Rector van eerste ecologische universiteit: 'Onder Ceausescu bestond het milieu niet'

BOEKAREST, 25 jan. - Dolphi Drimer heeft in de verte wel wat van Einstein, de wilde witte manen, de witte snor, een expressief gezicht.

Dolphi Dreamer, noemen sommigen hem, in Roemenie. Dolphi Dreamer, de rector van de tweede onafhankelijke universiteit in Oost-Europa na de Katholieke Universiteit in het Poolse Lublin. Dolphi Dreamer, de grote voorvechter van een schoner milieu.

Drimer is de drijvende kracht achter de Ecologische Universiteit in Boekarest, 's werelds eerste universiteit die zich geheel concentreert op het milieu. Roemenie is een zeer vervuild land, met zijn vergiftigde rivieren, zijn verkommerende Donau-delta, zijn op grote schaal verontreinigd landbouwland, zijn ecologisch dode hoeken als Giurgiu met zijn chemische complex en Baia Mare en Zlatna met hun koperindustrie. Om nog maar te zwijgen van Copsa Mica, Europa's meest vervuilde oord, met zijn gasroetfabriek, Copsa Mica, waar de sneeuw in een straal van dertig kilometer rond het dorp al zwart is voor hij neerkomt en waar het, in de woorden van een Roemeens blad, donkerder is dan in het donkerste stukje hel. Onder Ceausescu bestond het milieu niet, zegt Dolphi Drimer, er is zeker tweehonderd miljard lei nodig om dit land weer een beetje schoon te maken.

Maar niet alleen de desastreuze staat van het Roemeense milieu was aanleiding tot de stichting van de ecologische universiteit in april vorig jaar, zegt Drimer in zijn kantoortje vlak bij het Revolutieplein in Boekarest. Er is ook een politiek aspect: hij dient met zijn geesteskind de democratie. “In Europa is Roemenie het land met de minste studenten: zeven per duizend inwoners. Zonder studenten geen intellectuelen, en zonder intellectuelen geen democratie.” Het toelatingsbeleid van de bestaande staatsuniversiteiten noemt Drimer “absurd “: “Ze nemen toelatingsexamens af in maar twee vakken en verwaarlozen de rest. Het gevolg is dat er hier heel wat semi-analfabeten rondlopen met een ingenieursdiploma op zak.”

Zijn ecologische universiteit pakt de zaken anders aan, zegt Drimer: zij leidt all round specialisten op, vakken komen aan bod als geneeskunde, inclusief homeopathie en acupunctuur, Roemeens en internationaal recht, biologie, zoologie, geografie, marketing en toerisme, bio-mechanica en bio-technologie, veeartsenij en agronomie en een reeks technische vakken, inclusief voor milieu-specialisten onontbeerlijke zaken als recycling en het ontwerpen van filters voor lucht en water. De universiteit, met in Boekarest ruim 1700 studenten, heeft inmiddels faculteiten gevestigd in provinciesteden als Deva (167 studenten) en Arad (220) en geeft post-universitaire cursussen voor afgestudeerden van andere universiteiten.

De vestiging van de ecologische universiteit heeft nogal wat voeten in de aarde gehad, zegt Drimer, want helaas, de regering wil er niets van weten: voor onafhankelijke onderwijsinstellingen is in het post-revolutionaire Roemenie geen ruimte. “Dit is nog steeds een communistisch land, en als de chef van de regering ons niet erkent doet de hele bureaucratische structuur onder hem het ook niet.” Het gevolg is dat de diploma's van afgestudeerden - volgens Drimer - “overal worden erkend, behalve in Roemenie.” Het windt hem zeer op, ook al duurt het nog vier jaar voor de eerste student afzwaait: “Deze regering accepteert niet dat ze de menselijke geest niet langer kan controleren. Ze wil greep houden op het onderwijs om haar controle op de intellectuelen te handhaven. Een ander motief is er niet, want we hebben de beste hoogleraren van Roemenie, mensen die ook les geven op de staatsuniversiteiten. Ik snap niet hoe hun handtekening op hun eigen universiteit wel geldig is en hier niet.” Bovendien, zegt hij, hebben sommige staatsuniversiteiten, zoals de medische faculteit van de universiteit van Boekarest, hun nieuwe lesprogramma afgestemd op dat van zijn ecologische universiteit.

