Druk van Israel op ministerie van financien en NCM

ROTTERDAM, 31 JAN. De Israelische ambassade in Den Haag en de Kamer van Koophandel Nederland-Israel hebben de afgelopen dagen grote druk uitgeoefend op het ministerie van financien en op de Nederlandse Credietverzekerings Maatschappij (NCM) om de exportkredietverzekering op Israel te hervatten.

De Israeliers boden zelfs aan om de risico's van de exportkredietverzekring met Financien delen.

Topambtenaren, Tweede Kamerleden en staatsecretaris Van Rooy (buitenlandse handel) werden ingeschakeld om minister Kok (financien) er toe te bewegen terug te keren op zijn eerdere besluit om de uitvoer naar Israel niet langer te verzekeren in verband met de Golfoorlog.

De lobby lijkt succes te hebben gehad. Gisteren hakte Kok de knoop door. De NCM herroept haar besluit van 16 januari om 'dicht te gaan' op een aantal landen in het Midden-Oosten waaronder Israel, Nederlands belangrijkste handelspartner in de regio. De exportkredietverzekering is hervat, zij het uitsluitend voor kortlopende transacties met een krediettermijn van maximaal twaalf maanden. “De betalingsmogelijkheid van de landen blijkt niet te zijn aangetast door de Golfoorlog”, zo luidt de officiele motivering van het ministerie van financien.

Om de minister op andere gedachten te brengen, hanteerden de Israelische ambassade en de Kamer van Koophandel Nederland-Israel zowel financieel-economische als politieke argumenten.

Vanuit financieel-economisch oogpunt vonden ze het onterecht dat Israel wel maar Turkije en Egypte niet voor verzekeringen waren uitgesloten. Volgens hen zijn Turkije en Egypte zo mogelijk eerder dan Israel partij in de oorlog tegen Irak en zijn deze landen daarom voor de NCM tenminste net zo'n groot risico als Israel.

Maar ook in politiek opzicht zou de minister foute keuzes hebben gemaakt. De voorzitter van de Kamer van Koophandel Nederland-Israel, drs. J. Bons, vindt het bijvoorbeeld “onlogisch” dat de Nederlandse regering Israel dringend verzoekt niet in oorlog te gaan, maar het land tegelijkrtijd “in de ban van de oorlog” doet door de exportkredietverzekering te staken.

In een brief van de Kamer van Koophandel aan staatssecretaris Van Rooy staat letterlijk: “Afgezien van economische belangen welke hier aan de orde zijn, veroorloven wij ons er op te wijzen dat wij de maatregel ook in strijd achten met het beroep dat juist ook de Nederlandse regering op de regering van Israel heeft gedaan, om zich buiten de Golfoorlog te houden en de tot nu toe getoonde bereidheid van Israel om hier aan gevolg te geven.”

De kredietverzekering op Israel werd op 16 januari gestaakt, kort voor het begin van de Golfoorlog. Behalve op Israel schortte de NCM die dag de dekking ook op op Bahrein, Jordanie, Qatar, Saoedi-Arabie, Syrie en de Verenigde Arabische Emiraten. Dat geschiedde “in verband met de nu ontstane oorlogsdreiging alsmede de onmogelijkheid om het overzicht te houden over de feitelijke kredietrisico's”.

Het steekt de Israelische ambassade in Den Haag dat Financien en de NCM niet eerst contact hebben opgenomen met de ambassade en de Kamer van Koophandel alvorens de verzekering op te schorten. Was dat wel gebeurd dan had Financien volgens de ambassade mogelijk helemaal niet het het besluit genomen om 'dicht te gaan' op Israel. Want, aldus I. Shochat van de ambassade, de Israeliers zijn bereid de risico's die de NCM loopt op Israel te delen. Het land is volgens Shochat bereid buitenlandse vliegtuigen en schepen, incluisief hun vracht, onder bepaalde voorwaarden te verzekeren.

De woordvoerster van de NCM, M. Vincken, toonde zich lichtelijk verbaasd over de grote druk van Israel op Financien en de NCM. Ook andere landen in het Midden-Oosten hadden wel aan de bel getrokken, maar de Israeliers hadden volgens haar verruit de sterkste lobbycampagne op touw gezet.

De vraag waarom de NCM 16 januari de verzekeringen op Israel wel en die op Turkije en Egypte niet opschortte, vindt Vincken overigens legitiem. “Ja, waarom Israel wel en die landen niet? Dat kun je je inderdaad afvragen. Gezien de financieel-economische situatie vonden we het echter nodig om dicht te gaan. Wij vonden ook Israel gewoon risicovol. Maar het zou natuurlijk kunnen dat de minister een politieke beslissing neemt om weer open te gaan”, zo zei Vincken deze week kort voordat de minister gisteren het besluit nam om weer gedeeltelijk te gaan verzekeren.

In de Tweede Kamer bestond kritiek op het besluit van de minister om de exportkredietverzekeringen op Israel op te schorten. Buitenlandspecialist Weisglas van de VVD vond het “merkwaardig” dat Egypte en Turkije niet zijn dichtgegaan en vroeg zich af of Israel strenger wordt behandeld. Staatssecretaris Van Rooy had Weisglas maandag laten weten dat het ministerie van economische zaken het wenselijk vond “om te kijken of het besluit om dicht te gaan op Israel niet moet worden heroverwogen”.

In een eerste reactie op het besluit van Kok om de verzekering weer gedeeltelijk te hervatten voor alle genoemde landen in het Midden-Oosten, reageerde Weisglas lichtelijk verbaasd. “Ik heb nu het idee dat ze van het ene uiterste in het andere uiterste vallen. Een land als Saoedi-Arabie verkeert toch in oorlog? Maar, let wel, het is hun besluit. Kennelijk zijn de risico's zodanig dat het verantwoord is om de verkezering weer mogelijk te maken.”

De Arabisch-Nederlandse kamer van Koophandel in Den Haag toont zich ingenomen met het het besluit van de minister. Zelf heeft de Kamer van Koophandel geen druk uit geoefend op Financien en de NCM. Dat zou volgens de voorzitter van de Kamer toch weinig gewicht in de schaal hebben gelegd. “Israel heeft hier meer invloed dan alle Golfstaten bij elkaar.” De voorzitter van de Arabische Kamer van Koophandel toont zich desgevraagd dankbaar voor alle inspanningen van Israel om de kredietverzekeringen weer op gang te krijgen.

    • Geert van Asbeck