Vlakke filosofietjes over verloren onschuld

Voorstelling: Winnetou's testament, door cabaret Pappenheim (Peter Lusse, Mylene d'Anjou en Bas Odijk). Regie: Jan-Simon Minkema. Gezien: 29-1 in schouwburg Het Park, Hoorn.

Peter Lusse heeft een mooi chanson geschreven over de vraag waarom vroeger alles mooier leek dan nu: “Vroeger droomde ik van later - dat is het verschil”. Hij zingt het in een van de laatste scenes van Winnetou's testament, zijn tweede cabaretprogramma, min of meer gewijd aan het verlies van de onschuld van de jongensjaren.

Min of meer - en dat is het probleem. Hier en daar is dat thema wel terug te vinden, maar van alle ideeen die worden opgeworpen, zijn er te weinig uitgewerkt. Veel blijft hangen in een al te cryptisch grapje of een te vlak filosofietje, heel wat vervliegt op het moment dat het wordt uitgesproken.

Daar komt nog bij, dat Lusse vooralsnog niet de ideale uitvoerder is van zijn eigen teksten. Hij kan puntig formuleren en beschikt over een goed oor voor potsierlijke omgangstaal. Maar hij heeft slechts een bescheiden uitstraling, mist het bij een cabaretier vereiste overrompelingstalent en oogt vaak nog te jongensachtig om in persiflages op stoere mannentaal te kunnen overtuigen. Daardoor gaan veel goede grappen vrijwel onopgemerkt voorbij.

Hij gaat dit seizoen vergezeld van Mylene d'Anjou, die eerder opviel in produkties van het American Repertory Theater en de Stalhouderij, en pianist Bas Odijk, die met wisselend succes bijspringt als de droogkomiek. Mylene d'Anjou heeft van die drie verreweg de meeste presence. Dat zij hier haar multi-inzetbaarheid kan aantonen, vind ik de grootste verdienste van het programma.

    • Henk van Gelder