Service-mensen werken tot diep in de nacht aan ideale ski; De geheimzinnige was-brouwsels

SAALBACH, 30 jan. - Terwijl de skiers in de hotelkamers al lang hun vermoeide benen hebben gestrekt, staan in de kelders nog mannen vaak tot diep in de nacht te werken.

Uit een radio klinkt opbeurende muziek als de zogenoemde serviceman een twintigtal ski's schuurt, slijpt en met was inwrijft. Jarenlange trainingen van de skiers op techniek en conditie kunnen voor niets zijn geweest als de man in de kelder de latten verkeerd bewerkt.

De serviceman heeft een hechte relatie met zijn skiers. Meestal wordt in de spelonken van het hotel driftig overlegd welke ski's tijdens de trainingen het beste zijn bevallen, vooral welke het beste hebben gegleden. In samenspraak met de service-adviseur worden de ervaringen doorgenomen en kiest men voor een bepaalde was, soms een gewone, soms een wondermiddel, gebrouwd door de service-man zelf. Over was wordt in het wedstrijdskien altijd geheimzinnig gedaan.

Vier jaar geleden baarden de Italiaanse afdalers opzien door plotseling de ene na de andere wedstrijd te winnen. Vooral tijdens de wereldbeker-wedstrijd in het Zwitserse Leukerbad waren Mair en Piantonida opvallend sneller dan de heersers van de afdaling Zurbriggen, Muller, Wasmeier, Heinzer en Mahrer. Alle skiers waren de nacht ervoor verrast door een enorme sneeuwstorm, waardoor de piste plotseling van gedaante veranderde.

Het parcours werd door de verse sneeuw stroever. Maar de ski's van de Italianen gleden juist opmerkelijk goed. Het kon niet anders dan dat de serviceman van de Italianen de beschikking had gehad over een speciale, goed op verse sneeuw berekende was. Maar niet alleen tijdens die wedstrijd bleken de Azzurri op het glij-onderdeel - en daarom zo wasgevoelig - bij uitstek snelle vorderingen te hebben gemaakt. Ervaren servicemannen en was-experten hadden een sterk vermoeden: wonderwas.

Toen Michael Maier vervolgens een maand na Leukerbad op de wereldkampioenschappen in Crans Montana op weg leek tijdens de afdaling de tijden van Muller en Zurbriggen te verbeteren, wisten ze het zeker. De 1, 90 lange Mair ging op zijn 2, 05 meter lange latten zo snel dat hij op een recht stuk uit balans raakte en in het vangnet belandde. Verschillende trainers waren het er over eens: dat was geen technische fout, zijn ski's waren te snel. Deze conclusie werd de coach van de al jaren teleurstellende Oostenrijkers Bartsch fataal. De bond ontsloeg hem wegens deze volgens hem belachelijke verontschuldiging. Tegenwoordig maakt Bartsch furore met skiers uit Noorwegen, het land waar door de ervaringen met langlaufen de beste was wordt gemaakt.

De servicemannen zijn in dienst van de ski-firma waarbij de skiers die zij helpen onder contract staan. Het kan zijn dat bijvoorbeeld de ene Zwitser over ander materiaal beschikt dan de andere en daarom ook over andere was. Vaak werken de servicemannen voor drie of vier skiers. Maar daar hebben ze hun handen vol aan, want elk topskier kan voor een wedstrijd wel acht ski's - al naar gelang het aantal onderdelen en bijbehorende trainingen - tot zijn beschikking hebben. Daarnaast krijgt hij regelmatig nieuwe door testskiers onderzochte latten.

Was, dat doorgaans namen draagt als 'Holmenkol rot', wordt aangebracht op grond van bevindingen die de altijd aanwezige adviseur van de was-firma met de heersende sneeuwsituatie heeft. Deze neemt voor een wedstrijd tweemaal per dag de temperatuur van de sneeuw op, meet de kou en de vochtigheidsgraad van van de lucht, analyseert met een loupe de structuur van de sneeuwkristallen en legt dan de serviceman een computeruitdraai voor met zijn was-advies.

De man in de kelder pakt dan zijn huis-tuin-en-keuken strijkbout en verspreid het smeerseltje subtiel over de onderkant van een lat. Dat is nooit een willekeurige ski. Want elke ski heeft weer een ander 'Belag' (laag aan de onderkant). Daarvan zijn er zelfs in twintig structuren, die vervolgens weer door verschillende slijpmethoden (grover of fijner) en slijpsnelheden aan de sneeuwsituatie kunnen worden aangepast.

Servicemannen zijn vaak wedstrijdskiers die de top niet hebben gehaald of ex-testskiers. Zonder die ervaringen zijn ze niet voor hun taak berekend. Oude service-mannen zijn er nauwelijks. Dag en nacht werken, altijd onderweg met zo'n dertig ski's bij zich. Vijf jaar geleden was de jongste serviceman in het Formule I-skien dertig jaar, nu schijnt de oudste 33 te zijn.