Hollands Dagboek: STEF DE NIET

Stef de Niet (41) is bestuursadviseur bij de gemeente Den Haag en voorzitter van de medezeggenschapscommissie van het gemeentepersoneel. Hij is nu voor twee weken naar Zambia om daar een aantal leden van de ondergrondse vakbondstak van het ANC voor te bereiden op hun terugkeer naar Zuid-Afrika alwaar zij legaal vakbondswerk zullen gaan verrichten. Hij is vergezeld van Marc de Bruijne van de provincie Zuid-Holland, en Ineke Jongerius van de FNV.

DINSDAG 26 MAART

Zaterdag had ik Marc en Ineke uitgezwaaid en nu stond ik op het punt naar Lusaka te vertrekken. Anouk, Benjamin en Kim zijn niet meegekomen naar Schiphol. Uitzwaaien is niet leuk meer. Je kan je geliefde door de douane zien gaan, and that's it. Dus 's ochtends al dag gekust.

Erica, mijn vrouw, heeft me gebracht. In zijn kale eenvoud een spectaculair afscheid. Dag, veel plezier, genietse, maak je geen zorgen en weg is ze. Ik ben alleen, net als Cees Nooteboom, Adriaan van Dis en Boudewijn Buch. Ik ben op weg naar 24 SACTU-comrades om ze les te geven in vakbondswerk, gespreks- en vergadertechniek en in onderhandelen. Misschien zijn ze al op weg naar Zuid-Afrika. Juist afgelopen week hebben zij hun 'indemnity' (verklaring dat zij niet zullen worden vervolgd voor het in ballingschap gaan) ontvangen.

Zouden ze wachten? De tocht duurt lang, het Duitse catering-eten is pet, de film derderangs en toch een prima vlucht.

WOENSDAG

Om half negen geland. Marc en Joe halen me af. Joe zorgt voor alle formaliteiten. Het toverwoord is ANC. Het is duidelijk dat hij op het vliegveld kind aan huis is en wordt vertrouwd. In no time zitten we in de auto op weg naar het Garden House motel, waar de cursus wordt gegeven. Er zijn 17 cursisten. 7 zijn er al vertrokken naar Zuid-Afrika. Misschien vertrekken er tussentijds nog een paar. Marc vertelt dat ze heel hard hebben gewerkt. De betrokkenheid, inzet en leergierigheid zijn groot en de comrades zijn erg kritisch. Ik ben heel moe en een beetje down. Zambia voldoet in eerste instantie niet aan mijn verwachtingen. Het is net Nederland. Precies zo'n lucht met van die stapelwolken boven een vlak landschap. Dit is niet de andere kant van de wereld. Dat is nou de pest van vliegen. Je hebt geen idee meer van plaats en tijd. Onderweg met Joe de wereldproblemen besproken. De Golfoorlog. Ik ben vanaf het begin tegen de invasie geweest en het is duidelijk dat Joe de Amerikanen haat. Iedereen die het Zuidafrikaanse systeem steunt is de vijand. Dat geldt dus ook voor Israel. De PLO is een vriend. We gaan naar het centrum van Lusaka. Een stad zo groot als Den Haag, met 500.000 inwoners. Joe en Marc moeten iets regelen op het postkantoor en ik blijf alleen in de auto. Nu pas zie ik het. Iedereen is zwart. Zwart is gewoon. De paar blanken die ik zie zijn hier namens onze Lieve Heer. Dat blijkt later toeval. In de korte tijd die ik zit te wachten wordt me van alles aangeboden.

Aardappels, citroenen, kunstkaarten, bijoux en een man die me aanspreekt met Bwana, vraagt me om werk. Hij komt uit Tanzania. Ik kan hem niet helpen. Even goede vrienden. Overal mensen met hun handel.

Ogenschijnlijk waardeloze spullen. Voor hen toch genoeg de moeite waard om de hele dag op een klant te wachten. Nergens honger, nergens schrijnende armoe, nergens gebedel, nergens deerniswekkende zieken, nauwelijks politie of militairen. Let wel, dit is mijn eerste indruk.

