nog maar acht keer per jaar. Lenstra haast zich eraan toe te voegen dat dit niet alleen met bezuinigingen samenhangt, maar ook met het feit dat Scapino zelf een andere richting is op gegaan. Niettemin noemt hij het “een tijdsbeeld” dat jongeren en cultuur tegenwoordig gescheiden werelden zijn - hij vindt dat men zich niet zo makkelijk bij deze constatering moet neerleggen.

Lenstra: “Wij hopen, en dat kan natuurlijk niet in een jaar, met de Kunstbende een tussenstap te creeren tussen het aanbod van bij voorbeeld jongerencentra en workshops aan de ene kant en aan de andere kant de jongeren. We willen ze laten zien dat kunst niet zo vervelend is als ze denken en daarom hebben we nu voor het eerst zo'n grootscheepse wedstrijd opgezet.

“Er zijn zes onderdelen met ieder een eigen opdracht: ontwerp een t-shirt; schrijf een kort verhaal, een gedicht of een strip; maak een videoclip of een speelfilmpje van maximaal vijf minuten; schrijf en speel je eigen muzieknummer (pop, klassiek); maak een act of sketch; voer je eigen dansnummer uit van hooguit vijf minuten. Tot nog toe blijken het taalonderdeel en het ontwerpen van een t-shirt het populairst te zijn, maar dat komt doordat deze opdrachten vrij makkelijk zelf zijn uit te voeren. Om de tegenovergestelde reden scoort de video-opdracht dan ook het laagst.

“Ons belangrijkste criterium bij het aanwijzen van de winnaars is originaliteit. We hechten meer waarde aan het idee dan aan de uitvoering: een perfecte techniek mag je van amateurs niet verwachten.

De jury, die tijdens de finale uit bekende Nederlanders bestaat, zal daar rekening mee houden. Om te voorkomen dat het een platvloerse televisieshow wordt, zijn de prijzen van een andere aard dan die je bij een quiz wint; ze zijn bedoeld als stimulans om verder te gaan. Zo wordt de beste videoclip opnieuw opgenomen door een bekende regisseur; de muziekwinnaars komen voor de radio en de verhalen en gedichten van de taalwinnaars verschijnen deze zomer in een boekje.''

De wedstrijd, die met een miljoen gulden van het ministerie van WVC en met behulp van sponsors waarschijnlijk jaarlijks georganiseerd zal worden, is in de eerste plaats bestemd voor jongeren met een lage opleiding, legt Lenstra uit. De hoger opgeleide jongeren gaan over het algemeen iets meer uit zichzelf naar een concert of museum en voor de meesten van hen zullen de opdrachten te eenvoudig zijn. Bovendien, zegt Lenstra, richten ze zich op het publiek dat geen CJP heeft: CJP-houders zijn vaak iets ouder dan de doelgroep van de Kunstbende en ze weten beter wat er op cultureel gebied te doen is.

Hij vertelt dat met opzet is gekozen voor een populaire aanpak en daarom is de bij jongeren hoog aangeschreven striptekenaar Hein de Kort gevraagd een strip te maken. Zodoende stuurt de Kunstbende nu folders en affiches de wereld in waarop de gebroeders K. en K. van de Ratjes, de aanvoerders van de bende, jongeren in kernachtige taal aansporen mee te doen met de wedstrijd. In het hele land is daar trouw gehoor aan gegeven, alleen de Groningse jongeren hebben zich niet erg enthousiast betoond. Aangezien er ook in Groningen een uitgebreide publiciteitscampagne is, wijt Lenstra het geringe animo uit het noorden aan de mentaliteit van de Groningers: men heeft er een afwachtende houding, zo meent hij.

Het organiseren van de wedstrijd is niet het enige dat de Kunstbende doet. Ze ondersteunen onder meer de Grote Prijs van Nederland, een wedstrijd voor opkomende popgroepen. Lenstra: “Het zou mooi zijn als we in samenwerking met middelbare scholen een dag konden organiseren waar, zoals nu gebeurt op de Uitmarkt in Amsterdam, allerlei dans-, toneel- en popgroepen komen die stukjes uit voorstellingen en concerten laten zien en horen. Anders dan bij de Uitmarkt zou het vooral om gezelschappen moeten gaan die zich speciaal op jongeren richten, maar het is natuurlijk nog beter als jongeren opeens ontdekken dat sommige groepen veel leuker zijn dan ze dachten. Het moet geen kopie van de Dag van de Literatuur zijn, maar het idee daarvan zouden we kunnen gebruiken: we nodigen heel veel scholen uit, zodat het een verplicht uitje wordt dat toch leuk is omdat het geen beslag legt op je vrije tijd.”

    • Noor Hellmann