Oude chips in nieuwe wapens

Af en toe doet het fabeltje de ronde dat de Amerikaanse 'intelligente wapens' propvol zouden zitten met Japanse elektronica.

De Verenigde Staten hebben de race om de snelste chips tegen Japan niet vol kunnen houden en zouden dus gedwongen zijn hun high tech wapens uit te rusten met onderdelen waarop 'Made in Japan' staat. Dat was althans de strekking van vele berichten in de pers die een oppervlakkige reactie vormden op enkele rapporten die het Pentagon over dit onderwerp had doen verschijnen en die de afgelopen weken actueel leken in de Golfoorlog.

In bijna alle opzichten is deze voorstelling van zaken onjuist. Inderdaad staan de Verenigde Staten op het punt de race om bepaalde grote chips van Japan te verliezen. Het gaat om chips die een belangrijke toepassing zullen krijgen op de commerciele markt en daarom economisch gezien van bijzonder groot belang zijn. Heeft dit iets te maken met chips die in intelligente wapens zitten? Het antwoord hierop luidt simpel: niets.

Vroeger, een jaar of twintig geleden, was het nog wel zo dat militaire research op elektronicagebied enige toepassing kon hebben op de commerciele markt. Er was wat men wel noemt spin off. Maar die tijd is lang voorbij. De commerciele markt heeft zich razendsnel ontwikkeld. Een computer van vijf jaar oud schijnt in dit nerveuze wereldje waar generatie na generatie elkaar inhalen al beschouwd te worden als een apparaat uit het steenkooltijdperk.

Wapensystemen gaan tien, twintig tot dertig jaar mee. Het is voor een wapenfabrikant dus totaal onbelangrijk om het nieuwste van het nieuwste in huis te halen - volgend jaar is hij toch weer ouderwets. Bovendien stelt hij ook niet zulke hoge eisen aan de rekensnelheid en de rekencapaciteit van zijn chips. Het is alweer een kwart eeuw geleden dat de Amerikanen op de maan landden en dat ging heel aardig met eenvoudige computers. Geleide wapens gaan beslist niet sneller dan de Apollo-raket (al zijn ze wel veel kleiner).

Maar veel meer dan in geringe snelheid en kleine capaciteit onderscheiden chips voor militaire toepassingen zich in iets heel anders: in het vermogen te blijven functioneren onder moeilijke omstandigheden, zoals extreme koude of hitte, maar vooral onder nucleaire omstandigheden. Ze moeten, met andere woorden, ertegen kunnen dat ze doorzeefd worden met een regen van nucleaire deeltjes.

Want de 'smart weapens' die we de laatste weken op de televisie hun werk zagen doen, waren oorspronkelijk bedoeld voor Moskou, Smolensk, Praag en Wladiwostok, plaatsen die op het moment van de inzet mogelijk al enkele nucleaire voltreffers geincasseerd hadden. Ook moet de militaire elektronica bestand zijn tegen de EMP, de elektromagnetische puls van een ontploffende atoombom in de ruimte die alle civiele elektronica die niet zeer goed beschermd is, met een klap onbruikbaar maakt.

Het gevolg hiervan is dat de militaire chips zeer stevig en grof van bouw zijn, stoommachines in het chiptijdperk. Zelden zijn het ook massa-artikelen, iets waar Japan heel sterk in is, maar het zijn juist dedicated chips die speciaal voor hun functie ontwikkeld worden.

Deze speciale branche in de chips-wereld is een klein, bijna doodlopend straatje geworden, die maar vier procent van de Amerikaanse jaaromzet in chips uitmaakt. Het enige grote gevaar dat deze branche bedreigt, is dat het de aansluiting met nieuwe technieken dreigt te missen. De bright young guys in de computerwereld zullen hun carriere zeker niet in de militaire elektronica zoeken. Ook nieuwe technieken als Gallium-arsenide chips en keramische wafers (laagjestechniek met keramische tussenlaagjes in plaats van plastic) komen tot ontwikkeling buiten de militaire sector om en wel in het bijzonder in Japan.

Dat was dan ook de reden voor waarschuwingen van het Pentagon in de genoemde rapporten. Niet dat de Amerikaanse defensie-industrie afhankelijk was geworden van Japanse chips (dat zullen de VS tot elke prijs voorkomen), maar dat men op deelterreinen de aansluiting ging missen.

En dit is niet alleen de mening van het Pentagon, maar zeker ook van de wapenfabrikanten zelf. Enkele jaren geleden maakte ik met een klein gezelschap 'Europese journalisten' een reisje langs een vijftiental Amerikaanse wapenfabrikanten om hun mening te horen over het Strategisch Defensie Initiatief ('Star wars'). En bij elke fabrikant werd de vraag gesteld of ze bang waren om afhankelijk te worden van Japanse chips.

De ongekunstelde verbazing over deze naieve vraag en de losheid van het antwoord die keer op keer volgden, overtuigden me meer dan dikke rapporten van het Pentagon. Nee, alle belangrijke chips maken we zelf, en de techieken daarvoor zijn absoluut niet revolutionair.

Kortom, de slimme bommen van nu zijn vaak al een jaar of tien oud en stonden op de tekentafels van twintig jaar geleden. Wapens zijn niet high tech, daar zijn ze te duur voor en daarvoor moeten ze te lang mee.

Men zegt wel dat generaals altijd bezig zijn de vorige oorlog te winnen. Daar hebben ze vaak goede redenen voor.