De rit voert door het centrum van Lusaka naar het buiten de stad gelegen motel. Ik maak met iedereen kennis. We schudden elkaar de hand zoals dat hier onder vrienden gebruikelijk is. Je geeft elkaar de hand, vervolgens ommklem je elkaars duim en geeft daarna elkaar weer een hand. Ik kan niet meer uit mijn ogen kijken. Ik moet een paar uur slapen. De comrades moeten 's middags een samenwerkings- onderhandelingsoefening doen. Ik word gewekt om de resultaten van de 6 groepjes van 3 te horen. Het spel gaat als volgt. Drie piraten moeten een schat zien te redden. 1 heeft een goede boot, 1 een slechte en 1 heeft niks. De schat kan alleen door tenminste 2 worden gered en de piraten willen vrienden blijven. Het is heel serieus gespeeld.

Iedereen moet vertellen of hij tevreden is met zijn onderhandelingsresultaat. Over het algemeen is iedereen aan zijn trekken gekomen. De vergadering staat onder voorzitterschap van Russel, die die dag de 'chair' heeft. Satch schrijft die dag de notulen. Marc leidt de oefening en Ineke koppelt terug naar de theorie die die ochtend door haar is behandeld. Iedereen laat de ander uitpraten. Er is veel wederzijds respect, grote discipline en ernst.

Als iemand op een slimme wijze heeft geopereerd is daar veel waardering voor en wordt er hartelijk gelachen.'s Avonds na het eten wordt met Joe geevalueerd en de volgende dag voorbereid. Joe vond dat het tempo 's middags te laag was. Hij vond het ochtendprogramma perfect en hij was ook tevreden met de terugkoppeling naar de theorie.

Joe is van het education committee. Ineke is met de barkeeper de zwart-geldmarkt aan het verkennen. De officiele koers is 49 kwacha voor 1 dollar. Ze worden het uiteindelijk eens op 80. De deal zal plaatsvinden op haar kamer. Hij wil eerst de dollars aan zijn broer laten zien, dat het echt is en zo. Ineke zegt dat daar geen sprake van kan zijn. Gelijk over steken. Dus (nog) geen deal. Ik ga doodop slapen.

DONDERDAG

Als een ander mens sta ik op. Ik heb heerlijk geslapen. Ik wil er echt tegenaan. In mijn enthousiasme begin ik de dag met het doodtrappen van een paar mij onbekende insecten.

Prompt om half negen beginnen we. Vandaag zit Humphrey voor. Wijziging van het programma. Morgen is het Goede Vrijdag. Iedereen moet boodschappen doen en dus hebben we maar tot 12.30 uur. We hebben een hele dag voorbereid. Ik begrijp niet dat dit niet gisteravond aan de orde is geweest. Maar goed, iedereen akkoord.

De oefening gaat zo. Er zijn twee vakbondsgroepen en twee werkgeversgroepen. De vakbonden willen opslag, minimaal 125 kwacha en maximaal 200. De werkgever wil 25 geven. Zijn uiterste bod is 150 maar dan moet er ook op zaterdag worden gewerkt. Het spel wordt deskundig gespeeld. Er wordt veel geinvesteerd in een goede sfeer. Over geld wordt niet gesproken. We kunnen deze onderhandelaars pur sang niks leren. Met groot wederzijds respect en begrip voor elkaars positie begint het ritueel. Dit kan en zal dagen duren. We hebben maar een half uur. Veel gelach bij het terugzien van de videobeelden. Tijdens het onderhandelen wordt niet gelachen. Wel milde, welwillende blikken.

Onderhandelen is een serieuze zaak. Joe speelt een voortreffelijke president-directeur. Hartelijk, deskundig en voortdurend de vakbond erkentelijk voor de goede samenwerking, maar helaas de wereldmarkt en de inflatie en god mag weten wat verhinderen enige opslag. Ik noem hem voortaan de president. Tijdens de lunch praat ik met Nhanhas. Zijn naam is voor mij niet uit te spreken. Je moet neus en klakklanken gebruiken. Het klinkt ongeveer als Inklanklas. Hij praat zoals David Murray saxofoon speelt. Veel mysterieuze, ijle dromerige spannende geluiden die wij niet in huis hebben. Ik wil graag zijn persoonlijke geschiedenis weten. Het liefst van iedereen. Het is in dit kader onmogelijk dat te doen. Het is een lang, enerverend verhaal over gevangenschap, mishandeling, vluchten, verblijf in Angola en in Zambia. Hij is al 5 jaar in ballingschap. Hij heeft veel comrades verloren. Vergiftigd of doodgeschoten of een bombrief ontvangen. Hij is voortdurend op zijn hoede. Er zijn nog veel vijanden.

