Kansen voor Nederlandse versie van BBC World Service

Hoe zouden we ons een Nederlandse versie van de BBC World Service kunnen voorstellen? Als een radiozender voor werkelijk geinteresseerden, luisteraars met een speciale belangstelling van het nieuws, kunst en cultuur, geschiedenis, achtergronden van het nieuws, ontwikkelingen in de wetenschap en maatschappelijke verschijnselen.

Een radiozender die zijn luisteraars bejegent zoals NRC Handelsblad, Trouw, De Volkskrant, Het Parool, Vrij Nederland en De Groene hun lezers bejegenen. Een zender die niet ervan uitgaat dat de luisteraar dom, verveeld en half doof is. Een golflengte waar niet op ieder nieuwsprogramma een populair deuntje moet volgen en waar de luisteraar wordt toegesproken door journalisten met kennis van zaken en gevoel voor taal.

Het bekendste voorbeeld van zo'n radiozender is de BBC World Service. Zou zoiets, in het kader van de media-herverkaveling, niet ook in Nederland kunnen worden georganiseerd? Is het zo vreemd van een publiek radiobestel iets te verlangen dat in de buurt komt van een kwaliteitskrant?

De berichten over de herindeling van de radiozenders stemmen somber. De jongste televisiehervormingen, toch in de eerste plaats bedoeld om kijkersaantallen en reclamegelden te 'scoren', hebben ertoe geleid dat nu ook de meerderheid van de radiodirecteuren plannen smeedt om op alle zenders altijd zoveel mogelijk publiek te trekken en daarmee zoveel mogelijk reclamegeld te verdienen. Er is een nivellering en 'vertrossing' van de Hilversumse radio op komst. Kwaliteit is uit den boze, want (dat weet men, ondanks het succes van dagbladen als De Volkskrant en NRC Handelsblad zeker) kwaliteit 'scoort' niet. En de teruggang in de beluistering moet worden gekeerd.

Het instrument waarmee men dat hoopt te bereiken is merkwaardigerwijs hetzelfde instrument dat nu al ruim tien jaar heeft bewezen niet te deugen. Het heet 'zenderkleuring'. Daar wil men nu echt eens ernst mee maken. Negen totaal verschillende radio-omroepen (nog afgezien van de kleine zendgemachtigden) brengen hun programma's in lukrake afwisseling verspreid over vijf verschillende zenders. Op die zenders hoort men: korte actualiteiten afgewisseld met vlotte plaatjes; zogeheten familieprogramma's of 'middle of the road-muziek'; popmuziek, met overdag vooral de top-40; klassieke muziek, maar daar tussendoor dominees of cultureel gesproken woord; programma's voor 'doelgroepen en minderheden', en educatieve programma's (dit is de zender waarop terechtkomt wat elders in de weg zit).

Van zenderredacties, vergelijkbaar met de leiding van een krant, is bij de radio geen sprake. De zenders zijn en blijven vergaarbakken van losse bijdragen, karakterloos en kleurloos. Er bestaan alleen wat eigenaardige compromissen over het genre dat gebracht moet worden, en soms ook voor de uren waarop dat zou moeten gebeuren.

En die afspraken moeten nu worden 'aangescherpt'. Men hoopt - tegen beter weten in - dat dat helpt. Men is bereid de laatste restjes kwaliteit te offeren op het altaar van de grootste gemene deler. Zo zullen - als de plannen doorgaan - bijvoorbeeld bijna alle VPRO-programma's (maar lang niet alleen die) bedreigd worden met verwijdering (verbanning naar Hilversum 5), omdat ze niet voldoen aan een of ander gepopulariseerd 'zenderprofiel'. Terwijl ze toch zo op hun plaats zouden zijn op een zender als boven geschetst, een Nederlandse variant van de BBC World Service.

In de schiftende mediasituatie dient zich nu een mooie kans aan om dat laatste alternatief te verwezenlijken. Men zou daarvoor de nieuwe televisiepartners VARA -NOS -VPRO ook een eigen radiozender moeten geven en hun radio-afdelingen samen in een huis moeten vestigen. Die afdelingen zouden gebaat zijn met een duidelijke opdracht. Nog mooier zou zijn als ze zouden samenwerken met de redacties van bijvoorbeeld NRC Handelsblad en De Volkskrant. Dat kan een succes worden, ook bedrijfseconomisch. Onder de medewerkers van deze omroepen en bladen bestaat al een toenemende animo voor een dergelijk plan.

TROS en Veronica zouden dan moeten doen wat ze goed kunnen: snelle actualiteiten maken en populaire muziek voor een groot publiek. En KRO-NCRV-AVRO zouden moeten behartigen wat die omroepen het meest eigen is: gezelligheid, cabaret, religie, zorg, huis- tuin- en keukenprogramma's.

Een zodanige 'zenderkleuring' op de radio zou op een heel ander uitgangspunt steunen dan de plannen die nu in de maak zijn. Mijn suggestie is: maak radiozenders als kranten, met een eigen karakter en een eigen publiek. En de steun van een tv-kanaal.

Radio Hilversum zal volwassen moeten worden, of men wil of niet.