Oorlog: beperkte oplossing voor beperkt probleem

Een veel gehoorde opvatting is dat 'oorlog natuurlijk nooit iets oplost'. Je hoorde dat overigens een paar dagen geleden vaker dan nu, want nu 'de wapens spreken' - geen staatsman heeft zich de kans deze eigenaardige metafoor te gebruiken laten ontgaan - verstomt het publieke debat.

Als de oorlog voorbij is, zal het echter ongetwijfeld weer worden hervat. Als de doden zijn geteld en de verliezen berekend, en als de vredesregeling moeilijk is, zoals valt te verwachten, zal weer worden betoogd dat de oorlog niets heeft opgelost en dat de geschiedenis leert dat oorlog nooit iets oplost. Is dat inderdaad de 'les van de geschiedenis'? Het is zeer de vraag of dat zo is.

Onze voorouders zouden in ieder geval verbaasd zijn geweest een dergelijke opvatting te horen. Zij voerden, zoals oudere lezers zich zullen herinneren - ik bedoel natuurlijk van school -, een Tachtigjarige oorlog tegen Spanje. Of dat om de vrijheid of de godsdienst ging, daarover is nog langer dan tachtig jaar getwist maar dat ze iets niet wilden (geen belasting betalen, niet gedwongen katholiek worden, niet naar het pijpen van Philips II en consorten dansen) en zich daarom verzetten, staat wel vast. De Tachtigjarige oorlog loste hun probleem op, zoal niet op efficiente dan toch op definitieve wijze. De Vrede van Munster in 1648 gaf ons, zoals de negentiende-eeuwers op iets hogere toon plachten te zeggen dan wij nu gewend zijn, Onze Nationale Onafhankelijkheid.

Na Spanje kwam Frankrijk. De expansiezucht van Lodewijk XIV was sterk en strekte zich ook uit tot de Lage Landen. Zijn machtsmiddelen waren groot, zo groot dat er verschillende coalities werden gesmeed, sommige daarvan onder Nederlandse leiding, en verschillende oorlogen gevoerd om hem te weerstaan. Deze oorlogen hadden succes. De veroveringszucht van Lodewijk XIV werd bedwongen. Deze oplossing was overigens slechts tijdelijk. Aan het eind van de achttiende eeuw herleefde de Franse expansiezucht, ditmaal onder Napoleon. De krachten van de Corsicaan bleken nog sterker dan die van de Zonnekoning. Weer brachten de gezamenlijke inspanningen der bondgenoten de oplossing. De Slag bij Waterloo maakte een einde aan het Franse expansiestreven en ditmaal voorgoed.

Na Waterloo en Wenen volgde voor het Europese statenstelsel een eeuw van betrekkelijke rust. Maar er waren andere problemen, zoals het streven van Duitsers en Italianen om een staatkundige vorm aan hun nationale aspiraties te geven. Nadat pogingen dit doel op een andere manier te bereiken waren mislukt, werden de wapens opgenomen om tot een oplossing te komen. De Italianen verdreven de Oostenrijkers via de weg van het geweld en Bismarck smeedde de Duitse eenheid door middel van een serie oorlogen. Deze oplossing was een blijvende. Italie en Duitsland werden eenheidsstaten en zijn dat nu nog c.q. nu weer.

In 1914 stortte de internationale orde in elkaar en begon de Grote Oorlog. Al voor 1914 hadden schrijvers erop gewezen dat de militaire geweldsmiddelen zo sterk waren toegenomen dat oorlog niet meer kon worden beschouwd als een normaal middel om conflicten te beslechten. Oorlog moest daarom verboden worden. In 1914 bleek dat een illusie, maar het ideaal werd niet opgegeven. Deze oorlog, zo zei men daarom, moest de laatste worden - 'the war to end all wars'. Ook dat was een illusie. Van de oorlog van 1914-1918 kan inderdaad met enig recht gezegd worden dat hij niets oploste, in ieder geval niet het probleem waarom het allemaal draaide, de positie van Duitsland. Volgens sommigen kwam dat overigens niet door de oorlog maar door de vrede (van Versailles).

Na de verschrikkingen van deze oorlog was terugkeer naar de oude opvatting dat oorlog 'de voortzetting van de politiek met andere middelen' is, onaanvaardbaar geworden. Dat verklaart het ontstaan van de Volkenbond, de verschillende ontwapeningsconferenties en in het algemeen gesproken de aarzeling om geweld te gebruiken tegen agressors. Zo konden Franco in Spanje, Mussolini in Ethiopie en Japan in China hun gang gaan. Dit laat overigens ook zien hoe absurd de stelling is dat de oorlog in Irak onrechtvaardig is, omdat ook niet is opgetreden in kwesties als Tibet en Timor. Wie zou immers willen beweren dat men Hitler in 1939 en 1940 zijn gang had moeten laten gaan, omdat men dat daarvoor ook met Italie en Japan had gedaan?

