Het tragische lot van Gorbatsjov

Het militair-industriele apparaat vertekent ons economisch leven op grote schaal.

Meer dan de helft van alle machines die in de Sovjet-Unie worden geproduceerd, zijn bestemd voor het militair-industriele apparaat. Volgens de econoom Joe. Jaramenko is meer dan 65 procent van de gehele produktie bestemd voor militaire doeleinden. Slechts vijf procent van de militaire produkten zijn non-militaire kapitaalgoederen, dat wil zeggen behoren tot de produkten waarvan het aantal per hoofd van de bevolking de mate van welzijn van het land aangeeft. Dit getal van vijf procent gunt ons een blik op de geheime economische oorlog die het militair-industriele apparaat voert tegen de nationale economie.

Het zal heel moeilijk worden van deze economie een marktsysteem te maken, zelfs als we volgens het plan-Sjatalin te werk gaan. Een groot aantal onderdelen van de eonomie - zoals het conserveren van voedsel en de lichte industrie, alsmede de landbouw - zullen eenvoudig niet kunnen functioneren in een markteconomie. Als zij in een echte markt zouden moeten opereren, zouden zij niet in staat zijn te betalen voor hun grondstoffen en hun energie en zouden zij hun produktie moeten staken. De tweede contradictie is dus niet minder gevaarlijk dan de eerste: wij kunnen niet overgaan op een markteconomie zolang wij vasthouden aan een centraal bureaucratisch bestuurssysteem - maar wij kunnen niet tegen het militair industriele apparaat op zonder die gecentraliseerde methoden.

Om te beginnen moeten wij een einde maken aan het informatiemonopolie op het militair-industriele apparaat, zijn omvang en kosten, en het aantal erin werkzame employe's. Dan moeten wij onder elkaar uitmaken hoe wij een einde maken aan de contradicties die ik heb beschreven. In een wereld die fundamentele veranderingen heeft ondergaan, waarin kapitalisme niet meer tegenover communisme wordt gesteld en waar communisme niet langer het alternatief is voor de rest van onze beschaving, houden wij, ondanks onze schijnbare belangstelling voor alles wat modern is, er nog steeds een zonderling archaische instelling op na. Ondanks de radicale veranderingen in de internationale situatie, is onze samenleving nog steeds door en door gemilitariseerd. Kennelijk zijn er hooggeplaatste personen die de wereld willen laten zien, zo niet verbaal dan wel door krachtsvertoon, dat het kapitalisme op zijn einde loopt. En de garantie daarvoor is onze roemrijke gevestigde militaire orde met haar nucleaire, biologische en andere wapens.

NATIONALE OEVEREENKOMST

De oplossing voor deze situatie ligt in een radicale verandering van zowel de binnenlandse- als de buitenlandse politiek van de Sovjet-Unie. Die verandering zou volgens mij tot stand kunnen komen door een nationale overeenkomst tussen alle republieken om ons te ontdoen van het militair-industriele apparaat (natuurlijk niet in de belachelijke zin van raketdeskundigen vragen naaimachines te gaan maken, hoe nuttig dergelijke produkten ook kunnen zijn). Er moet een einde komen aan het militair-industriele apparaat, maar niet op een barbaarse manier: als blijkt, zoals ik verwacht, dat meer dan de helft van de Sovjet-bevolking werkzaam is in het militair-industriele apparaat (in de Russische republiek werkt 82 procent van de bevolking in de fabrieken van de militair-industriele gevestigde orde), dan moeten wij het probleem aanpakken terwijl we deze mensen beschermen. Het militair-industriele apparaat heeft een groot aantal eersteklas technici en specialisten in dienst en er zullen speciale bijstandsprogramma's nodig zijn voordat velen van hen deel kunnen nemen aan het niet-militaire produktieproces.

Pogingen om het verschrikkelijk moeilijke probleem van het militair-industriele apparaat op te lossen moeten uitgaan van het voor de hand liggende feit dat ons land alleen militaire middelen nodig heeft om zich te verdedigen. Zij moeten bovendien uiterst mobiel zijn en kunnen worden geintegreerd in de Europese defensie, noodzakelijk om crises die dreigen wereldwijd te worden, zoals nu in de Golf, op te lossen. Misschien zou zo'n herstructurering van het militaire apparaat het best kunnen worden uitgevoerd door de republieken die als onafhankelijke staten meer macht aan het leger kunnen delegeren.

