VS waarschuwen: oorlog kan nog wel maanden duren

RIAD- WASHINGTON, 25 jan. - Het Witte Huis heeft gisteren gewaarschuwd dat de oorlog in het Golfgebied nog maanden kan duren, en onvermijdelijk ook Iraakse successen kan meebrengen.

Gisteren echter verloren de Iraakse strijdkrachten een eilandje, twee mijnenvegers en twee gevechtsvliegtuigen, de laatste bij de eerste kennelijke poging een geallieerd oorlogsschip aan te vallen.

“We hebben allemaal een grote angst, wegens de wijze waarop de media deze zaak aanpakken, namelijk dat als ze (de Irakezen) een van onze vliegtuigen neerschieten, iedereen gaat zeggen: o, het tij is gekeerd”, zei de woordvoerder van het Witte Huis, Marlin Fitzwater. “Ik zeg alleen maar: bereid je voor op een conflict dat langer duurt dan een paar dagen”, voegde hij eraan toe. Volgens hem is een meer realistische benadering dat de oorlog “waarschijnlijk maanden” kan duren.

Voor het eerst hebben geallieerde troepen, in dit geval Amerikaanse, gisteren een stukje Koeweits grondgebied op Irak veroverd. Het betreft een enkele vierkante kilometers metend eilandje voor de kust, Qaruh, waarvandaan geallieerde eenheden met lichte wapens onder vuur werden genomen. Bij de aanval op Qaruh werden 3 Irakezen gedood en 59 krijgsgevangen gemaakt.

Een functionaris van de Koeweitse ambassade in Manama (Bahrein) onderstreepte gisteren het symbolische karakter van de bevrijding van Qaruh, dat het grootste deel van het jaar onder water staat en in normale tijden slechts door vogels wordt bewoond. Volgens hem diende het als “geavanceerde observatiepost” voor de Iraakse strijdkrachten. Het is niet duidelijk of er nu Amerikaanse militairen op het eilandje zijn gelegerd.

Vliegtuigen van de Amerikaanse marine brachten eerder op de dag een Iraakse mijnenveger tot zinken, terwijl een tweede schip kennelijk op een mijn liep en explodeerde toen het de aanvallers probeerde te ontvluchten. De Amerikanen haalden 22 bemanningsleden uit het water. Ook het Saoedische leger meldde een Iraaks schip tot zinken te hebben gebracht, in dit geval een mijnenlegger.

Een Mirage F1 en twee MiGs-23 van de Iraakse luchtmacht werden gisteren, aldus een Britse militaire woordvoerder, door een AWACS-radarvliegtuig ontdekt toen ze op geringe hoogte langs Saoedi-Arabies oostelijke kust vlogen. De twee MiGs werden door een Saoedische F-15 neergehaald; de Mirage zou zijn ontkomen nadat het toestel zijn Exocet-raket had gedumpt.

Volgens een bericht van verslaggevers op het Britse oorlogsschip London hadden de toestellen kennelijk een aanval op de geallieerde vloot in de zin. Volgens geallieerde opgave zijn nu in totaal 21 Iraakse vliegtuigen bij luchtgevechten neergehaald. Aan eigen zijde zijn tot dusverre 24 vliegtuigen verloren.

Irak maakte vanochtend bekend de televisie-vraaggesprekken met krijgsgevangen buitenlandse piloten op te schorten. Radio Bagdad gaf geen reden voor dit besluit. De vraaggesprekken hebben grote woede in het geallieerde kamp gewekt.

Amerikaanse piloten meldden gisteren zware schade toe te brengen aan doelen in Irak en Koeweit, waaronder de Republikeinse Garde. De piloten wezen erop dat de omvang van deze elite-eenheden de strijd makkelijker maakt. “Het is een monsterlijk groot leger. Het komt erop neer dat wanneer je de grond raakt, je altijd wel ergens het leger treft”, zei kapitein Jeff Gurney, die een gevechtsbommenwerper van het type F-16A vliegt. Ook Franse vliegtuigen nemen deel aan de aanvallen op de Republikeinse Garde.

Inmiddels nemen nu ook Canadese en Bahreinse vliegtuigen deel aan de luchtaanvallen op Iraakse doelen in Irak en Koeweit. Van de 15.000 missies die tot vandaag waren uitgevoerd, is 16 procent voor rekening van niet-Amerikaanse toestellen gekomen.

De Iraakse president Saddam Hussei bezocht gisteren volgens het officiele persbureau INA commandanten aan het front, en deelde hun mee dat de tegenpartij Irak nooit zal verslaan. Het onafhankelijke Sovjet-persbureau Interfax meldde vanochtend uit bronnen op het Sovjet-ministerie van buitenlandse zaken te hebben vernomen dat Saddam de top van zijn luchtmacht had laten executeren. Het Sovjet-ministerie sprak het bericht onmiddellijk tegen. (Reuter, AFP, AP, UPI)

Pag. 11: Hoofdartikel