Koerilen

Het is onjuist dat, zoals correspondente Elbrich Fennema over de Koerilen-kwestie stelt, de Sovjet-Unie eerst nu wil praten over “een probleem dat voorheen alleen maar werd ontkend” (NRC Handelsblad, 2 april).

Bij het bezoek van Edoeard Sjevardnadze aan Japan in januari 1986, was de kwestie langdurig aan de orde. Na een ingelast overleg op de laatste dag van dat bezoek meldde een hoge Japanse functionaris dat beide landen op het punt stonden de impasse over de eilandenkwestie te doorbreken (Volkskrant, 18-1-'86). Deze politieke wijziging paste uitstekend in de nieuwe koers om verschillende problemen in Azie gelijktijdig te willen oplossen, zoals de vermindering van de kernwapens voor de middellange afstand in Azie. De 'historisch' te noemen toespraak van Gorbatsjov op 27 juli 1986 in Vladivostok, zorgde voor de definitieve omslag in de Azie-politiek.

In mei '89 bracht de Japanse minister van buitenlandse zaken, Sosuke Uno, een tegenbezoek aan Moskou waarbij de Koerilen-kwestie opnieuw aan de orde kwam. Uno schreef in een bijdrage voor een Russisch weekblad (New Times, nr. 20, 1989) dat er serieuze pogingen waren gedaan om de wederzijdse relaties te verbeteren, maar, “I regret very much that Moscow clings to its old position on the territorial issue, which is central to the conclusion of a peace treaty”. Hiermee toont Japan een zekere halsstarrigheid, aangezien dat land bij de visserij-akkoorden van 1956 akkoord ging met een latere regeling van het territoriale conflict en daaraan toen geen voorwaarden verbond. De teleurstelling was echter wederzijds: Gorbatsjov stelde zijn voorgenomen bezoek aan Japan uit (NRC 6-5-'89).

Dat Moskou zich al zo lang heeft verzet tegen het afstaan van de vier eilandjes is begrijpelijk aangezien de Sovjet-Unie, de VS en Japan dezelfde Pacific delen en Japan in het centrum van een turbulente na-oorlogse geschiedenis stond. Het vredesverdrag van San Fransisco in 1951, waar de Sovjet-Unie zich niet bij aansloot, maakte een snelle Japanse herrijzenis uit de oorlogsellende mogelijk. Tien jaar later voegde het Japans-Amerikaans veiligheidsverdrag een militaire omkadering toe aan de economische positie van Japan. De toenemende industriele groei van zowel Japan als de VS, vooral tijdens de periode Brezjnev, werd door de Sovjet-Unie begrijpelijkerwijs gezien als een soort economische omsingeling van het oosten van de SU.