Een derde contradictie komt voort uit de afwezigheid van een burgermaatschappij in Rusland en in de Sovjet-Unie als geheel. In ons amoebe-achtige sociale leven worden mensen niet beschouwd als wezens met verschillende belangstellingen of behorende tot verschillende groepen. In deze samenleving wordt iedereen, of bijna iedereen, verondersteld gelijkt te zijn: iedereen werkt voor de staat, iedereen heeft een salaris, iedereen loopt in de pas. De meeste mensen hebben geen blijk gegeven van de behoefte aan iets nieuws, wat een duidelijk bewijs lijkt voor het feit dat een enorm aantal mensen in onze samenleving geen positieve maatschappelijke veranderingen voorstaan. Wij moeten ons niet laten vleien met de hoop dat nog grotere ontevredenheid over de lege planken in de winkels veranderingen te weeg zal brengen of dat er veranderingen zullen komen als reactie op toenemende instabiliteit, etnische spanningen of de groeiende criminaliteit. Jammer genoeg is er nog steeds geen sprake van een intense behoefte de sociale verhoudingen te veranderen zodat mensen eigendom kunnen hebben, noch van een gevoel dat er een nieuwe of andere sociale koers komt. Veel mensen koesteren nog steeds dezelfde oude illusies over fantastische kansen die er onder het bestaande systeem voor hen liggen. Aan de ene kant is er sprake geweest van een zeer uitgesproken nivellering van de bevolking die gepaard ging met een pro-gelijkheid stemming, terwijl er anderzijds een bereidheid was om in armoedige omstandigheden te leven en de daarmee gepaard gaande vernedering zolang er een gegarandeerd minimum aan sociale goederen beschikbaar was. Deze mentaliteit heeft een remmende werking op het huidige proces van verandering en suggereert een groot gebrek aan burgerlijk- en zelfbewustzijn in onze samenleving.

DEFORMATIE

De recente capitulatie van de president voor de conservatieve krachten, onder de primitieve omstandigheden van een burgermaatschappij hier beschreven, roept twijfels op over de mogelijkheid van een effectief economisch programma en maakt het probleem acuter van het politieke systeem in de hele Sovjet-Unie, op alle niveaus - in de republieken, tussen de republieken onderling, in de steden en bij andere lokale overheden. De machtscrisis is niet alleen een crisis onder machthebbers, maar houdt verband met de deformatie van het bewustzijn die de hele samenleving heeft aangetast.

Wij hebben een omgekeerd stelsel van waarden waarin machtige sociale krachten proberen de vitaliteit van sociaal en individueel bewustzijn te reduceren en trachten een mentaliteit te bevorderen die onvolwassen, atavistisch en 'retro' is. Dat maakt onze samenleving uiterst instabiel en leidt onze creatieve energie af, waardoor wij niet meer in staat zijn ons te verzetten tegen onbeschaafde vormen van collectief gedrag. In zekere zin leven wij in een situatie waarin de staat samenvalt met de samenleving en daardoor hebben de mafiose groeperingen die deel uitmaken van de bureaucratische structuur van de staat zich overal in de samenleving genesteld, ook in de ondergrondse economie waar alles te koop is. (In tegenstelling tot de Siciliaanse variant, opereert onze binnenlandse mafia van de top van de sociale en politieke structuur naar de bodem, wat nergens ter wereld het geval is).

Daar komt nog bij dat onze samenleving niet meer vitaal is en sociale matheid is een van de redenen waarom het zoveel mensen ontbreekt aan sociaal bewustzijn. De recente toename van de misdaad en de rapporten over criminele activiteiten suggereren dat criminelen als 'normaal' worden beschouwd; terwijl het niveau van de gezondheidszorg duidelijk is gedaald. Een andere aanwijzing voor het feit dat onze samenleving ernstig ziek is, is dat de vele duizenden intellectuelen, in de hoop in het buitenland werk te vinden, in lange rijen staan om uitreisvisa te bemachtigen..In een samenleving waarin geen serieuze vraag is naar creatieve ideeen en oplossingen, is een dergelijk wegvloeien van talent niet verrassend.

