Het einde van de sleutelbos

Er speelt een duistere kwestie in bedrijf X, met niet meer thuis te brengen overboekingen.

Boekhouder Jansen wordt op het matje geroepen, hij kan geen bevredigende verklaring geven en ruimt het veld. Opluchting bij bedrijf X, omslaand in bezorgdheid als iemand ontdekt dat Jansen niet al zijn sleutels heeft teruggegeven. Heeft hij ze nog? En als hij ze teruggeeft, zijn er dan geen kopieen van gemaakt? Bedrijf X neemt het zekere voor het onzekere en monteert in alle deuren die Jansen kon openen nieuwe cilindersloten, met nieuwe sleutels.

Bedrijf Y maakt ook iets gruwelijks mee. Na een bezoek van een langharige jongeman met onverzorgd uiterlijk ontbreekt een van de twee moedersleutels. De directie kreunt, geeft de beveiligingsbeambte een uitbrander en laat in alle deuren nieuwe sloten zetten.

Allemaal overbodig als het nieuwe Eloctro systeem van Lips een succes wordt. Het is een combinatie van een elektronisch en een mechanisch slot, het komt over een paar maanden op de markt en het heeft er alle schijn van dat er bijzonder goed over is nagedacht.

Aan het slot is aan de buitenkant niet veel bijzonders te zien, maar de bijbehorende sleutels zijn merkwaardig. Het gedeelte dat in het slot wordt gestoken (de baard) is plat en recht, zonder ribbels, tandjes of kuiltjes. Wel zit er een zwart vlakje aan het eind en daar zit hem de kneep. Het is een speciale chip, voor Lips ontwikkeld door TNO en het Centrum voor Microelektronica. Lips wil het geheim van de werking niet prijsgeven, maar het principe is dat van de transponder: een schakeling die zijn ingebakken code uitzendt zodra de chip in een hoogfrequent veld wordt gebracht. Koeien en varkens krijgen ze wel in het oor geniet, zodat de voederautomaat weet met wie hij te doen heeft. Het unieke van de Lips-chip (een wereldprimeur volgens de slotenfabrikant) zit hem in de afmetingen (drie bij drie millimeter) en in het feit dat ontvanger, code en zender in een chip zijn samengebouwd.

De chip is stevig opgeborgen tussen twee ferrietplaatjes en krijgt voor de montage in de sleutel een unieke en niet meer te veranderen code ingeprent. Het totale aantal mogelijke codes is 70 biljard (een 7 met dertien nullen).

In het slot zit een schakeling die de code van de sleutel uitleest en als hij de code kent met een elektromagneetje een sluitpal licht. Vervolgens kan de sleutel omgedraaid worden om te openen of af te sluiten.

PROGRAMMEERSLEUTEL

Het programmeren van het slot is eenvoudig. Een bij elk slot meegeleverde programmeersleutel wordt in het slot gestoken. De programmeersleutel is groen, maar is verder gelijk aan de gewone sleutels. Het slot geeft een piepje. De programmersleutel gaat eruit en nu steekt men de te programmeren, gewone sleutel erin. Het slot piept nu twee keer, slaat de code van deze sleutel in zijn geheugen op en in het vervolg accepteert hij deze sleutel. In de eenvoudigste uitvoering accepteert het slot 16 verschillende sleutels. Het gaat dan om de goedkoopste stand-alone versie (f. 450) die is uitgerust met vier batterijtjes. Volgens Lips gaan de batterijtjes zeker twee jaar mee. Er zijn ook duurdere versies, met netvoeding en leidingen door de deur. De duurdere apparaten accepteren tot 1000 sleutels en kunnen ook aan systemen voor aanwezigheids- en tijdsregistratie worden gekoppeld.

DE WISSLEUTEL .

Wissen kan ook. Daarvoor is een wissleutel vereist, een rode. De wissleutel in het slot, een piepje, de gewone sleutel erin, twee piepjes en als die sleutel er nog een keer wordt ingeduwd is een aanhoudende pieptoon het resultaat en de sleutel kan niet meer omgedraaid worden. Maar wat te doen met boekhouder Jansen die de benen neemt - met medenemen van de sleutel die zoveel deuren opent? Hier treedt een andere eigenschap van het systeem in werking. Elke sleutel is voorzien van een gekleurd plastic plaatje. Er zijn zestien kleuren. Als de boekhouder een gele sleutel had, kunnen met het wissen van een willekeurige gele sleutel alle gele sleutels worden gewist. Dat betekent wel dat alle personeelsleden met een gele sleutel voor een gesloten deur staan, maar ze kunnen eenvoudig weer worden ingeprogrammeerd. Het eindresultaat is dat alle gele sleutels het weer doen, behalve die van de boekhouder.

Tijdens de presentatie van de nieuwe sleutel vorige week waren de Lipsmensen behoorlijk trots. Ze werden niet moe de bijzondere voordelen van de sleutel te belichten. De sleutel kan niet worden gekopieerd: het einde van de hakkenbar dus. Als het systeem eenmaal breed geaccepteerd is, kun je met een sleutel alle sloten openen die je code kennen. Als je met vakantie gaat kun je voor die drie weken je buurvrouw inprogrammeren om de planten water te geven en als je terugkomt programmeer je haar er weer uit. Bij verlies van een sleutel hoef je geen nieuwe sloten te monteren, je wist gewoon die ene sleutel. Reorganisaties binnen een bedrijf leiden niet meer tot grootscheeps verwisselen van cilinders en sleutels; iedereen kan zijn eigen sleutel houden en verder is het een kwestie van programmeren.

RELATIEVORMING .

Maar de interessantste mogelijkheden liggen natuurlijk op het terrein van de relatievorming. Het inprogrammeren van elkaars sleutels biedt eindelijk een modern alternatief voor het ouderwetse uitwisselen van verlovingsringen. En omgekeerd: de man die op een regenachtige avond zijn sleutel in haar slot steekt, een lang aangehouden piep hoort en de sleutel niet mee kan omdraaien weet hoe laat het is: uitgeprogrammeerd. Hardvochtiger de bons krijgen is haast niet mogelijk, maar effectief is het wel.

    • Warna Oosterbaan