Waardeloze roebels

DE VEEL GEPLAAGDE burgers van de Sovjet-Unie hebben deze week kennis gemaakt met een fenomeen dat volgens de oude ideologie uitsluitend was voorbehouden aan het kapitalisme: een onvervalste bankpaniek.

Gealarmeerd door een mededeling in het televisiejournaal van afgelopen dinsdagavond dat de bankbiljetten van 50 en 100 roebel voortaan niets meer waard zijn, stortte de bevolking zich op de banken om haar spaargeld in te ruilen voor kleinere coupures. De Sovjet-burgers kregen drie dagen de tijd om maximaal 1.000 roebel per persoon om te wisselen. Met hetzelfde decreet werden de spaartegoeden bevroren en werd het recht om geld op te nemen beperkt tot 500 roebel per persoon per maand.

Deze geldsanering heeft officieel tot doel om de inflatie te verminderen door de wanverhouding tussen de overvloed aan roebels en het tekort aan produkten enigzins recht te trekken. Verder wordt het bloeiende zwarte geldcircuit aangepakt en zijn de roebels in het buitenland waardeloos geworden. Met ouderwetse agit prop werd de maatregel dan ook aanbevolen als onderdeel van 'de strijd tegen speculatie, corruptie en contrabande'.

Die luidruchtige kreten konden niet verhullen dat het om een in paniek getroffen maatregel ging. De staatsbanken waren niet voorbereid op de stormloop van gealarmeerde spaarders die hun geld uit de matras of de wollen kous hadden gehaald. In provinciesteden was niet eens voldoende geld beschikbaar om de aangeboden biljetten van 50 en 100 roebel om te ruilen. Het gevolg was chaos en woede over de diefstal van spaargelden per decreet.

EIND VORIG jaar zijn twee Westerse studies uitgekomen naar de economische toestand in de Sovjet-Unie met aanbevelingen voor hervormingen. Zowel de studie van het Internationale Monetaire Fonds en de Wereldbank, als die van de Europese Gemeenschap pleit voor een geldhervorming als onderdeel van een veel groter hervormingsprogramma. Dat zal in ieder geval vier elementen moeten omvatten: beheersing van de staatsuitgaven, loslating van de prijscontrole, herstel van het particuliere bezit en overdracht van bevoegdheden aan de republieken.

Aan geen van deze onderdelen is in de verste verte voldaan. Integendeel: terwijl de nieuwslezer de briefjes van 50 en 100 roebel waardeloos verklaarde, maakten Sovjet-troepen een einde aan de onafhankelijkheid van de Baltische republieken.

GELDZUIVERING is op zichzelf geen slechte maatregel. Na de Tweede Wereldoorlog hebben verschillende Westeuropese landen een geldzuivering gekend voor het gecombineerde doel om de geldhoeveelheid te verminderen en de winsten van zwarthandelaren aan te pakken. Nederland leefde in september 1945 een week met het 'tientje van Lieftinck' en de Duitse geldhervorming van 1948, waarbij de Reichsmark werd vervangen door de D-mark, legde de basis voor het Duitse economische herstel. Ook de Duitse eenwording van vorig jaar begon met een geldsanering.

In de Sovjet-Unie zal de geldhervorming naar valt te vrezen niet het begin van economische bloei inluiden. Dat komt omdat noch de economische noch de politieke structuur daarvoor aanwezig is. Veeleer kan een verdere economische desintegratie van de ontredderde communistische economie worden verwacht, waarbij het Westen weinig meer kan doen dan toekijken en zijn goede adviezen machteloos herhalen.