Een groot aantal van onze mensen lijkt gereduceerd tot vee en, wat nog veel angstaanjagender is, vraagt niet om een ander leven. Velen zijn bereid zo, of iets beter, te leven. In een dergelijke samenleving worden pogingen om de burgerzin te vergroten, in het bijzonder onder de Russen, gekenmerkt door dezelfde contradicties. Neem de meest recente publikatie van Aleksandr Solzjenitsyn. Ik ben het op vele punten met hem eens - bijvoorbeeld met wat hij zegt over de distributie van land en eigendom - ook al kan ik zijn weigering niet delen om de Oekrainse en Wit-Russische bevolking als historisch onafhankelijk te beschouwen. Hij heeft gelijk als hij zegt dat de jaren van Sovjet-heerschappij ons in een onaangename, ja zelfs afschuwelijke, toestand hebben doen belanden. Revolutie is ongetwijfeld een ramp, en de Oktober Revolutie was een tragedie. Maar ik denk dat je je niet tot die constatering kunt beperken. Want de meeste vragen blijven onbeantwoord: Wat maakte deze specifieke revolutie mogelijk en hoe konden de Bolsjewieki aan de macht komen? Hoe konden zoveel mensen vijfenzeventig jaar lang om de tuin worden geleid door de marxistisch-leninistische ideologie waarvan Solzjenitsyn meent dat hij ons totaal vreemd is? Hoe is het mogelijk geweest?

VOLKSBOLSJEWISME

Hierop moet worden geantwoord - hoewel ik weet dat ik riskeer onder vuur te worden genomen - dat Lenins bolsjewisme vooraf werd gegaan door een volksbolsjewisme. Het heeft geen zin te proberen de blaam ergens anders te leggen dan bij het volk. Het opkomende gevoel voor sociale rechtvaardigheid en de eeuwenoude haat tegen de onderdrukkers, waaraan Razin en Poegatsjov en later Tkatsjev, Lenin en Trotsky hun posities dankten, hebben diepe nationale wortels. Het was, en is, heel karakteristiek voor Rusland om de mensen 'onderop' op hartvochtige wijze ondergeschikt te maken aan de mensen aan de 'top' en om de mensen in het algemeen ondergeschikt te maken aan de staat: dat soort verhoudingen werden in de twaalfde eeuw gecreeerd. De reactie op de eeuwenlange onderdrukking in Rusland was intolerantie, agressie en vijandigheid: en het zijn deze onderdrukking en de reactie erop die wreedheid en massaal geweld creeerden. Het is waar dat de politiek van de Bolsjewieki niet voortkwam uit de wil van het volk, maar het volk deed wel mee aan die politiek en nam deel aan de massale terreur. De verhouding tussen 'de macht en het volk' ligt ingewikkeld in Rusland en het is niet ondenkbeeldig dat ons land een autoritaire koers zal blijven varen.

Wij horen vaak zeggen dat 'de Sovjet-Unie niet Russisch is - het is geen Russische eenheid'. Maar volgens mij zal hier geen burgermaatschappij ontstaan totdat de mensen erkennen dat deze opmerking een uiterst gevaarlijke illusie weergeeft, die de publieke opinie in het algemeen en de democratische krachten in het bijzonder alleen maar kan verwarren. De Unie van Socialistische Sovjet Republieken is in feite de voortzetting van het Russische rijk; Rusland is niet alleen het slachtoffer van de wil van de tsaar, maar is op zich een tsaristische macht. Ruslands tegenspoed komt niet alleen maar voort uit het feit dat het de andere republieken onderhoudt, maar ook uit het feit dat het zijn diepgewortelde tsaristische neigingen heeft behouden.

De vooronderstelling dat Ruslands enige hoop op overleven uit de Unie treden is, wat je vaak hoort, zou anders moeten worden geformuleerd. Het idee alleen al is gevaarlijk en chauvinistisch. De vraag die echt moet worden gesteld is niet of Rusland de Sovjet-Unie zal verlaten, maar of de Sovjet-Unie op zal houden het imperialistische principe te belichamen. En toch zal het Sovjet-rijk, als de perestrojka, in de woorden van Gorbatsjov, een snelle injectie in de vorm van financiele en technologische hulp van de Westerse democratieen krijgt, nog steeds in staat zijn de dreigende crises in de landen die er deel van uitmaken te bedwingen, zelfs als het een deel van zijn territorium kwijtraakt en daardoor zijn eigen bestaan verlengt.

