Polen

Het is voor de lezer die enigszins op de hoogte is, moeilijk te verteren om na een tijd lang de gedegen artikelen over Polen te hebben gelezen, nu genoegen te moeten nemen met de artikelen van Derk-Jan Eppink.

De generaliseringen waarmee van de Poolse maatschappij een karikatuur wordt getekend, doen pijn aan de ogen. Alcoholisme, jodenhaat, racisme, aartsconservatief katholicisme, het zijn de trefwoorden waarmee Eppink het beeld van een achterlijke samenleving oproept en de kaders waarmee hij zo'n beetje alles probeert te verklaren. Een fraai voorbeeld van deze vorm van journalistiek stond in het verslag van de verkiezingsnederlaag van toen nog premier Mazowiecki (26 november 1990).

De suggestie dat zelfs Mazowiecki, die brave, saaie intellectueel, de nederlaag met een braspartij had proberen te verwerken, past natuurlijk prima in het beeld dat Eppink ons voortdurend schetst van de Polen. Dat alleen in een krant als NRC Handelsblad deze suggestie werd gewekt is opvallend.

Veel van wat Eppink beschrijft komt voor en springt zelfs direct in het oog. Het is niet moeilijk als journalist in Polen je geld met alleen sensatieverhalen te verdienen. In Eppinks verslag van de Poolse gebeurtenissen ontbreken echter blijken van voldoende historische achtergrondkennis en een brede visie op het geheel van de Poolse maatschappij. Het zij zo.

Bedenkelijker is de (misschien onbewuste) anti-Poolse tendens die uit de artikelen naar voren komt. De lezer die de artikelen van Eppink volgt en als een adequate beschrijving van de Poolse samenleving ziet, maar nog geen intuitieve afkeer van de Polen heeft gekregen, moet wel een onmens zijn. Na het joodse volk behoort het Poolse tot de volken, die in de Europese geschiedenis het zwaarst hebben geleden. Die wetenschap zou voorzichtig kunnen maken in de beschrijving van de eerste wankele passen van dat volk in de richting van democratie.

Journalistiek is niet waardenvrij.

Naschrift Derk Jan Eppink:

Voor wie Polen bewondert om de strijd die het de afgelopen decennia heeft gevoerd, doen anti-semitisme en xenofobie pijn aan de ogen. Het is teleurstellend, wellicht zelfs een schok. Dat gevoel bekruipt ook de correspondent, die beseft dat artikelen over dit onderwerp niet gunstig zijn voor de reputatie van het land. Het is het 'vuil van een samenleving' maar dat is ook een onderdeel van die samenleving. Een correspondent is niet een ambassadeur die dingen onuitgesproken laat, of een voorlichter die dingen mooier afschildert dan ze zijn. Voor de bewonderaar van Polen zijn zulke artikelen 'slecht nieuws', en hij zal de boodschapper aanwijzen als oorzaak ervan. Maar een artikel over het vuil van de Poolse samenleving is niet anti-Pools, net zomin als artikelen over het vuil van de Nederlandse of de Amerikaanse maatschappij tegen Nederland of de VS zijn gericht. Het is beter voor de vriendschap met Polen om anti-semitisme en vormen van intolerantie tijdig te signaleren en Polen erop aan te spreken, dan ze te bedekken met de mantel der liefde.