Het uitblijven van de erkenning heeft nogal wat nare consequenties voor 's werelds eerste ecologische universiteit. Ze heeft bijvoorbeeld geen fatsoenlijk onderkomen maar heeft haar faculteiten her en der ondergebracht: de medische faculteit zetelt in een ziekenhuis, de toekomstige juristen worden opgeleid in conferentiezalen van hotels en de toekomstige ingenieurs in laboratoria en onderzoeksinstituten van de technische hogeschool; al die ruimten moeten voor veel geld worden gehuurd, want alles is in Roemenie geld gaan kosten, en niet weinig ook. “En dat terwijl er ruimte te over is in Boekarest.” Drimer wijst uit het raam, naar het gebouw van de Roemeense Senaat en pruilt onder zijn witte snor: “Een kolossaal gebouw voor honderd mannetjes! Zoveel lege kamers!” Bovendien, zegt hij, Ceausescu heeft toch dat zevenduizend kamers tellende Huis van het Volk laten bouwen, waarvoor men nog geen bestemming heeft?”Het onderkomen is niet zo'n probleem. De regering is het probleem.”

De regering erkent weliswaar Drimers universiteit niet, maar, zegt hij, ze is wel alerter op het milieu. Er zijn ondanks het verzet van de arbeiders en vakbonden zelfs fabrieken gesloten omdat ze de omgeving te sterk vervuilden. Drimer prijst dat, steekt ook de hand in eigen boezem: “Misschien moeten we de regering meer helpen, we moeten haar misschien beter informeren over wat we doen en hoe we denken.”

Een andere consequentie van het uitblijven van erkenning is de financiele situatie van de studenten: onderwijs is gratis, maar Drimers studenten moeten hun studie zelf betalen: 28.000 lei (officieel rond 820 dollar) per jaar, de studenten medicijnen nog zesduizend lei per jaar meer.

Dat lijkt een kolossaal bedrag gezien het gemiddelde maandloon van rond drieduizend lei. Maar dat is maar betrekkelijk. In Roemenie heerst sinds jaar en dag een moordende concurrentie om de schaarse plaatsen op de universiteit: iedereen wil studeren en iedereen wil dat zijn kinderen studeren, want sociaal prestige ontleent de Roemeen vrijwel alleen aan zijn opleiding. Sinds jaar en dag besteden ouders een relatief groot deel van hun inkomen - in gevallen waarin dat kan vaak veel meer dan 28.000 lei per jaar - aan bijlessen voor hun kinderen. Slechts zeven procent van Drimers studenten kan het collegegeld niet betalen en heeft een beurs van de universiteit zelf of van particuliere instellingen. “Ik heb prima studenten, “ zegt Drimer tevreden, “net zoals ik de beste docenten heb.” En hij verzwijgt even dat veel van die studenten, voor ze naar zijn universiteit kwamen, elders toelatingsexamen hebben gedaan en zijn gezakt en dat ze de ecologische universiteit dus als een tweede keus zien, een laatste kans, net zoals hij verzwijgt dat in elk geval een paar van zijn hoogleraren vorig jaar om professionele redenen elders zijn ontslagen voordat ze met hem, met Dolphi Drimer, in zee gingen.

Toen de regering met haar uiteindelijke besluit kwam de ecologische universiteit niet te erkennen, is prof. Dolphi Drimer nog danig geschrokken: “Ik was al zo goed als op weg naar de bank om geld op te nemen om alle studenten terug te betalen die - dacht ik - nu zouden afhaken. Maar er is niemand afgehaakt, iedereen is gebleven, “ zegt hij. “Studenten willen studeren, willen goede specialisten worden. Diploma's tellen niet, “ zegt Drimer. “De menselijke kwaliteit telt.”

De rector veert hoog op bij de vraag wat erkenning van zijn universiteit door de regering in de praktijk zou veranderen en somt op welke laboratoria hij dan wel niet zal kunnen inrichten. “Nu moeten we het overgrote deel van ons geld besteden aan het overleven. Geld voor laboratoria is er niet. Erkenning zou dat veranderen. Denk je eens in: een lab bio-technologie, computerlaboratoria, een ecologie-lab, een lab voor groeimodellen, een lab voor theoretische modellen en de technische ondersteuning daarvan. We zouden een van de meest interessante universiteiten van de wereld kunnen worden!” Hij zou ook, zegt hij, gaan werken aan een ecologische landkaart zoals Nederland heeft samengesteld, waarop alle milieuproblemen tot het jaar 2010 zijn aangegeven, hij prijst het werk uitvoerig, zoiets zou er voor elk Europees land moeten zijn. Goeie mensen, die Hollanders.

Met universiteiten in het buitenland onderhoudt de ecologische universiteit nog geen banden, zegt Drimer: we bestaan pas sinds april en we werken pas sinds oktober. De universiteit van Bologna is een uitzondering, die stuurde een mooie plaquette: “Van Europa's oudste universiteit aan Europa's jongste.”