Obligatiemarkt herleeft in tweede week Golfoorlog

UTRECHT, 28 JAN. De tweede week van de Golfoorlog had voor de obligatiemarkt een aarzelende start in petto, die donderdag zelfs in euforie omsloeg.

De hele week was er sprake van een levendige handel, hetgeen tot omzetten van meer dan een miljard per dag leidde.

De markt raakt er kennelijk steeds meer van overtuigd dat een massale vernietiging van Saoedi-Arabische olie-installaties niet zal plaatsvinden. Een hieruit voortvloeiende inflatie-impuls zal dus meevallen, hetgeen het voor centrale banken gemakkelijker maakt een ruime monetaire politiek te voeren. Een dergelijke uitspraak door de Amerikaanse centrale bank op woensdagavond bleek zowel de Duitse en Nederlandse geldmarkt alsook beider kapitaalmarkten te stimuleren.

De ontstane euforie was uiteraard mede te verklaren door de politieke situatie in Oost-Europa en het financieringsprobleem van de Duitse eenwording. Aangezien in beide gevallen geen onverwachte negatieve feiten werden gerapporteerd bleek de markt bereid het Amerikaanse rente-signaal te volgen. Ten aanzien van de Duitse eenwording is zelfs sprake van een positief gegeven: een eerder beweerde extra kapitaalbehoefte van 20 miljard mark van de Duitse Treuhand werd ontkend. En wellicht werd het sussende optreden van Sovjet president Gorbatsjov ook als een positief teken opgevat.

Het gevolg van een en ander was dat de Duitse en Nederlandse kapitaalmarktrente met 15 a 20 basispunten daalde, terwijl die van de Verenigde Staten uiteindelijk gelijk bleef. Een indirecte oorzaak voor dit onderscheid kan wellicht worden gevonden in de relatief sterkere daling van de Amerikaanse geldmarktrente. Deze zette de dollarkoers onder druk, hetgeen deze week tot een verlies van twee cent leidde. Ondanks de nadering van een onzeker militair weekend en een minder negatief Amerikaans groeicijfer behield vrijdag de obligatiemarkt in Amsterdam een positieve ondertoon.

Eurokapitaalmarkt

Internationale obligatie-beleggers zijn niet ontevreden over het verloop van de Golf-oorlog tot nu toe. Hoewel het aanvankelijke optimisme enigszins is weggeebd was er zeker geen sprake van een escalatie. De markt interpreteerde dit als positief nieuws, hoewel een langdurige oorlog zijn uitwerking op met name de Amerikaanse economie zeker niet zal missen. Zelfs kon de aandacht weer enigszins worden verlegd naar binnenlandse, fundamenteel-economische, factoren.

Vrijdag werd bekendgemaakt dat het Amerikaanse bruto nationaal produkt in het laatste kwartaal van 1990 daalde met 2, 1 procent. Hoewel dit de grootste daling is sedert 1982 hadden de participanten op de financiele markten rekening gehouden met een nog grotere daling, getuige de oplopende rendementen voor Amerikaanse staatsleningen.

Eerder had Fed-voorzitter Greenspan verklaard dat de ontwikkeling van de Amerikaanse geldgroei tekort schoot en hij zonodig monetaire maatregelen zou nemen. Het vooruitzicht op een eventuele lagere korte rente was ook van invloed op de obligatiemarkt waardoor de tien jaars staatslening donderdag weer onder de acht procent-grens kon komen.

Minder goed verliep de week voor het Engelse ministerie van financien. Nadat voor het eerst sedert twee jaar weer kon worden ingeschreven op een Engelse staatslening maakte de Bank of England bekend dat de lening weinig belangstelling had getrokken. Tegen de vrij agressieve minimumprijs van 97, 75 procent werden alle inschrijvingen op de 10 procent converteerbare lening toegewezen.

Ook de eurokapitaalmarkt werd de afgelopen week niet geplaagd door grote koersschommelingen. Van dit relatief gunstige sentiment maakten met name donderdag emittenten gebruik om hun, al dan niet uitgestelde leningen, uit te brengen. Goed vertegenwoordigd waren het Engelse ponden en het Ecu-segment, waarbij de Wereldbank het eerstgenoemde segment uitkoos om haar eerste lening in 1991 uit te brengen, een honderd miljoen pond grote tien jaars emissie met een coupon van 11 1- 8 procent.

Bron: Rabobank Nederland Beleggingsonderzoek.