Alle liefde begint met angst; In a lonely place (1950) van Nicholas Ray

De films van Nicolas Ray, van wie tijdens het Rotterdams Filmfestival een retrospectief wordt gehouden, gaan over vechtjassen die zwakkelingen blijken te zijn. In a lonely place is een uitzondering. Een vrouw verschaft de van moord verdachte hoofdpersoon een alibi zonder hem te kennen. “Samen met haar wil je weten: wie is hij? Pas als je een Ray ziet besef je hoe zelden je je tijdens een Amerikaanse film deze vraag stelt.”

In a lonely place (Nicholas Ray, 1950) is tijdens het Ray-retrospectief van het Rotterdams Filmfestival te zien op maandag 28, om 19.30, in Lumiere 4, Rotterdam.

Het is van groter belang dan ooit om de Amerikaan te begrijpen. Wie is hij? Natuurlijk is CNN een pakkend en rijk studieobject, maar als het er om gaat in de afgrond te staren van deze wonderlijke, kinderlijke man, dan leert de filmgeschiedenis ons wie weet meer.

Ieder volk staart in een afgrond van eigen makelij, en de Amerikaanse afgrond is vermoedelijk het pakkendst verbeeld in het filmgenre dat we 'film noir' zijn gaan noemen. Dat genre heeft een korte, explosieve bloei gekend: van ongeveer 1940 tot ongeveer 1960. Dit wil zeggen: het is het genre dat gekatalyseerd en gevoed is geweest door de Tweede Wereldoorlog. In zekere zin is het de uitdrukking van een acute, nationale ontmaagding. Wat Europa in '14-'18 had meegemaakt en vervolgens met het vooral Duitse filmexpressionisme trachtte uit te drukken - een illusieloze, schaduwrijke esthetiek van de doem - zou nu 'overwaaien' naar Hollywood.

Alles in dit grootsteedse, gewelddadige, hardboiled genre is de ontkenning van de Amerikaanse droom. Het is het letterlijke negatief van het filmgenre dat om zo te zeggen de officiele toon bepaalde: de Western, met zijn open ruimten en zijn zonovergoten, eerlijke duels. In de Western wordt de wereld, net als op CNN, gezuiverd, en het kwaad vereffend. In de film noir wordt het hart gepeild, en uiteindelijk hulpeloos bevonden. De beste films-noirs zijn dan ook met kleine budgetten gemaakt.

Het Rotterdamse Filmfestival, dat momenteel woedt, biedt onderdak aan een groot Nicholas Ray-retrospectief. Rays oeuvre is ontstaan gedurende de bloeitijd van de film noir, alleen al de titels van zijn bekendste films wijzen op verwantschap met de tijdgeest: Rebel without a cause, On dangerous grounds, They live by night, The savage innocent. Alles aan Ray ontsnapt aan genre-indeling (hij is, om een andere titel van hem te citeren bigger than life), maar het staat vast dat de ondertoon van iedere scene die hij heeft opgenomen noir is.

Francoisois Truffaut heeft Rays obsessie als volgt samengeva “Iedere film bevat het verhaal van de gewelddadige man die dat niet meer wil zijn, over zijn verhouding met een vrouw die moreel sterker is dan hijzelf, want de vechtjas, de eeuwige held van Ray, is een zwakkeling, een kind-man, als hij al niet gewoon een kind is”.

Zelfs Rays befaamde western Johnny Guitar gaat over deze man, die dan ook in alles het tegendeel is van John Wayne. Zuiveren doet hij niets; deze film is sterfziek als een negentiende-eeuwse opera, eigenlijk is het krankzinnig dat deze film verteld wordt met behulp van cowboys, paarden en saloondeurtjes. Hij is even ongerijmd als Nietzsche voorlezen bij een kampvuur. Ik heb Johnny Guitar daardoor altijd boven alles bekakt gevonden; de noir-sensatie wordt Zwitserlevenachtig, en door de waanzinnige, theatrale kleuren en de curieuze padvinderij, een bedenksel.

Agressie

Een minder bekende en minder geliefde Ray is In a lonely place (1950). Hij is zwart-wit, waar Ray vooral wordt geassocieerd, tot in veel videoclips toe die hem citeren, met het melancholiekste full-color avondschemer. Hij speelt zich niet af in de grote stad, of in reusachtige, verlaten villa's, waar Ray befaamd is om het gebruik van architectuur en grote ruimtes. En hij gaat niet over jonge, in te wijden mensen, waar Rays allerberoemdste film toch Rebel without a cause is, met James Dean. Eigenlijk is In a lonely place een uitgesproken onthechte film, en kleinschalig: het aantal locaties is beperkt, de ruimtes zijn klein, de trajecten die worden afgelegd kort.

