Leider van sanering DDR doodgeschoten; RAF eist aanslag op in brief

BONN, 2 april - Detlev Karsten Rohwedder, de 58-jarige Duitse topondernemer en oud-staatssecretaris van economische zaken die sinds augustus vorig jaar het Berlijnse Treuhand-instituut leidde, is gisteravond laat bij een moordaanslag om het leven gekomen.

Rohwedder werd op de eerste verdieping van zijn woning in de Dusseldorfse wijk Oberkassel dodelijk getroffen door drie geweerschoten. Zijn vrouw raakte gewond. Ondanks directe massale verkeerscontroles in Dusseldorf en omstreken ontbreekt nog elk spoor van de daders.

De schoten werden, waarschijnlijk met behulp van nachtzichtapparatuur, afgevuurd van een groenstrook aan de nabijgelegen (westelijke) Rijnoever. Daar is vandaag een brief gevonden waarin de terroristische Rote Armee Fraction de verantwoordelijkheid voor de aanslag opeist. De Duitse politie en procureur-generaal Von Stahl sluiten echter niet uit dat de vroegere Oostduitse staatsveiligheidsdienst (Stasi) de hand in de aanslag heeft gehad.

Het Treuhand-instituut, dat 8.000 gewezen Oostduitse staatsbedrijven moet helpen saneren en privatiseren, wordt door velen in de vroegere DDR mede verantwoordelijk geacht voor de snel oplopende werkloosheid.

Vorige week vrijdag werd een Treuhand-kantoor in de oude Berlijnse stadswijk Prenzlauer Berg getroffen door een bomaanslag, die volgens de Berlijnse politie vermoedelijk een politieke achtergrond had.

Het nieuws van de aanslag is in Bonn hard aangekomen. Kanselier Kohl, die Rohwedder vorig jaar zomer persoonlijk had bewogen om de Treuhand te gaan leiden, zei “diep geschokt” te zijn. Oppositieleider Hans-Jochen Vogel (SPD) sprak van “een laffe moord” die zijn partij “met afschuw en verontwaardiging” vervult.

FDP-voorzitter Otto Lambsdorff, die ooit als minister met staatssecretaris Rohwedder samenwerkte, vroeg opnieuw om scherpere veiligheidsmaatregelen voor prominente politici en industrielen. Op 30 november 1989 werd de chef van de Deutsche Bank, Alfred Herrhausen, in zijn auto opgeblazen, op 27 juli 1990 ontsnapte staatssecretaris Hans Neusel (binnenlandse zaken en terreurbestrijding) aan de dood toen een bom vlak achter zijn auto explodeerde, op 13 februari 1991 werd de Amerikaanse ambassade in Bad Godesberg getroffen door kogels uit een machinegeweer. In alle drie gevallen heeft de RAF zich per brief of telefonisch verantwoordelijk gesteld.