Opstand van islam tegen het Westen staat helemaal niet vast; 'Moslimbroeders zijn tegen alle dictators' 'Raketten van Saddam bevrijden Palestina niet'

KAIRO, 28 jan. - President Mubarak en zijn bondgenoten in de anti-Saddam-coalitie hoeven zich voorlopig geen zorgen te maken over de kracht van Saddams medestanders in Egypte.

De Moslimbroeders, die verreweg de belangrijkste oppositiebeweging in Egypte vormen, zijn namelijk in twee elkaar tegensprekende kampen gesplitst. Al Nour (Het Licht), de belangrijkste spreekbuis van de Broeders, toonde vorige week die splitsing door met artikelen te komen waarin afwisselend Saddam Hussein en George Bush de huid werd volgescholden.

Uitstekend ingevoerde waarnemers hadden de buitenlandse doemdenkers al erop attent gemaakt dat Egyptenaren zeer nationalistisch zijn en zeker in tijd van oorlog de kant van hun president kiezen, welke bedenkingen zij ook tegen zijn politiek mogen hebben.

Dat veel Egyptenaren die bedenkingen thans nog koesteren is voor niemand waar te nemen. Het tegendeel is eerder waar: miljoenen mensen in dit land haatten Saddam Hussein oprecht lang voordat de Koeweit-crisis uitbarstte. “Zij beroofden ons van het zweet van ons voorhoofd”, zegt een uit Irak teruggekeerde Egyptenaar, doelend op de Egyptische spaarcenten die de Irakezen hadden geblokkeerd. “En toen zij onze arbeid niet meer nodig hadden, gingen ze ons vermoorden. Wij werden zelfs op aids onderzocht als we Irak binnenkwamen.” Sindsdien zijn nog eens vele honderdduizenden haters erbij gekomen, die door de Golfcrisis in ernstige financiele problemen zijn geraakt.

De afgelopen maanden hadden de Moslimbroeders een neutrale politieke koers uitgezet, die net iets meer nadruk legde op de verfoeilijke militaire aanwezigheid van de ongelovigen in het Heilige Land (Saoedi-Arabie) dan op de misdaden van Saddam Hussein. Ook donderdag verscheen op de voorpagina van Al Nour een hoofdartikel waarin de Verenigde Staten ervan werden beschuldigd de resoluties van de Veiligheidsraad van de Verenigde Naties te hebben misbruikt om hun eigen rekening met Saddam te vereffenen en de kracht van de Arabieren te vernietigen. De conclusie van het verhaal was: “George Bush is de slechtste mens op aarde.”

Maar de openingskop van dezelfde krant luidde: “Saddams raketten bevrijden Palestina niet.” Daaronder stond: “De snelle ontwikkelingen van de afgelopen week sinds het uitbreken van de Golfoorlog hebben onthuld dat Saddam verraad heeft gepleegd aan de Arabische en de Islamitische Natie. Zij hebben bewezen dat het door de zionisten bezette islamitische Palestina allang binnen het bereik van zijn raketten was. Maar hij vuurde ze pas onlangs af, in de wetenschap dat hij Palestina niet kan bevrijden.

“Politieke moslim-waarnemers zeiden dat Saddam een tiran werd, die mensen bederft en onderdrukt, en die alleen de banieren van het geloof hees toen zijn ster zinkende was. Zij geloven dat Saddam voor de Golfoorlog zijn raketaanvallen tegen Israel had kunnen uitvoeren. In dat geval had hij de steun van alle moslims gehad en de onmiddellijke vergelding van Israels bondgenoten vermeden. Saddams raketten zorgden alleen voor financiele en militaire hulp aan Israel. En zij maakten Israel in de ogen van de wereld tot slachtoffer. Moge God jou teleurstellen, zoals jij de gelovigen hebt teleurgesteld, o Saddam.”

De hele krant stond vol met dit soort stukken. Op pagina 3 schreeuwde de kop van een artikel: “De oorlog tegen Saddam Hussein is gerechtvaardigd.” Een ander artikel berichtte: “Yasser Arafat zou overwegen af te treden, nu de meerderheid van de Palestijnen, vooral de Palestijnen in de bezette gebieden, ertegen gekant is dat hij de leiding heeft van hun regering in ballingschap, zodat hij zijn positie geeft aan een oprechte Palestijn, die zich inzet voor de bevrijding van Palestina en niet voor de vermeerdering van zijn tegoeden in de banken van de wereld.”

