Begin van grondoorlog is geen militair maar politiek besluit

WASHINGTON, 29 jan. - Wat een militaire beslissing zou moeten zijn wordt een ideologische kwestie: wanneer begint de grondoorlog om Koeweit te bevrijden?

Pacifistisch ingestelde commentatoren en politici die de oorlog toch willen steunen wensen de landmacht en de mariniers uit de strijd te houden.

Het is de tweede linie waarachter zij zich verschansen. De eerste linie, het handhaven van de economische sancties tegen Irak, is inmiddels geheel verlaten.

Zowel Democratische als Republikeinse Congresleden hebben president Bush aangespoord de inzet van grondtroepen zo lang mogelijk uit te stellen. Alle militaire deskundigen voorspellen dat een strijd op de grond veel Amerikaanse slachtoffers kan kosten. In dat geval gaat, volgens de meeste opiniepeilingen, de overweldigende steun van het publiek voor de oorlog gauw verloren. Alleen een recente peiling van de Wall Street Journal en NBC-televisie voorspellen dat een kleine meerderheid de oorlog zou blijven steunen als er duizenden Amerikaanse slachtoffers vallen. Dergelijke feiten tonen nog eens aan dat militairen wel de afzonderlijke operaties maar niet het verloop van de oorlog kunnen bepalen.

“Als de president de geallieerde strijdkrachten een grondoorlog in stuurt, met de bijbehorende slachtoffers, kan hij komen vast te zitten in iets dat hij altijd had willen vermijden: Vietnam”, schreef columnist William Raspberry in de Washington Post.

“We moeten ons niet laten meeslepen”, schreef John Steinbruner van het Brookings Instituut uit Washington in de New York Times. Steinbruner vreest dat sluipenderwijs alle onderdelen van de Amerikaanse krijgsmacht betrokken raken bij de strijd. “Het is waarschijnlijk dat de landmacht en de mariniers het vroege overwicht van de luchtmacht en de marine benijden.”

Het mechanisme dat Steinbruner vreest werkt al. De grondstrijdkrachten worden al ingezet. Mariniers hebben 's nachts hun artilleriestukken, die een aanzienlijk geringere reikwijdte hebben dan de Iraakse houwitzers, dichtbij de vijandelijke linies gereden om overdag waargenomen vijandelijke posities te bombarderen, waarna ze zich snel weer uit de voeten maken. De Irakezen zouden tot nu toe het vuur nauwelijks hebben beantwoord, want hun superieure artillerie is niet geleverd met nachtzichtapparatuur. Zo vechten alle Amerikaanse strijdkrachten mee. “Dit is van het begin af een geintegreerde operatie geweest”, zegt de hoogste militair van het Pentagon, generaal Colin Powell, die ook militair-diplomatieke gaven heeft.

Tot nu toe heeft de gewraakte rivaliteit tussen de krijgsmachtonderdelen zich nauwelijks doen gelden. Twee landmacht-generaals coordineren een oorlog die voornamelijk door de luchtmacht en de marine wordt gevoerd. Marinevliegtuigen tanken bij de luchtmacht en landen op gewone vliegvelden. Door een in 1986 ingevoerde hervorming van de commandostructuur heeft een krijgsmachtonderdeel niet meer het vetorecht op zijn eigen uitsluiting van een bepaalde actie.

Een andere belangrijke verandering is de grote autonomie van de commandant ter plaatse. Militairen nemen de beslissingen over krijgshandelingen, is de nieuwe filosofie. In de Vietnam-oorlog bepaalden politici de doelwitten van de bombardementen.

Niettemin spelen de politiek en de steun van het thuisfront nog steeds een grote rol bij militaire beslissingen.

Ook voor president Bush wordt het een moeilijke beslissing om in de loop van de volgende maand de grondtroepen met een grootscheepse aanval te laten beginnen. Volgens ambtenaren van het Pentagon vallen de resultaten van de bombardementen tegen, zo meldt de Washington Post. Gebombardeerde vliegvelden worden in hoog tempo gerepareerd, de Iraake radar en het radioverkeer werken nog, aanvoerlijnen zijn nog niet vernietigd en de produktie van biologische en chemische wapens is slechts voor de helft onklaar gemaakt.

Binnen de Amerikaanse regering wordt er al voor gepleit om na weken van bombarderen uiteindelijk grondtroepen in een groot offensief in te zetten, maar het ontbreken van publieke steun voor een dergelijk offensief kan het vechten helemaal onmogelijk maken. De Verenigde Staten in een bloedige grondoorlog lokken is het geheime wapen van Saddam Hussein, die een dergelijk conflict niet eens hoeft te winnen. Er kan derhalve geen sprake zijn van het ongeremd inzetten van alles wat de geallieerden ter beschikking hebben. Er zijn vele beperkingen, soms zelfs meer dan in de Vietnam-oorlog. Politieke en morele overwegingen weerhouden president Bush van bombardementen die behalve soldaten burgers treffen, zoals bij de Vietnam-oorlog, waar guerrillastrijders zich in burgerkleren hulden. Volgens generaal Schwarzkopf nemen de geallieerde piloten extra risico's om de Iraakse burgers te ontzien.

“Wij zijn niet uit op de vernietiging van Irak”, zei president Bush gisteren in een toespraak, waarbij hij ook de Bijbel citeerde, voor de Convention of Religious Broadcasters. “We hebben respect voor het volk van Irak, het belang van Irak in het gebied. We willen het land niet zo destabiliseren dat Irak zelf een doelwit voor onderdrukking wordt.” Het vergt een voor strijdkrachten verfijnd optreden dat in een oorlog, en zeker in een grondoorlog, welhaast onmogelijk is.

    • Maarten Huygen