De Tweede Wereldoorlog die nu volgde, was het prototype van een oorlog die iets oploste. Hij maakte niet alleen een einde aan het meest misdadige regime dat Europa ooit had gekend, maar ook aan het Duitse vraagstuk. Na Spanje en Frankrijk was ook Duitsland voortaan geen gevaar meer voor de vrede. Deze oorlog loste dus het probleem op waarom hij gevoerd werd.

Na de Tweede Wereldoorlog werd de wereld beheerst door de Koude Oorlog, die geen oorlog was, en de dekolonisatie die tot vele oorlogen leidde. De conflicten in Indonesie, Indochina, Algerije en in de Portugese kolonien in Afrika zijn hiervan de bekendste. Deze oorlogen brachten de betreffende landen hetzelfde als Nederland in de Tachtigjarige oorlog had bereikt, de nationale onafhankelijkheid. Ze beantwoordden dus aan hun doel. De meeste nationalistische leiders betoogden ook dat dit doel op geen andere manier had kunnen worden bereikt en oorlog dus de enige oplossing was. De meeste historici geven hun hierin gelijk. Weinigen betwijfelen dat de Indonesiers, Algerijnen, Angolezen en dergelijken een gerechtvaardigde en noodzakelijke oorlog voerden.

Dit alles neemt niet weg dat na Hirosjima en Nagasaki sterker dan ooit het besef leefde dat oorlog geen aanvaardbaar middel meer was voor de oplossing van internationale problemen. Wat na de Eerste Wereldoorlog onaanvaardbaar was geworden, werd nu in de termen der polemologen 'ondenkbaar'. Maar de enige 'ondenkbare' oorlog was een oorlog tussen de supermachten. Die bleef inderdaad uit. Oorlogen deden zich echter wel degelijk voor in de marge van deze grote wapenstilstand en ze werden hierdoor op beslissende wijze beinvloed. Amerika zou dat in Vietnam ervaren en ging er bijna aan ten onder. Daarom wordt nu wel gezegd dat de Amerikanen na Vietnam toch zouden moeten weten dat oorlog niets oplost. De vergelijking Irak-Vietnam ligt inderdaad voor de hand. Bij het denken over een toekomstige oorlog wordt het referentiekader altijd geleverd door de vorige oorlog. Dergelijke vergelijkingen zijn echter gevaarlijk. Men wilde de Tweede Wereldoorlog vermijden uit vrees voor een herhaling van de Eerste. De Tweede Wereldoorlog leek echter militair, politiek en moreel in geen enkel opzicht op de Eerste.

De oorlog in Irak lijkt eveneens in weinig opzichten op die in Vietnam. Er is een groot verschil in geografie. Er is een groot verschil in militaire technologie. Deze oorlog heeft bovendien niets te maken met dekolonisatie of nationalisme. Er zijn geen Iraakse guerrilla's die 'zwemmen als vissen in het water' van de Koeweitse bevolking, om Mao nog eens te citeren. Het is een simpele interstate war. Deze oorlog heeft ten slotte plaats in een geheel andere internationale context. De relatie tussen militaire mogelijkheden en politieke speelruimte is volstrekt anders dan in Vietnam. In het traditionele kader van de Koude Oorlog was deze hele gang van zaken ondenkbaar geweest. Wie zegt dat Irak anders wordt behandeld dan andere landen, heeft dan ook gelijk. Er wordt in de politiek inderdaad met twee maten gemeten en soms met nog wel meer. Dat kan niet anders.

Wat leert ons de geschiedenis over nut en betekenis van de oorlog? Niet bijzonder veel en niet iets bijzonder duidelijks. Sommige oorlogen waren gerechtvaardigd en andere niet. Bij sommige oorlogen stond het middel in geen enkele verhouding tot het doel. Niet alle oorlogen lossen iets op. Geen enkele oorlog levert een definitieve oplossing voor alle problemen van de wereld. Het enige dat oorlogen kunnen doen, is het brengen van een tijdelijke en soms een definitieve oplossing voor een beperkt aantal problemen.

Of de Golfoorlog had kunnen worden vermeden, is onduidelijk en zal ongetwijfeld een punt van discussie worden. Of de middelen in verhouding staan tot het doel, is onzeker. Dat deze oorlog het probleem van het Midden-Oosten niet oplost, staat wel vast. Dat er na de oorlog 'iets' moet gebeuren ook. Dat de vrede nog moeilijker zal worden dan de oorlog is niet uitgesloten. De gedachte dat deze oorlog niets kan oplossen, is echter onjuist. Ook deze oorlog kan een beperkte oplossing bieden voor een beperkt probleem. Het komt niet vaak voor in de geschiedenis dat we van een rechtvaardige oorlog kunnen spreken, maar soms is dat het geval. Iedereen heeft uiteraard het volledige recht zich tegen deze en iedere vorm van oorlog te verzetten, maar het is evenmin immoreel te aanvaarden dat sommige oorlogen rechtvaardig zijn en dat er soms geen andere oplossing is dan oorlog.