Berlusconi onthutst over wangedrag Milan; Gazetta dello Sport: 'Een blamage voor Italiaanse voetbal'

ROME, 22 maart - AC Milan heeft het boetekleed aangetrokken. De wedstrijd tegen Olympique Marseille wordt ook binnen de club gezien als een van de zwartste bladzijden uit haar glorierijke gechiedenis, een pagina die zo snel mogelijk moet worden omgeslagen.

Veel meer dan het mogelijke einde van een tijdperk waarin Milan de sterkste ploeg ter wereld was, betekent de weigering om de laatste minuten uit te spelen een aantasting van het imago van Milan. De supporters die de ploeg woensdagnacht stonden op te wachten op het vliegveld van Milaan, treurden niet zozeer omdat hun ploeg was uitgeschakeld, maar omdat zij voor het oog van de wereld zo'n slecht figuur had geslagen.

In een poging te redden wat er nog te redden valt, heeft Milan-president Berlusconi gisteren Olympique Marseille gefeliciteerd met de overwinning en gezegd dat Milan geen protest zal indienen bij de UEFA. Adriano Galliani, de man die de dagelijkse leiding over Milan heeft en die de spelers woensdagavond soms letterlijk van het veld trok, moest op een persconferentie uitleggen dat hij het zo niet had bedoeld.

De affaire zal woensdag worden behandeld door de tuchtcommissie van de UEFA. Milan riskeert een straf die kan gaan van een geldboete tot een schorsing in de Europa-Cup. Het rapport van scheidsrechter Karlsson is wat dat betreft gevaarlijk voor Milan. Karlsson heeft de UEFA geschreven dat de wedstrijd technisch gezien nog niet was afgelopen, omdat er nog twee minuten te spelen waren, maar dat Milan weigerde de wedstrijd uit te spelen.

De spelers zelf hielden zich grotendeels aan het spreekverbod dat hen was opgelegd. Aanvoerder Franco Baresi, die een hoofdrol speelde bij de weigering om verder te spelen, zei dat hij en zijn ploeggenoten de aanwijzingen van de clubleiding hadden opgevolgd. “Het enige dat telt is dat we zijn uitgeschakeld en daar is niets op af te dingen, “ zei Baresi.

Andere spelers suggereerden dat ze het niet eens waren met de weigering om verder te spelen. Sacchi zei het openlijk: “Toen ze kwamen zeggen dat ik moest weggaan, heb ik gevraagd: waarom? Hebben ze me eruit gestuurd?” Ruud Gullit, die van de spelers het meest protesteerde tegen het uitvallen van een deel van de verlichting, ontweek gisteren de journalisten in het trainingskamp Milanello.

De reacties vanmorgen in de Italiaanse pers (wegens een staking zijn gisteren geen kranten verschenen) waren unaniem hard: een schande Milan onwaardig, een blamage voor het Italiaanse voetbal. En bovendien stom, want de reglementen zeggen dat de scheidsrechter bij slecht licht kan besluiten om toch door te laten spelen. De ploegen moeten dat dan doen, onder protest. Milan verkeerde woensdagavond in 'een hysterische crisis', schreef de Gazzetta dello Sport, die vanmorgen bijna zes pagina's aan de wedstrijd wijdde.

Bernard Tapie, de president van Olympique Marseille, is een van de velen die hebben gesuggereerd dat er niets zou zijn gebeurd als Berlusconi erbij was geweest. Berlusconi gaat bij de belangrijke wedstrijden altijd mee, maar dit keer moest hij in Milaan blijven in verband met de zakenstrijd tegen Carlo De Benedetti om de uitgeverij Mondadori.

Berlusconi vertelde dat hij woensdagavond tevergeefs heeft geprobeerd zijn mensen in het stadion te bellen. In een korte verklaring van AC Milan die alleen door hem was ondertekend, putte hij zich gisteren uit in excuses. Berlusconi schreef dat Olympique Marseille 'volledig verdiend' heeft gewonnen en wenste de club veel succes voor de rest van het toernooi.

Later zei hij tegen journalisten dat het hem buitengewoon speet wat er was gebeurd. “Milan is geen club van blikjes en muntjes en ik hoop dat zij dat nooit zal worden, “ zei Berlusconi. Het was een verwijzing naar een incident van vorig jaar, toen Napoli een reglementaire 2-0 overwinning kreeg toegewezen nadat een speler door een muntje was getroffen. Milan heeft steeds gezegd dat Napoli de zaak heeft overdreven en zonder deze overwinning nooit landskampioen zou zijn geworden.

Hoofdschuldige in het 'lelijke incident' is volgens Berlusconi Adriano Galliani, de vrijwel kale managing director van Milan. Toen de fotografen het veld in stroomden omdat ze dachten dat de wedstrijd was afgelopen en er een verwarde situatie ontstond omdat ook nog een lichtmast uitviel, rende hij van de tribune via de kleedkamers het veld op. Het was Galliani die de spelers aanzette om weg te lopen, speculerend op een reglementaire 3-0 overwinning als de wedstrijd door de schuld van Marseille niet verder gespeeld had kunnen worden.

Het leek de sjeik van Koeweit wel, schreven de kranten vanmorgen, herinnerend aan een incident tijdens het WK van 1982. Deze kwam tijdens de wedstrijd Frankrijk-Koeweit het veld in om te protesteren tegen een doelpunt van de Fransen en dreigde zijn team terug te trekken. Op een persconferentie gisteren ontkende Galliani dat Milan weg had willen lopen. Hij zei dat hij alleen maar tegen de UEFA-waarnemer had gezegd dat er niet verder gespeeld kon worden omdat er teveel mensen direct langs het veld stonden.

Hoe nu verder? Over de toekomst van Sacchi wordt driftig gespeculeerd. Zijn contract bij Milan loopt medio 1992 af. Om te laten zien dat hij nog steeds vertrouwen in Sacchi heeft, heeft Berlusconi hem gisteren aangeboden de contractafspraken voor komend seizoen in orde te komen maken. Sacchi heeft gezegd dat hij zijn contract zal nakomen. Maar Juventus en Real Madrid hebben al laten weten belangstelling te hebben, en ook de Italiaanse bond is voorzichtig op zoek naar een nieuwe trainer voor het nationale elftal.

In de afgelopen jaren is het niet voorgekomen dat Milan eind maart was uitgeschakeld voor de Europa-Cup en nauwelijks kansen meer had op het landskampioenschap. Milan is nog in de strijd voor de Italiaanse beker, maar daarin zijn de clubs hier nauwelijks geinteresseerd. Vandaag had Milan een rustdag, overmorgen wacht de belangrijke derby tegen stadgenoot Inter, nummer twee op de ranglijst. Het is de vraag of de spelers van Milan zich hiervoor kunnen oppeppen. Sacchi gisteren: “Ik voel me plotseling zo oud en zo moe.”