Ineke sluit uiteindelijk haar deal met de barman (60 kw. voor 1 dollar) en op mijn kamer verdelen we de 100 pond die ik van Jan heb meegekregen. Morgen naar de Victoria Falls bij Livingstone. 500 kilometer rijden. Humphrey heeft een auto en zal ons begeleiden.

VRIJDAG

We staan precies om 07.00 uur klaar. Humphrey is nog bezig met de auto. We gaan met een Toyota die een jaar geleden in de poeier heeft gelegen. Pas nu heeft de garage de reserveonderdelen weten te bemachtigen. De motor klinkt fantastisch, maar er is iets met het linkervoorwiel. Het stuur schudt zo enorm dat je er spierballen van krijgt. De auto lijdt aan malaria. Onderweg lees ik voor uit het verzameld werk van Willem Elsschot, dat ik van Erica voor de reis heb meegekregen. Vooral het vers 'het huwelijk' maakt grote indruk. Ik neem me voor dat uit mijn hoofd te leren. Ieder half uur is er een road-block. Iedere agent of militair vraagt lachend: naar Livingstone?

en wij op den duur How did you guess en we mogen door. Uitgestrekte onbewerkte grond, met onzichtbaar wild. Af en toe dorpjes waar de mensen nog in hutten wonen. De weg is erg slecht, heel veel levensgevaarlijke gaten. Soms lijken ze onontkoombaar en vrezen we voor de auto. We hebben geluk. We rijden door Kafue, het St. Job in 't Goor van Zambia en langs Mazabuka, het Dinteloord van Zambia. Om 14.00 uur zijn we in Livingstone.

Ons hotel, de North Western Hotel, dateert uit 1910. Een voorbeeld van koloniale schoonheid. De tijd heeft het vaal gemaakt, maar het onderdrukkende wezen niet aangetast. Onderweg naar de falls worden we verliefd op de Rainbow Lodge. Een hotel-restaurant met terras aan de Zambezie. Jammer genoeg vol. Wel een lunch. Op de wc plas ik samen met een Zuidafrikaan. Als jij uit Holland kom, kan jij mij verstaan. Ja, is dit nu de vijand? Hij lijkt vriendelijk. Hij adviseert me niet naar Zuid-Afrika te gaan. Het is net Europa. Alles is er al geregeld. We zijn gelijk klaar met plassen. Op naar de Victoria Falls. Een van de 7 wereldwonderen. Over 1600 meter breedte stort voortdurend water met een noodgang 100 meter kaarsrecht naar beneden. Zo hard dat zich onmiddellijk wolken boven de waterval formeren. Je ziet de waterval dan ook al van verre. Het lijkt hier het eind van de aarde. Alsof iemand de stop van het bad van de oceaan heeft getrokken en de godin aarde een niet te lessen dorst heeft. Marc denkt dat de Grieken zich zoiets moeten hebben voorgesteld bij de rand van de platte aarde. Er is geen loket, je hoeft geen toegang te betalen. Het barst er van hondsbrutale apen die lekkers proberen te pikken. Een pikt van ons een sinaasappel, die direct moet worden ingeleverd bij de numero uno.

We worden drijfnat en zijn dolblij dat we dit hebben gezien en gehoord. Terug naar de Rainbow Lodge. Diner met muziek. Ooverdovend en opwindend. In de bezetting van de Shadows van alles en nog wat.

Typical Zambian Music zegt de band zelf. Mij best. Het swingt als de pest en helemaal als 2 jongens erbij zingen en dansen. Ik word door een jongen gevraagd. Sure, graag, alles uit de kast, in grote ernst en grote vreugde.