Eerder had Mahmoun Hodeibi, de woordvoerder van de Moslimbroeders, die een theocratie willen invoeren, mij al verzekerd hoe geweldloos en hoe democratisch gezind zijn organisatie was en altijd was geweest. Het vele bloed dat zij in Egypte in de jaren veertig en vijftig had vergoten van Egyptenaren, Britten en andere buitenlanders, had in dienst gestaan van een bevrijdingsoorlog. “Er waren toen 80.000 Britse militairen in Egypte. Dat betekende dat er geen Egyptische regering was. Wij moesten dus wel vechten voor onze onafhankelijkheid. Wij wilden nooit burgers doden, maar in elke onafhankelijkheidsoorlog gebeurt er wel wat.”

Volgens Hodeibi zijn de Moslimbroeders tegen alle dictators. “Saddam is een dictator en dus haten wij hem. Maar het is nu niet de tijd om op Saddam te schelden of met hem oorlog te voeren, nu hij in oorlog is met de Amerikanen die het Iraaks-islamitische volk willen uitroeien. Dat volk, 18 miljoen mensen, is ons volk, en wij willen niet dat het een haar gekrenkt wordt. Het was nooit de bedoeling van de buitenlanders om Saoedi-Arabie te beschermen, maar om alle Iraakse burgers te vermoorden. Wij, Moslimbroeders, waren daarom vanaf het begin tegen de aanwezigheid van buitenlandse en ook van Egyptische troepen. Wij wilden de Koeweit-crisis regelen door middel van vreedzame onderhandelingen en door het sturen van een moslim-leger. Ook de mensen van Koeweit zullen nu worden vernietigd en zij gaan daar net zo min mee akkoord als enig Europees volk dat zou doen.”

Maar toen ik Hodeibi vroeg of de Moslimbroeders de straat op zullen gaan reageerde hij uiterst behoedzaam. “Wij willen geen oorlog met de Egyptische regering, zelfs niet als die oorlog voert tegen onze broeders in Irak. Als we geen demonstratievergunning krijgen zullen wij niet demonstreren.” Andere woordvoerders van de Moslimbroeders in het parlement hebben eveneens te kennen gegeven dat zij niet langer gekant zijn tegen de Koeweit-politiek van president Mubarak.

Ernstige schade

Deskundigen in het reilen en zeilen van de strijders voor Gods staat op aarde zijn het erover eens dat de Broeders, met hun politiek van 'positieve neutraliteit' ten gunste van Saddam, niet alleen ernstige politieke maar ook financiele schade hebben opgelopen. Toen zij enkele maanden geleden naar de smaak van de Saoediers en de Koeweiti's ver over de schreef gingen kwam er een subiet einde aan de rijke subsidies uit de Golfstaten. Daarentegen zouden bepaalde sjeiks die Saddam Hussein van ketterse gewelddaden betichtten op de welwillende (financiele) aandacht van de Golf-Arabieren kunnen rekenen. Dat allemaal heeft politieke verschuivingen en grote verdeeldheid teweeggebracht.

Een van de bekendste islamitische scherpslijpers, sjeik Ahmed Mahallawi, die onder wijlen president Sadat herhaaldelijk wegens opruiing gevangen werd gezet, kiest bijvoorbeeld nu helemaal niet de kant van Saddam Hussein. Hij heeft opgeroepen een conferentie van islamitische rechtsgeleerden bijeen te roepen, die een dwingende uitspraak moet doen dat Saddam zijn troepen uit Koeweit terugtrekt “om te redden wat er nog is overgebleven van de waardigheid van de Arabische wereld en van de status quo die de moslims en de islam hebben”.

Zijn verklaring is bijna een kopie van wat de mufti van Egypte, Mohamed Sayed Tantawi, enige maanden geleden schreef in brieven aan de Arabische Liga en de Islamitische Wereldconferentie. De mufti is de hoogste religieuze autoriteit op moslim-gebied in Egypte, maar hij wordt wel door de president benoemd, waardoor zijn ruimte om af te wijken van het officiele standpunt zeer gering is. Eergisteren keerde hij terug van een kortstondig bezoek aan de Egyptische troepen in Saoedi-Arabie, die hij in het gebed was voorgegaan.

Zelfs moslim-radicalen kunnen het niet verkroppen dat Saddam eind vorige maand vele duizenden kalenders heeft laten drukken en verspreiden waarop zijn kwaliteiten op 99 manieren waren weergegeven: Saddam, de Grote Leider; Saddam, onze Gids enz. Het was erger dan godslastering, omdat hij daarmee Allah probeerde te imiteren. Allah, die 99 namen heeft die Zijn hoedanigheden schilderen. Niet toevallig noemde de Egyptische multimiljonair Ibrahim Lokman, die naar verluidt de Moslimbroeders financieel altijd zeer rijkelijk steunde, deze dagen Saddam “vijand van de islam”.

