Dans van De Chatel zo helder als glinsterend glas

Gezelschap: Dansgroep Krisztina de Chatel. Produktie: Sequence. Choreografie: Krisztina de Chatel. Muziek: Philip Glass en Patricio Wang. Toneelbeeld: Trudi Maan. Kostuums: Rien Bekkers. Licht: Carlus Koopman. Gezien: 24-1 Bellevue Amsterdam. Daar nog te zien t-m 26-1, daarna tot eind maart tournee.

Na de imponerende produktie Imperium, uitgebracht in het Holland Festival 1990, brengt Dansgroep Krisztina de Chatel nu de sobere, bijna bescheiden voorstelling Sequence, opgebouwd uit drie solo's, een duet, een trio, een kwartet en een besluitend kwintet. Het gaat erin om pure dans. Tegen een effectieve achterwand van rechte rijen bodems van verschillend getinte glazen potten, gevat in een houten frame (een ontwerp van Trudi Maan), zet choreografe De Chatel danscomposities neer die net zo helder zijn als het glinsterend glas en even speels als het licht dat de glazen rondjes voorziet van kleurige accenten en variaties veroorzaakt in hun patronen.

Het pittige meisjestrio waarmee Sequence opent, heeft mede door de grappige kostuums (beige met wit afgezette korsetlijfjes, witte driekwart tricots, een golvend stijf uitstaand rokje en witte punthoedjes) iets clownesks. Het mannenkwartet dat erop volgt is rustiger van sfeer. Waar de meisjes vrijwel constant gezamenlijk bezig zijn, wordt bij de mannen vaak een enkeling afgezonderd met bewegingsfrases die in de muziek (een van Philip Glass' Pieces) de melodische lijn volgen, terwijl de anderen vooral door de ritmische structuur ervan worden geleid.

Boeiend in De Chatels composities is de manier waarop de maaiende en flitsende armbewegingen contrasteren met de vloeiende bewegingen van romp en benen en de eigenzinnige, onverwachte accenten in geisoleerde lichaamsdelen. Hoe complex het totaal aan bewegingen ook is, het doet nooit bedacht aan en detiming en plaatsing in de ruimte zijn exact. Fascinerend is ook nu weer de verschuiving in lijnen en vloerpatronen.

De solo's voor Janine Dijkmeijer en Dries van der Post zijn in samenwerking met Krisztina de Chatel door de uitvoerenden gemaakt. Dat levert interessante verschillen op en doet de persoonlijkheid van de dansers goed uit komen. Datzelfde is het geval bij de solo voor nieuwkomer Gilles den Hartog. Minder markant is het duet voor Oerm Matern en Paul Waarts. Daar lijkt de ware inspiratie te ontbreken en verflauwt de spanningsboog. Jammer is ook dat niet steeds een overgang van het ene naar het andere onderdeel is gemaakt. Waar dat wel het geval is, ontstaat een vanzelfspekende continuiteit die goed aansluit bij de muziek van Patricio Wang.

Sequence is een mooie voorstelling waarin De Chatel misschien niet iets volstrekt nieuws laat zien, maar wel opnieuw bewijst dat zij een gedreven choreografe is die weet wat dans is, iemand die consequent vasthoudt aan haar eigen ideeen en daaraan uitstekend vorm weet te geven.