Geallieerde bommen troffen doelen van plastic en karton; '90 procent van de bombardementen was ineffectief'

ROTTERDAM, 26 jan. - De bevelhebbers van de geallieerde strijdkrachten van de operatie Desert Storm hebben tijdens hun dagelijkse persconferenties tot nu toe vooral het weer de schuld gegeven van de geringe effecten van de bombardementen op het Iraakse leger en zijn infrastructuur.

Maar partijen die zijdelings bij de strijd betrokken zijn, zeggen nu dat niet alleen onvoorspelbare factoren, zoals de weersomstandigheden, verantwoordelijk zijn voor de tegenvallende resultaten. Een aanzienlijk deel van het lasergeleide en televisiegestuurde wapentuig zou met grote nauwkeurigheid op zachtboard bunkers, bordkartonnen tanks en opblaas-Scuds zijn afgevuurd.

Een Jordaanse veiligheidsfunctionaris in Amman vertelde dat bij de Iraakse raketbases H2 en H3 bij de grens met Jordanie en in de buurt van een stuwdam in de Eufraat, houten Scud-lanceerinrichtingen staan, die het vuur van de geallieerden naar zich toe moeten trekken. Om de gelijkenis met echte raketten te vergroten zouden bij de lanceerinrichtingen zenders staan opgesteld die valse radiosignalen uitzenden. Aan het bericht werd aanvankelijk geen aandacht geschonken maar het won aan waarschijnlijkheid naarmate andere inlichtingenbronnen het bestaan van namaakwapens in Irak bevestigden.

Het Iraakse leger heeft een groot aantal nepwapens van Europese fabrikanten gekocht. En wat belangrijker is, het Iraakse leger heeft er mee leren omgaan. De Iraakse strijdkrachten zijn op Sovjet-leest geschoeid en al vanaf de jaren zeventig opgeleid door Sovjet-instructeurs. Binnen de Sovjet-doctrine is altijd een grote plaats ingeruimd geweest voor camouflage en misleiding, de Maskirovka. Sovjet-generaal Grigori Zjivets zei gisteren dat waarschijnlijk 90 procent van de geallieerde bombardementen ineffectief is geweest door de aanwezigheid van dergelijke nepdoelen.

Het gebruik van namaakwapens is maar een van de vele trucs om de vijand te misleiden en in bijna elke oorlog zijn er voorbeelden van te vinden. In de Tweede Wereldoorlog waren het Kremlin en de grote monumenten in Leningrad onvindbaar voor de Duitse bommenwerpers omdat alle orientatiepunten waren verwijderd of met houten constructies ergens anders in de steden nagebouwd.

In Groot-Brittannie werden vuilnisbelten bij grote steden in brand gestoken zodat de bemanningen van Duitse bommenwerpers dachten dat het doel al bij eerdere aanvallen was geraakt en hun bommenlast op de fopstad losten. Op de muren en de daken van een Engelse munitiefabriek werden schilderingen aangebracht die vanuit de lucht het idee gaven dat de fabriek was vernietigd. De 'aanslag' was uitgevoerd door een Duitse geheim agent, die was overgelopen naar de geallieerden.

Maar de bekendste en misschien wel de meest succesvolle misleidingsoperatie uit de Tweede Wereldoorlog, over de landing van de Geallieerden in Frankrijk, overtuigde het Duitse opperbevel ervan dat de invasie niet in Normandie maar bij het Nauw van Calais zou plaatsvinden. Ten noorden van Londen werden duizenden nepvliegtuigen opgesteld die er uitzagen als Amerikaanse bommenwerpers. In de hoop afgeluisterd te worden werden radioboodschappen verstuurd tussen niet bestaande legerkorpsen. En opzettelijk mochten de aan de Engelsen en Amerikanen bekende Duitse spionnen persoonlijke post van verzonnen soldaten en officieren onderscheppen. In de brieven werd in bedekte woorden verteld waar de landingen zouden plaatsvinden.

