President Barre van Somalie is op de vlucht geslagen

NAIROBI, 28 jan. - President Siad Barre van Somalie is op de vlucht geslagen.

Vier weken nadat de Somalische burgeroorlog de hoofdstad Mogadishu had bereikt, zijn rebellen er dit weekeinde in geslaagd het presidentiele paleis te veroveren.

De rebellen in de hoofdstad hebben aangekondigd in samenwerking met andere verzetsgroepen elders in het land een coalitieregering te vormen die Somalie moet leiden naar vrije verkiezingen.

Na een korte rustperiode in de gevechten ging zaterdag het Verenigde Somalische Congres (USC) weer in het offensief. Nog slechts de omgeving rond de luchthaven en het presidentiele paleis Villa Somalia werden gecontroleerd door de overgebleven regeringssoldaten.

Vijftien minuten voor Villa Somalia zaterdagavond in handen van de rebellen viel, ontsnapten Barre en zijn aanhangers met 45 militaire voertuigen uit het presidentiele paleis. Diezelfde avond zond het USC voor het eerst uit over het nationale radiostation en verklaarde Somalie bevrijd. Zondagochtend ontfermden plunderaars zich over het interieur van het presidentiele paleis.

Barre had vorige week al aangegeven de macht te willen overdragen. In zijn laatste dagen in Villa Somalia moeten vooral gekrenkte eergevoelens zijn handelen hebben bepaald. Nog een keer wilde de belegerde president zijn gezag laten gelden; hij wenste alleen af te treden wanneer de USC-rebellen een bestand zouden accepteren. Dat aanbod werd afgewezen.

Barre zal nu vermoedelijk proberen vanuit Zuid-Somalie naar Kenia te vluchten. Volgens andere berichten zou een Italiaans schip hem willen evacueren uit de havenstad Kisimaio. Vanmorgen sijpelden berichten door dat Barre inmiddels in Kisimaio, 430 kilometer ten zuiden van Mogadishu, is aangekomen.

De humanitaire kosten voor de verwijdering van Barre blijken enorm te zijn geweest. Terwijl in de straten van Mogadishu honden zich te goed doen aan rottende lijken, kunnen in de laatste nog functionerende medische posten de artsen het hoge aantal gewonden niet aan. Er heerst een groot gebrek aan medicijnen. De stroom vluchtelingen naar de buurlanden zwelt aan. In Ethiopie zouden zich inmiddels 20.000 Somalische vluchtelingen bevinden, plus nog eens tienduizenden Ethiopische Somaliers die eind jaren tachtig naar Somalie waren gevlucht. In Kenia werd gisteren de ex-Somalische premier Samatar in het ziekenhuis opgenomen. Hij was tijdens zijn vlucht door rebellen in het hoofd geschoten.

De oppositie tegen Barre's regime nam gestructureerde vormen aan na de oprichting begin jaren tachtig van het Somalische Nationale Verzet (SNM). Pas in de laatste twee jaar ontstond het USC en de Somalische Patriottische Beweging (SPM). Nog enkele kleinere verzetsgroepen zijn actief en in de laatste maanden wonnen ook burgergroeperingen aan invloed, zoals de Manifesto-groep.

Barre slaagde er jarenlang in de oppositie te verdelen door de verschillende clans en sub-clans tegen elkaar uit te spelen. De rivaliserende clans vormden ieder hun eigen guerrillagroep. Het gebrek aan eenheid in de oppositie heeft Barre jarenlang in Mogadishu aan de macht gehouden, hoewel het land al was opgesplitst tussen verscheidene rebellengroepen, muitende regeringssoldaten en bandieten.

De drie verzetsgroepen zouden nu hebben besloten een Nationaal Reddingscomite op te richten om het land voorlopig te besturen. Tijdens de militaire campagne bestond er geen noemenswaardige samenwerking tussen de guerrillabewegingen. Het USC nam het in Mogadishu alleen op tegen Barre's troepen. De andere oppositiegroepen moeten nu afwachten of zij door het USC worden betrokken bij het nieuwe regime.