Voorstel van Hirsch Ballin: Verplichting identificatie blijft beperkt

DEN HAAG, 4 april - Er komt geen algemene verplichting om altijd een identificatiebewijs op zak te hebben. Slechts in bepaalde gevallen moeten Nederlanders hun identiteit bewijzen met een paspoort of met een nieuwe, nationale identiteitskaart.

Dat staat in een concept-wetsvoorstel dat minister Hirsch Ballin (justitie) vandaag ter advies naar enkele belangenorganisaties heeft gestuurd. Over een identificatieplicht ter bestrijding van zwartrijden in het openbaar vervoer en van voetbalvandalisme zal later een beslissing worden genomen.

Het concept-wetsvoorstel bepaalt dat de identificatieplicht geldt in een beperkt aantal gevallen: tegenover ambtenaren belast met vreemdelingentoezicht, en tijdens het werk tegenover uitvoeringsorganen van de sociale zekerheid en tegenover ambtenaren die belast zijn met controle op illegale arbeid. Verder bij financiele instellingen, zoals banken bij het openen van een rekening of het huren van een safe-loket. Identificatie is voorts verplicht bij het aanvaarden van een nieuwe baan, en ten slotte tegenover de notaris bij het opmaken van een akte. Hierbij mag ook een rijbewijs worden gebruikt.

Vreemdelingen die ervan worden verdacht illegaal in ons land te verblijven, kunnen worden meegenomen naar het politiebureau als zij zich niet kunnen identificeren. In hun geval gelden de verblijfspapieren als identiteitsbewijs. Na aanhouding van de betrokken vreemdeling heeft de politie zes uur de tijd om de opgegeven identiteit te controleren. Deze mogelijkheid heeft de politie al bij de aanhouding van anonieme verdachten. Het concept-wetsvoorstel gaat hiermee verder dan het advies van de commissie-Zeevalking die op 18 maart rapporteerde over het binnenlands vreemdelingentoezicht. De commissie-Zeevalking volstond met een zogeheten toonplicht. Hierbij wordt de betrokkene in de gelegenheid gesteld het document binnen een redelijke termijn alsnog te laten zien.

Volgens het concept-wetsvoorstel moeten werkgevers die buitenlanders in dienst hebben, erop toezien dat deze zich kunnen identificeren. Als een personeelslid zich bij controle niet kan identificeren, is de werkgever strafrechtelijk aansprakelijk.

Over een identificatieplicht in het openbaar vervoer verwacht de minister omstreeks 1 mei een advies van een ambtelijke projectgroep.

Daarom is hierover nog geen bepaling opgenomen in het nieuwe wetsvoorstel. Een identificatieplicht ter bestrijding van het voetbalvandalisme stelt Hirsch Ballin afhankelijk van het succes van de nieuwe voetbalpas die nog in voorbereiding is.