De vooruitgang van de technologie heeft de mogelijkheden om de vijand om de tuin te leiden eerder uitgebreid dan beperkt. Het bestaan van infrarood detectieapparatuur biedt de gelegenheid 's nachts valse warmteproducerende doelen op te zetten.

Uiterst gevoelige radio-ontvangstapparatuur is niet minder kwetsbaar voor misleidende signalen. Om de apparatuur te misleiden moeten namaakwapens wel van metaal zijn gemaakt, niet van hout of kunststof.

Met hun moderne technieken konden de Britten tijdens de Falklandoorlog niet verhinderen dat de Argentijnen na een nachtelijke aanval van Britse bommenwerpers op het vliegveld van Port Stanley onopgemerkt de indruk konden wekken dat van het vliegveld niet meer gevlogen kon worden. Argentijnse genietroepen vulden nog dezelfde nacht de bomkraters waar dat nodig was en maakten nieuwe kraters op plaatsen waar ze de operaties niet hinderden.

Een Engels verkenningsvliegtuig dacht dat een verwoeste landingsbaan te zien; de Argentijnse vliegtuigen konden hun vluchten al snel weer hervatten door op te stijgen van een strook op de landingsbaan, tussen de kraters, die was open gehouden.

Over de Libische fabriek bij Rabta, die volgens de Libische regering slechts medicijnen produceerde, ontstond politieke onenigheid toen de Amerikanen zeiden dat er geen farmaceutische produkten maar chemische wapens werden geproduceerd. De ruzie werd kortgesloten toen de fabriek volgens de Libiers door een bedrijfsongeluk in brand vloog en volledig in de as werd gelegd. De Libiers deden alsof de kous hiermee af was maar Amerikaanse satellieten bespeurden na een week meer activiteit rond de gebouwen dan bij een afgebrande ruine verwacht zou worden. De fabriek was dan ook niet afgebrand, een bijgebouw was aangestoken.

Het is niet ver gezocht om te veronderstellen dat het Iraakse leger op grote schaal gebruik maakt van de misleidende taktieken die in vroegere conflicten in meer of mindere mate succes hadden. Ook de Desert Storm-strategen beginnen dit te beseffen. De voorzitter van de Amerikaanse verenigde chefs van staven, Colin Powell, liet woensdag tijdens een persconferentie vallen dat de Irakezen heel vindingrijk zijn in misleidende tactieken.

Ook Marlin Fitzwater, de woordvoerder van het Witte Huis, spreekt nu over het bestaan van nepwapens en nepfabrieken. En in Londen wordt door militaire kringen inmiddels gesproken over flatgebouwen in Bagdad die met behulp van grote radiomasten moeten doorgaan voor communicatiecentra en militaire hoofdkwartieren. Civiele industrie zou omringd zijn door prikkeldraadversperringen en zwaar verdedigd worden door luchtafweer om de geallieerde luchtmacht het idee te geven dat het hier om waardevolle doelen gaat.

Het mes snijdt op die manier aan twee kanten. De echt belangrijke doelen worden ontzien en de gebombardeerde burgerdoelen hebben grote propagandawaarde. Onder andere de fabriek bij Bagdad waar babymelk gebotteld werd kan voor propagandadoeleinden gebruikt zijn. Volgens Nestle, groot-fabrikant van voedselprodukten, is de fabriek nooit operationeel geweest.

Ongetwijfeld heeft de geallieerde luchtmacht veel schade aangericht. Maar bij het kiezen van een datum voor het grondoffensief tegen de ingegraven Iraakse troepen gaat het niet direct om de grootte van de schade. De schade moet groot genoeg zijn om geen onverwachte tegenstand te ontmoeten. De geallieerde grondstrijdkrachten kunnen zich niet permitteren om vast te lopen voordat de gestelde doelen bereikt zijn en in een militaire impasse te raken. De Iraakse misleidingstechnieken zijn dan ook waarschijnlijk niet bedoeld om te winnen maar om de geallieerden te verrassen met de onverwachte hardnekkigheid van hun tegenstand.

    • Menno Steketee