ZATERDAG

Vroeg op. Omdat het brood dat hoort bij het Continental breakfast op is, nemen Humphrey en ik 'english breakfast'. Erg vet vlees en slappe glibberige spiegeleieren. Op naar een wildpark. Bij het hek is de kaartjesverkoper bereid te gidsen. Nee, er zijn geen leeuwen, en de neushoorns zijn door stropers afgeschoten. We hebben wel zo'n 20 giraffen en 40 buffels. Hij zal ons erheen brengen. Uiteindelijk zien we, een schitterend park, 3 zebra's, 4 gnoes, 20 beeldschone kokette impala's en 1 giraffe. Misschien om vier uur vanmiddag, zegt onze gids. Misschien. We moeten opschieten, om elf uur vertrekt onze boot.

We gaan een lunch-buffetcruise maken op de Zambezie. Tot onze grote vreugde gaat de band van gisteravond ook mee. Ze noemen zichzelf de Tai-Yaka Guys of Julizya Band of Zamrock Kings. De muziek is zo oorverdovend dat de hippo's en krokodillen snel onderduiken als de boot nadert. De tocht is prachtig. De boorden zitten vol met vogels.

Van kleine felgekleurde opneukertjes tot majesteitelijke reigers, die een beetje loom heen en weer zweven. De nijlpaarden liggen in groepjes in het water. Ze schudden met hun oren als impala's met hun staart.

Anouk (mijn oudste dochter) zou hier erg van genieten. Zij wil graag dierenarts worden en haar droom is het opereren van een nijlpaard. We meren af bij een eiland. Hier gaan we barbecuen en dansen. De Zamrock Kings verkleden zich als krijgers. Aanvankelijk voel ik dezelfde gene als bij de kaasmeisjes. Het is niet authentiek. Dat gevoel gaat over.

Als de Kings dansen zijn de gebaren en bewegingen ronduit obsceen. Ik moet er om lachen. Een man en een vrouw gaan op een grote open plek in het bos dansen. Zo'n 100 man zit er om heen. Het is duidelijk een paardans. Veel goedkeurend applaus. Een paar toeschouwers leggen geld neer. De Zamrock Kings proberen de vrouw te versieren. Zij kijkt het eens aan, laat ze even begaan, maar wijst ze dan abrupt af. Ze doet dat heel geestig. In Nederland zou zoiets leiden tot bilknijpen en ander klef gedrag. Hier is iedereen uitgelaten en blij. Aan het eind formeren alle passagiers een grote kring en dansen we een leukere dans dan de polonaise. Ik kan me niet bedwingen. Mijn hele leven al identificeer ik me met de struisvogel en dit is mijn kans. Als struisvogel ren ik de kring binnen, schudt mijn veren, pik met mijn snavel op de grond, kijk eigenwijs en ren met onbeholpen passen onduidelijk door de kring. Ik word zwaar aangemoedigd en ontvang een dankbaar applaus. Ik word er melancholiek van. Ik mis Erica en de kinderen. Zij zouden hier enorm van genieten. Vooral Erica en Kim die verzot zijn op dansen. Benjamin zou een groot krijger willen zijn.

Na aankomst gaan we nog een keer naar de watervallen. Vanaf weer een andere plek onderga ik het verpletterende geweld. Ik moet het snelle krachtige en uiteindelijk dodelijke water voelen. Ik doe mijn schoenen uit en stop mijn benen in de stroom van de Zambezie. Daarna gooi ik er een gulden in en doe een wens. U weet dat je een wens nooit mag verklappen, want dan komt die niet uit. Nog een keer terug naar Rainbow Lodge om de zon te zien ondergaan. Nog een keer de apen waarvan de mannetjes pronte lichtblauwe ballen hebben met hun eikel daar strak op als een roze driehoek. Morgen terug naar Lusaka.

10 uur 's avonds BBC Worldservice. Gevechten in Z.-A. 20 doden.

