Kinderen leren het nieuws 'doorzien'

Wat is nieuws? Wat is de waarheid? Wat blijft verborgen en wat wordt getoond?

Het zijn vragen die door de militaire censuur op het nieuws uit het oorlogsgebied meer dan ooit in de belangstelling staan.

Het ontgaat geen tv-kijker dat de nieuwbulletins over de golfoorlog niet de volledige waarheid brengen. Alle technische ontwikkelingen ten spijt, komen de berichten bijna uitsluitend van de betrokken partijen die om strategische redenen de waarheid verhullen of, uit propagandistisch oogpunt, een gekleurd deel van de werkelijkheid laten zien.

De nieuwe serie van de Nederlandse Onderwijs Televisie (NOT) Nieuws, een kwestie van kiezen, toont dat deze processen op veel kleinere schaal in de dagelijkse nieuwsvoorziening eveneens een rol spelen. De serie werd vanzelfsprekend niet met het oog op de actualiteit gemaakt, daarvoor is de voorbereidingsperiode te lang.

“Gemiddeld kijken kinderen zo'n tien minuten per dag naar informatieve programma's op tv”, zo formuleert prof. dr. T. van der Voort (Kind en Media, Universiteit van Utrecht) de motivatie in het voorwoord bij de handleiding. “Aan het leren begrijpen van het televisienieuws wordt op veel basisscholen druk gewerkt. Ongeveer de helft van de basisscholen kijkt week in week uit naar het School TV-weekjournaal, een programma waarin enkele nieuwsonderwerpen worden uitgediept. Ook het Jeugdjournaal loopt voorop bij het begrijpelijk maken van nieuws”, aldus Van der Voort. Maar, meent hij, kinderen moeten het nieuws niet alleen leren begrijpen, ze moeten het ook leren “doorzien”.

“Nog sterker dan de krant, waarvan velen denken dat het waar is omdat het gedrukt staat, wekt de televisie de indruk dat het nieuws onvertekend wordt gebracht. Beelden liegen immers niet? Kinderen beseffen niet dat beelden wel liegen, ook al doet de maker zijn uiterste best dat te vermijden.”

In de programma's wordt door projectleider Andre Rooymans en regisseur Jose van der Maarschalkerweerd op adequate wijze invulling gegeven aan deze uitgangspunten. In het eerste deel leidde presentator Cees Grimbergen zijn jeugdige kijkers rond op de redactie van het Acht Uur-Journaal van de NOS. Een nogal gezapige voorstelling, in vergelijking met het beeld van een nieuwsredactie dat de Canadese serie E. N. G. (Electronic News Gathering) ons voorschotelt, maar wel realistisch. E. N. G. biedt spanning en sensatie, de NOT-documentaire biedt informatie, omlijst met aantrekkelijk vervolgverhaal. In de laatste aflevering krijgen we drie nieuwsitems te zien, gemaakt van het materiaal waaruit in de voorafgaande afleveringen het vervolgverhaal werd opgebouwd. Uit de beelden en de interviews ontstaan drie nieuwsberichten die een volledig verschillend verhaal vertellen en een tegengestelde boodschap brengen. Twee items verschillen nauwelijks van elkaar en daarmee wordt een genuanceerd beeld gegeven van de manipulatie die binnen handbereik ligt.

In de aflevering over het beeld wordt ook de geschiedenis van de camera belicht. Journaals van voor 1960 en daarna, of het nu Amerikaans of Nederlands materiaal betreft, verschillen veel van elkaar. De uitvinding van de draagbare, lichtgewicht camera rukte het televisienieuws in een klap los van de statische 'polygoonstijl' die tot 1960 gangbaar was. Met de draagbare camera - die direct het geluid opnam - op de schouder, zat de televisieverslaggever letterlijk boven op het nieuws. “De kijker kon voor het eerst met eigen ogen zien wat er gebeurde”, luidt het commentaar bij beelden van de demonstraties voor gelijke rechten in Amerika. “Voor het eerst konden de kijkers zien hoe de politie tegen de zwarten optrad. En daardoor ging je er toch wel anders over denken.”

“Als journalist mag je geen partij kiezen”, zegt Maria Henneman in een afleveringen. Met dit lesmateriaal in de hand en het nieuws over de Golfoorlog op de achtergrond, moet het mogelijk zijn met scholieren van 10 tot 12 jaar over dit thema een spannende discussie te voeren.

De NOT koos voor het documentaire gedeelte het NOS-Journaal van acht uur en verantwoordt deze keuze met onderzoek waaruit blijkt dat kinderen van deze leeftijd vaker naar dit bulletin kijken dan naar het Jeugdjournaal. Ook de Stichting Krant in de Klas (KiK), die onlangs haar 15-jarig bestaan vierde, werkt met normale, volwassen kranten. KiK bezorgde vorig jaar een miljoen kranten voor lesgebruik op school. Zowel in het basis- als voortgezet onderwijs worden lessen over de krant en het nieuws gegeven, waaraan ook het ANP (Algemeen Nederlands Persbureau) meewerkt met het beschikbaar stellen van de totale produktie van een dag. 200 nieuwsberichten, een stapel van 150 vel, waaruit de leerlingen hun eigen krant samenstellen.