Vakbondsleiders doen laatste poging tot bemiddeling bij BAT

AMSTERDAM, 4 APRIL. FNV-voorzitter Johan Stekelenburg en CNV-topman Henk Hofstra zullen gezamenlijk een laatste poging doen de sluiting van de Amsterdamse sigarettenfabriek BAT te voorkomen. De vakbonden hebben de commissarissen van de onderneming uitgenodigd voor een gesprek. De commissarissen willen dinsdag een besluit nemen over de sluiting.

De jongste bemiddelingspoging werd vanmiddag bekend na afloop van een openbare vergadering van bonden en personeel in de kantine van de Amsterdamse fabriek. In de kantine, waar het personeel met echtgenoten en kinderen was verzameld, werd het initiatief van de bonden met gejuich begroet. Personeel en directie leveren al anderhalf jaar strijd over de overheveling van de sigarettenproduktie van Amsterdam naar een BAT-dochteronderneming in Brussel. Dinsdag legde het personeel voor een dag het werk neer uit protest tegen de reorganisatie, waardoor 123 van 226 arbeidsplaatsen in Amsterdam verloren zullen gaan.

De BAT-fabriek maakt deel uit van het Britse concern BAT-Industries. In Groot-Brittannie werd al in november 1989 besloten dat de fabriek te klein was om zelfstandig te overleven in de jaren '90, gekenmerkt door accijnsverhogingen en algemene anti-rookwetgeving. Met de sluiting van Amsterdam, waar merken als Belinda, Gladstone en Mantano voor de Nederlandse markt geproduceerd worden, hoopt het concern een besparing van ongeveer 10 miljoen gulden te realiseren. Eerder sloot het concern een fabriek in Liverpool.

Personeel en bonden vinden de sluiting van de fabriek in Amsterdam asociaal omdat ondanks slechte vooruitzichten de winst van de onderneming over 1989 nog 13,3 miljoen gulden (voor belastingen) bedroeg. Een winstgevende fabriek reorganiseren met verlies van arbeidsplaatsen is voor het personeel onverteerbaar.

FNV-voorzitter Stekelenburg appelleerde vanochtend aan de commissarissen hun verantwoordelijkheden als Nederlands staatsburger niet te ontlopen. De 123 ontslagen zouden de gemeenschap in de komende 25 jaar ongeveer 150 miljoen gulden aan sociale voorzieningen kosten, betoogde hij.

BAT-directeur F. van Vliet wees de verwijten van personeel en bonden ten stelligste van de hand. Het besluit om te reorganiseren vloeit voort uit de noodzaak tot schaalvergroting, zo zei hij in een vraaggesprek in zijn kamer boven de kantine. De sociale consequenties van zo'n besluit kunnen eenvoudiger opgevangen worden door een winstgevende onderneming dan door een failliet bedrijf. Van Vliet stelt het getroffen personeel een, naar zijn zeggen, riant sociaal plan in het vooruitzicht.

Eerder, in 1973 en 1979, wisten personeel en bonden door middel van acties en juridische procedures sluiting van BAT-Amsterdam te voorkomen.