ZONDAG

Humphrey heeft heerlijk gedroomd. Hij was in Zuid-Afrika. Hij bracht zijn vrouw naar haar werk en zijn kinderen naar school en reed een beetje rond in zijn auto. Hij werd aangehouden, maar door zijn indemnity-verklaring direct weer vrijgelaten. Hij werd wakker in Livingstone, waar hij het linkervoorwiel heeft verwisseld. Nu is het schokken en trillen opgehouden. Waarom hebben we dit niet eerder bedacht? Op ons dooie akkertje, met Bob Dylan en the Band, John Lee Hooker, Joe Cocker en Ray Charles in de cassette-recorder door een stil stuk van Afrika. Soms rijden we een uur zonder een auto tegen te komen. Af en toe een fietser, maar verder loopt iedereen. Overal zie je mensen lopen, in the middle of nowhere, en ik heb geen idee waar naar toe. Vrouwen dragen altijd meer dan mannen. Naast het kind in een doek op haar rug, torst ze ook nog iets op haar hoofd. Een bundel kleren, hout of eten. Alles te voet in een elegante gang. Humphrey vertelt over thuis. Niet alles mag in dit dagboek. Wel de vernedering van apartheid, het besluit om het systeem te bevechten, niet de individuele afschuwelijke racistische blanke, die meent superieur te zijn. Nelson Mandela zegt dat we ze moeten liefhebben en niet haten.

Ze zijn immers slachtoffer van het systeem. Maar het systeem is geen natuurgebeuren, werp ik tegen. Het is bedacht en ontwikkeld door mensen. In dit geval blanke mensen. Ze zijn verantwoordelijk voor de onderdrukking en de uitbuiting. Regel 1 van de ANC is dat Zuid-Afrika een non-raciale democratische staat is en het eigendom van al haar inwoners, blank en zwart...

Humphrey zegt dat hij niet begrijpt dat zijn ouders hem geen Afrikaanse naam hebben gegeven. Hij noemt zichzelf liever Bantu. Dus vanaf nu Bantu. Hij is getrouwd en heeft 4 kinderen. Een kind bij een vriendin. You know that is common with us. Zo is 1 kind van voor het huwelijk. Een man wil weten of zijn vrouw kinderen kan krijgen. Hij wijst dat inmiddels af, maar that's how it is. Hij vertelt dat zijn jongste dochter 8 maanden oud is. Verwekt toen zijn vrouw, onderwijzeres in Zuid-Afrika, in Zambia was. Zij heet Linda, wat in het Afrikaans betekent, zij die wacht op haar vader.

Vlakbij Lusaka bezoeken we een armzalige dierentuin. Heel vervreemdend. In Afrika naar een dierentuin die de vergelijking met onze dierentuin niet kan doorstaan. Wel een verrassing. Een bewaker nodigt me uit met hem mee te gaan achter het tijgerverblijf. Hij haalt twee 2 maanden oude indische tijgertjes te voorschijn. Ik aai ze. Ze zijn bang en willen naar hun moeder die grommend de boel in de gaten houdt. Ik mis Erica, zij had ze meegenomen.

Weer thuis worden we hartelijk ontvangen door de comrades. Russel is vader geworden van een dochter, Promise Noukululeko. Moeder, dochter en Russel maken het uitstekend.

MAANDAG

Jabu zit voor. Hij zet zingend in. Iedereen zingt. De hele dag opent en sluit hij met een arbeiderslied. I'm a member of the working class.

Vorige week is er goed gewerkt tot donderdagmiddag. We mogen nu geen tijd meer verliezen. Iedereen wil deze week hard werken. De groep wordt in tweeen gesplitst. Ineke doet het totstandkomen van CAO's en Mark doet collectief onderhandelen. Om tien uur wisselen de groepen.

Om elf uur doe ik een luisteroefening, die genadeloos door de video wordt geregistreerd. De comrades bakken er weinig van. De verminking van de oorspronkelijke mededeling is enorm. De comrades zijn erg tevreden. Hier hebben ze wat aan. Van je fouten kun je leren. Zo'n oefening wordt dan 'very powerful' genoemd. Midden in de les worden we aangenaam verrast door hoog bezoek Comrade Mark Shope. Bantu introduceert hem, voor zover dat nog nodig is. Hij is de secretaris generaal van SACTU, strijder van het eerste uur, in 1956 een van de 156 gearresteerden in wat bekend staat als het Treason Trial (Hoogverraadproces). 156 personen van alle rassen, kleuren en ideologieen staan terecht, op beschuldiging van deelname aan een internationale communistische samenzwering om met geweld de Zuidafrikaanse regering omver te werpen. Het proces duurt jaren, tot 1961, en brengt zware slagen toe aan de organisatie van de ANC.