Tomeloze woede?

Het staat dan ook helemaal niet vast dat de islamitische wereld na afloop van de Golfoorlog in tomeloze woede en opstand tegen het Westen zal uitbarsten. In de eerste plaats omdat de wereld van de islam innerlijk even, zo niet meer, verdeeld is als de zogenaamde christelijke wereld. In de tweede plaats omdat zeer belangrijke moslim-staten - zoals Egypte, dat zich er steevast op beroemt een derde van de Arabische wereld te zijn - bij een overwinning van de anti-Saddam-coalitie in het kamp van de overwinnaars zijn. In de derde, en zeker niet in de laatste plaats, omdat Saddam voortdurend laat blijken dat hij niets van de diepste gevoelens van vrome moslims begrijpt. “Zijn diefstal van hun taalgebruik overtuigt alleen hen die totaal onwetend zijn en hen die medeplichtig aan zijn misdaden willen zijn”, legde een kenner uit.

Er zijn natuurlijk - zelfs in Egypte - een paar stemmen die het blijven opnemen voor Saddam Hussein. Een van hen is de schrijver Adel Hussein, die in het partij-orgaan Al Sha'ab van de met de Moslimbroeders verbonden Arbeiderspartij vorige week schreef: “ De heroische standvastigheid van Irak verbaasde alle partijen en maakte een eind aan de complexen die de Arabieren in 1967 (in de juni-oorlog tegen Israel) hebben opgelopen. Irak schoot bijna 200 vliegtuigen van de alliantie neer, hoewel de Amerikaanse cijfers dat ontkennen.”

Volgens Adel Hussein, die van mening is “dat de daden van Bush en niet die van Saddam gelijk zijn met die van Hitler”, schaart thans de ganse Islamitische Natie zich aan de zijde van het heldhaftige Iraakse volk. Maandenlang had hij volgehouden dat de Amerikanen het lef en doorzettingsvermogen misten om zich in een werkelijke landoorlog met Irak te begeven. Nu berichtte hij dat “de zionisten zich als ratten hebben verstopt. In Israel sterft men niet door raketaanvallen, maar van angst. Voor de eerste maal in zijn geschiedenis wordt de zionistische staat door angst verlamd”.

Het is voor de meeste mensen hier duidelijk dat Adel Hussein nonsens verkoopt. De regeringsmedia maken dat in alle toonaarden duidelijk. Zij putten zich uit in bittere commentaren dat Israel alleen maar de politieke, militaire en financiele vruchten plukt van Saddams raketbeschietingen en van de ingetogen wijze waarop het op die aanvallen reageert. Vandaar dat de Egyptische autoriteiten, die de democratie beminnen maar de geleide democratie nog veel meer liefhebben, het vooralsnog niet nodig vinden Adel Hussein en de zijnen de mond te snoeren. Desgevraagd zei de perssecretaris van president Mubarak: “Het zal de laatste onzer zorgen zijn wat die lui berichten”.

Dat wijst er niet op dat president Mubarak zich zwakjes in zijn schoenen voelt staan. Het wijst er veel meer op dat de president met zijn spreekwoordelijk geworden kalmte en voorzichtigheid de komende weken met vertrouwen tegemoet ziet.

Maar ook nu het parlement de inzet van Egyptische troepen in de Golf heeft goedgekeurd zijn anti-oorlogsdemonstraties natuurlijk altijd mogelijk - zeker in een land dat zoveel oorlog heeft meegemaakt en daarom oorlog haat. Naarmate de oorlog zich voortsleept en de economie hier op een steeds lager pitje komt, waardoor steeds meer mensen hun middelen van bestaan verliezen, wordt de sfeer somberder. De kameelverhuurders bij de pyramiden moeten nu al langzamerhand de juwelen van hun vrouwen verkopen om zich in leven te houden. Als de economie nog verder ineenzakt is alles mogelijk: ook binnenlandse onlusten.

Vandaar dat de regering voor alle zekerheid de middelbare scholen een week en de universiteiten twee weken extra vakantie heeft gegeven, alsmede alle voetbalwedstrijden heeft afgelast. Je weet maar nooit - dat heeft de jongste geschiedenis van Egypte geleerd - wat menigtes gaan doen.