Leiders veroordelen geweld in Zuid-Afrika

JOHANNESBURG, 2 april - Nelson Mandela, de vice-president van het Afrikaans Nationaal Congres (ANC), en Mangosuthu Buthelezi, de leider van de Inkatha Vrijheids Partij, hebben zaterdag na spoedoverleg het aanhoudende geweld in een aantal zwarte woonoorden van Zuid-Afrika veroordeeld. Zij verklaarden dat hun partijen allebei een deel van de verantwoordelijkheid voor het geweld dragen.

De ontmoeting heeft geen tastbaar resultaat opgeleverd. Zaterdagavond en zondag zijn al weer zes mensen omgekomen bij geweld in de woonoorden. Het was de tweede keer dat Mandele en Buthelezi elkaar troffen om overleg te voeren over de bloedige botsingen waarin vooral ANC-ers en Inkatha-aanhangers tegenover elkaar staan.

De spoedbijeenkomst van het afgelopen paasweekeinde, twee maanden na het eerste overleg op 29 januari, was op verzoek van Mandela tot stand gekomen. Onder de ANC-leiding bestaat groeiend ongeduld met het falen van de Zuidafrikaanse regering op de gewelddadigheden een halt toe te roepen. Bovendien had de eerste, historische, ontmoeting van beide leiders niet het beoogde effect, gezien de aanhoudende bloedige botsingen.

Buthelezi heeft zaterdag voorgesteld een soort van troika samen te stellen van de leiders van wat hij noemt de drie belangrijkste politieke organisaties: de regerende Nationale Partij, het ANC en Inkatha. De troika zou uitsluitend het geweld moeten bespreken. Maar in ANC- en in regeringskringen wordt er rekening mee gehouden dat de Buthelezi op deze manier probeert een plaats te bemachtigen in de lopende onderhandelingen tussen de regering en het ANC over de toekomst van Zuid-Afrika na apartheid.

Mandela heeft zaterdag zijn geplande twee weken durende reis naar een aantal Afrikaanse landen afgezegd in verband met de recente ontwikkelingen. De top van het ANC houdt donderdag beraad over de gewelddadigheden.