Praktisch het hele kader zit achter slot en grendel. De comrades noemen Mark Shope, vader. Hij is zojuist teruggekeerd van een verblijf van 5 maanden in Zuid-Afrika. Hij had aanvankelijk een permit van 7 dagen. Hij opent met de strijdkreet Amandla (all power) en de groep antwoordt met Ngawethu (to the people). Nog eens Amandla Ngawethu.

Power to ANC, Power tot SACTU. Eerst worden wij uitgebreid bedankt voor ons werk en onze steun aan hun strijd. Niet alleen spiritueel maar ook materieel. Hij vraagt ons er mee door te gaan. Dan richt hij zich tot de comrades. Hij vertelt hoe hij in een ander Zuid-Afrika kwam. Hoe hoffelijk hij door de blanke Immigration Officer werd behandeld. En dat die zelfs zijn bagage voor hem had gedragen. Dat de leefomstandigheden in de townships verbeterd waren. Dat hij Johannesburg niet had terugherkend. De straten waren zoals in Holland en nergens troep of viezigheid. Aan de huisvesting werd druk gewerkt.

Dus alles zag er veelbelovend uit. Maar comrades, het is nog altijd een zeer lange weg die we moeten gaan. ANC heeft nu nog een sterke positie, maar dat kan veranderen. Er is vrede, ja vriendschap tussen de ANC en Incatha, maar toch wordt er zwaar gevochten. Sommigen zeggen dat het een stammenoorlog is tussen Xhosa's en Zoeloes. Ik geloof het niet. Het lijkt wel of er sprake is van een derde macht. Het kan heel goed zijn dat jullie als je terug komt, wordt gevangen genomen en wordt gemarteld om ze toegang te verschaffen tot het ondergrondse netwerk van de ANC. Maar, kameraden, kom alsjeblieft terug want het land, de ANC heeft jullie nodig. En als ze ons willen vermoorden dan doen ze het hier ook wel. Ik weet dat de meesten van jullie al aan een bepaalde vakbond zijn toegewezen, maar het kan heel goed zo zijn dat het ANC jullie harder nodig heeft. Wees ervan verzekerd dat jullie het moeilijk zullen krijgen. Wellicht krijgen jullie de eerste drie maanden geen geld. De ANC heeft het voor een belangrijk deel van internationale solidariteitsmiddelen moeten hebben, maar hier en daar wordt de kraan dichtgedraaid (en nadrukkelijk tegen ons) alsof de strijd al is gestreden. Comrades kom zo snel mogelijk naar huis en werk hier hard. Leer zoveel mogelijk want we hebben alle kennis en vaardigheden nodig die we kunnen krijgen. Jabu zet een lied in. Ik mag het dankwoord spreken. Ik zeg dat wij het een eer vinden zo'n vooraanstaand man als Mark Shope, een van de leiders van Zuid-Afrika te mogen ontmoeten. Het is waar, de internationale gemeenschap denkt dat alle problemen in Z-A zijn opgelost. En ook de Nederlandse regering, ofschoon een fel tegenstander van apartheid en een groot bewonderaar van Nelson Mandela, negeert diens oproep voor het handhaven van de economische boycot. Sterker nog, ze bepleit in de Europese Gemeenschap dat het weer mogelijk moet zijn in Z-A vrij te investeren. U weet niet half wat het voor ons betekent deze scholing te mogen geven. Wij zullen er mee doorgaan uw strijd te steunen, daarover hoeft u zich geen zorgen te maken. Wij gaan ermee door totdat u zegt dat we ermee op kunnen houden. De rest van de dag werken we hard aan communicatie en sociale vaardigheden. Bij een observatieoefening kunnen maar 3 comrades een probleem oplossen, terwijl het goede antwoord vrij eenvoudig te achterhalen is. De comrades hebben de pest in. Maar vonden het uiteindelijk 'very powerful'. 's Avonds Erica gebeld, alles okee.

Ik sluit hiermee mijn dagboek af. Ik draag het op aan de comrades hier in Lusaka en het volk van Zuid-Afrika. Amandla Ngawethu.