Het Westen is kennelijk bereid de 'grote hervormer' te helpen, zowel als teken van dankbaarheid voor de vrijheid die hij, naar men zegt, gaf aan de landen in Oost-Europa, als uit angst voor een 'sociaal Tsjernobyl', voor een volstrekt uiteenvallen van het rijk. En de gevolgen van die desintegratie zouden inderdaad vernietigend en volstrekt onvoorstelbaar kunnen zijn. Het feit dat de Sovjet-Unie is begonnen kernwapens weg te halen uit de Baltische staten, Wit-Rusland en Transkaukasie (daarover zijn artikelen in de pers verschenen) toont aan dat de leiders van het land de mogelijkheid van een burgeroorlog niet hebben uitgesloten (hoe kan het ook worden uitgesloten als hij al in de periferie woedt? ) en zich op het ergste voorbereiden.

De vierde contradictie zit hem in het openbare bewustzijn. Tenslotte zijn de mensen die zich vandaag uitspreken tegen een markteconomie niet slechts de extremistische conservatieven; zij vormen bijna de meerderheid van onze burgers. In hiun ogen lijkt het vooruitzicht van een markteconomie op een Stalinistische oefening in logica: “Ik zal je dwingen gelukkig te zijn, jij rotzak!” Dit keer, zeggen de mensen, is het de markteconomie die ons geluk zal opdringen.

Als de Sovjet-Unie geen deel gaat uitmaken van de grotere Europese en wereldeconomie, kan zij volgens mij niet worden gered door een economisch programma. Wij spreken een andere economische taal dan de rest van de wereld, en wij moeten nog bewijzen dat wij in staat zijn handel te drijven, of een politieke, economische of financiele dialoog te voeren, of zelfs maar met de ruilhandel om te gaan.

GROTERE CRISIS

Die vier contradicties zullen ontzettend moeilijk op te lossen zijn; iets anders beweren zou de grootste, de meest hypocriete illusie zijn. Als historicus geloof ik dat het niet alleen de toenemende crisis in het systeem en het regime is die een obstakel vormt voor het opheffen van deze contradicties en voor het streven naar een beter leven onder de nieuwe economische systemen die zijn voorgesteld. De huidige crisis valt samen met een andere, grotere, die in de negentiende eeuw begon - de crisis, of misschien de uitputting, van deze Europees-Aziatische beschaving, met haaregalitaire, dirigistische ethiek en haar tsaristische vormen en waarden. Deze civilisatie is niet langer houdbaar. De autonome elementen erin van boeddhistische en Byzantijns christelijke beschavingen, elementen die in staat waren zichzelf te ontwikkelen, werden onderdrukt en krijgen nu een kans zichzelf te versterken - een onderwerp dat onafhankelijke behandeling verdient. Op dit moment is belangrijk dat in de huidige crisis, die lang kan gaan duren, en die nog eens bij de ineenstorting van 'Eurazie' komt, de mogelijkheid van een autoritair systeem - en zijn hartvochtiger vorm van dictatuur - een groot gevaar blijft.

In zijn speech van 17 november voor het verzamelde parlement ging de president volgens mij een stap verder dan het autoritaire regime van Gorbatsjov-Ryzjkov, meer in de richting van de dictatuur. In zijn zelfverzekerde toespraak gaf hij geen fouten toe en zei hij niets over zulke uiterst belangrijke kwesties als landeigendom, particulier bezit, het opzetten van privebedrijven en de onafhankelijkheid van de republieken - niets over de uitvoering van de sociale en economische hervormingen waar al zo lang op wordt gehoopt en die nu zijn geblokkeerd. Integendeel, veel van wat hij zei dwong mij wat nu gaande is te beschouwen als de voorbereiding voor een dictatoriaal regime. Ik doel op Gorbatsjovs nadruk op het leger (dat volgens hem in bescherming dient te worden genomen), op de handhaving van de openbare orde, op de prioriteit van de Federatieraad, die net is gemachtigd om te beslissen over bijna alle kwesties die van levensbelang zijn. Ik doel ook op het voorgestelde verbod van activiteiten die een 'breuk' in de landen zouden kunnen veroorzaken - dat wil zeggen een afscheiding van de Unie - waarop zijn benadering van een unieverdrag is gebaseerd, en die de ware gevoelens die leven onder de bevolking van de republieken negeert. Ik doel ten slotte op zijn beroep op de communisten om zijn nieuwe koers enthousiast te steunen.

