Kamer dringt aan op hulp voor Koerden

DEN HAAG, 3 april - De Tweede Kamer wil dat Nederland druk uitoefent op Turkije om de grens met Irak open te stellen voor de opvang van Koerdische vluchtelingen. In een brief aan minister Van den Broek (buitenlandse zaken) vragen de grote politieke partijen om in het kader van de Europese Politieke Samenwerking een beroep te doen op Turkije.

Bij monde van D66 vraagt de Kamer op korte termijn een mondeling overleg met minister Van den Broek aan over de positie van de Koerden.

Behalve een brief aan de minister heeft een delegatie van Kamerleden vanmiddag ook een petitie aangeboden aan de Turkse ambassadeur, waarin erop wordt aangedrongen de grens met Irak open te stellen voor vluchtende Koerden. De fracties uit de Tweede Kamer vragen niet om een maatregel van de Veiligheidsraad.

Gualtherie van Weezel (CDA) vindt dat de Veiligheidsraad eerst een omvattende resolutie over een vredesmacht en een wapenembargo moet aannemen. Die diplomatieke actie mag niet worden vertraagd door een discussie over het lot van de Koerden. Daarna kan over alle regionale problemen worden gesproken. Van Weezel noemt de problemen van de Koerden gelijksoortig aan die van de Palestijnen.

Eisma (D66) is sterk voorstander van een Europese actie voor de Koerden. Nederland moet daarmee niet wachten tot het in juli voorzitter wordt van de EG. Volgens Eisma moet Van den Broek ervoor zorgen dat het probleem van de Koerden op de Europese politieke agenda komt. Ook zouden nu al in Europees verband maatregelen moeten worden genomen voor hulp aan in nood verkerende Koerden.

Van den Broek is het met zijn Franse collega Dumas eens dat de Veiligheidsraad snel stappen moet ondernemen tegen de onderdrukking van de Koerden en de shi'ieten in Irak. Hij zei dat vandaag voor de VARA-radio. Hij vindt ook dat de EG moet nagaan hoe zij financieel kan helpen bij de opvang van vluchtelingen.