SJEVARDNADZE

Het vierde Volkscongres werd weer een levendig voorbeeld van de onwil van de conservatieven onder leiding van Gorbatsjov om belangrijke structurele veranderingen te beginnen, bijvoorbeeld door de republieken onafhankelijk te maken, door particulier bezit te legaliseren en door het machtsmonopolie van de partij niet alleen in theorie maar ook daadwerkelijk op te geven. Deze conservatieve krachten willen het woord 'socialistisch', dat in diskrediet is geraakt, graag behouden als deel van de naam van de staat en - tegen de wil van vele republieken - willen zij die staat per se als een geheel zien.

Het begon erop te lijken dat het vierde congres een volledige overwinning voor Gorbatsjov zou worden. Tenslotte stemde 95 procent van de afgevaardigden voor al zijn fundamentele resoluties. En toen, plotseling, kondigde Sjevardnadze tot ieders verbijstering aan dat hij ontslag nam. Wat moest men hiervan denken? Want hij is de beste vriend van de president, de hartstochtelijkste voorstander van ingrijpende veranderingen. Hoe zat dat met zijn verklaring over het gevaar van een dictatuur? Natuurlijk was die zo vaag dat Gorbatsjov kon zeggen dat het op dingen sloeg die niet op feiten waren gebaseerd.

Een ding is duidelijk, namelijk dat er nu een allesomvattende machtscrisis is. Het begon met een demonstratie van de onmacht van de uitvoerende macht, zoals bleek uit het gestadig toenemen van de volmachten van de president en zijn groeiende afhankelijkheid van de politieorganisaties, het leger en de macht van het geweld. Toen breidde de crisis zich ook uit tot de wetgevende macht. De Opperste Sovjet gaf zijn wetgevende taken zonder een spier te vertrekken aan de president. Nu is het een crisis in de kringen van de machthebbers: wij zien diepgaande meningsverschillen over centrale kwesties tussen Sjevardnadze en de anderen op onze politieke Olympus, inclusief zijn meningsverschillen met Gorbatsjov.

Nadat hij had aangetoond dat deze meningsverschillen bestonden, wilde de minister van buitenlandse zaken niet openbaren waar zij over gingen of een overtuigende reden voor het indienen van zijn ontslag geven. Misschien betekent dit dat hij niet al zijn schepen achter zich wilde verbranden, dat hij de mogelijkheid wilde openhouden 'zich te laten overhalen' om aan te blijven; en als we terugkijken en zien wat er is gebeurd met Ligatsjov, Jakovlev en Batakin, lijkt dat een wijze gedachte. Gorbatsjov heeft bewezen dat hij in staat is zo nodig zijn kameraden op te offeren. En de grove aanvallen op Sjevardnadze door de conservatieve militairen Alksnis en Petroesjenko moeten hem aan het denken hebben gezet. Als zijn motief was dat hij zichzelf wilde beschermen, is dat begrijpelijk. Maar men had meer mogen verwachten van een man als Sjevardnadze.

Ik zou graag ongelijk hebben, maar ik wil de werkelijkheid geen geweld aan doen door nu illusies te wekken. Ik zie de tragiek van Gorbatsjovs lot: de grondlegger van de perestrojka zou wel eens tot de vernietiger ervan kunnen worden.

Dit is het tweede en laatste deel van een artikel van de Sovjet-historicus en radicale hervormer Joeri Afanasjev, waarvan gisteren het eerste deel verscheen. The New York Review of Books

Sjevardnadze tijdens een toespraak voor de Opperste Sovjet met op de achtergrond (rechts) Gorbatsjov. (Foto Reuter)

    • Joeri Afanasjev