De film heeft iets essayistisch, misschien dat ik hem daarom overtuigender vind dan de ware full-scale Rays. Humphrey Bogart is Dix Steele, de hoofdpersoon. Doordat hij een scenarioschrijver is, gaat de film van meet af aan over film: bovendien is Dix, op een Chandler-achtige wijze reflectief: hij ziet zichzelf staan, en hoort zichzelf voelen. Hij zegt prachtige zinnen, die hij juist in zijn scenario heeft geschreven: “I was born when I met you; I died when you left me; I lived a few weeks when you loved me”. Bovendien is het verhaal op een onnadrukkelijke manier opgezet als een karakterstudie. Je wilt weliswaar voortdurend weten 'hoe het verder gaat' met de plot, maar ook, en vooral: hoe Dix in elkaar zit. Wie is hij?

Pas als je een Ray ziet besef je hoe zelden je je tijdens een Amerikaanse film deze vraag stelt. Wie is hij? Als je je al vragen op dit gebied stelt, dan is het meestal iets in de orde van: hoe komt hij zo? Meestal beperkt je nieuwsgierigheid zich tot: wat gaat hij nu weer doen? Ray geeft je met dit personage het zeldzame gevoel dat het van uitmuntend belang is te weten wie Dix is. Wie is dit vat van tegenstrijdigheden? Wat noemen we 'wie'? Kennelijk is Dix een raadsel; kennelijk weet Ray een personage zo neer te zetten dat hij meer is dan een psychologisch fenomeen, een kenbaar gedrag. Hij klopt niet, zelfs al wordt zijn aggressie in de loop van de scenes steeds voorspelbaarder, en zijn daaropvolgend schuldgevoel steeds logischer - er blijft iets niet kloppen.

EMOTIELOOS

Neem de eerste verhoorscene van de film. Dix heeft te horen gekregen dat het meisje dat hij de avond tevoren op bezoek heeft gehad - en dat hij niet kende - een half uur na haar afscheid van hem vermoord is. Waarom toont hij geen enkele emotie?

Natuurlijk is het voor het verhaal spannend wanneer we, samen met de commissaris, denken: iemand die zo onaangedaan blijft zou het nog wel eens gedaan kunnen hebben. Dat maakt de gevoelloosheid functioneel. Maar tegelijkertijd is het het begin van onze fascinatie. Kan iemand menselijkerwijze zo zijn als Dix, op dit moment?

Met andere woorden: Ray presenteert zijn centrale karakter niet als iemand die is zoals hij is, maar als een essayistische opgave: kan hij zijn zoals ik zeg dat hij is?

Je vraagt het je af, en even later komt Laurel de ruimte binnen. Zij wordt gespeeld door Gloria Grahame. Zij verschaft Dix een alibi, zonder hem overigens te kennen. Ook zij denkt wat wij denken: hoe kan hij zo kalm zijn? Alleen: voor zij zich deze vraag goed en wel kon stellen, is er iets anders met haar gebeurd. Zij is op hem gevallen.

Dit vallen zien we gebeuren. Telkens wanneer we deze film opnieuw zien (en deze film wordt beter naarmate je de afloop en de wendingen beter leert kennen) valt Gloria Grahame op Humphrey Bogart. Nooit zal zij niet op hem vallen, zelfs wanneer wij In a lonely place voor de duizendste keer zagen, dan nog viel Gloria Grahame op Humhrey Bogart gedurende de twee seconden die haar voor dit vallen zijn toebedeeld. Grahame kijkt Bogart pas aan wanneer zij, met haar rug naar hem gezeten, de frase 'verdacht van moord' hoort. Op het woord 'murder' kijkt ze om, als een kievit, en ze kijkt ons, Bogart, aan. Precies even emotieloos als Dix al die tijd was. En een eeuwigheid langer dan wij kunnen verdragen.

Natuurlijk is het niet te vangen in zinnen, deze ongelooflijke blik achterom, deze Orpheusoogopslag; hij is onherroepelijk. De vraag waar het mee begon: kan dat, deze emotieloze Bogart, wordt ogenblikkelijk beantwoord met: ja, het kan, want er is een vrouw die tot diep in haar hart getroffen wordt door exact die emotieloosheid, en die daar zelf ogenschijnlijk onaangedaan bij blijft.

Dit is het verhaal van de man die verliefd wordt op degeen die hem zijn alibi verschaft, en het gaat er natuurlijk om dat Gloria Grahame steeds hardnekkiger bekropen wordt door het gevoel dat Bogart wel een moordenaar is. Zijn agressie, afgewisseld met zijn werkelijk onweerstaanbare momenten van liefheid, is een raadsel. Waar zij op viel, dat was het emotieloze, het gevaarlijke. Het begon met angst. Daar begint alle liefde mee - de ander is per essentie vreeswekkend, want ontketent iets dat je niet beheersen kunt. Uiteindelijk boezemt de kracht van je eigen begeerte je angst in. Bij Ray, en zijn noir-plot, is die angst veruitwendigd en reeel. Bogart kan een moordenaar zijn.

Daarom is het ware onderwerp van deze film wel degelijk de moordlust, zelfs al blijkt Bogart onschuldig te zijn. Bogart kan zich de moord namelijk buitengewoon goed voorstellen. Dat voorstellingsvermogen is zijn talent, “I've murdered dozens of people, in pictures”, zegt hij. Het is ook de kern van zijn tergende emotionele huishouding. Hij wil kennen. Schrijvers, ook scenarioschrijvers, en acteurs, en regisseurs, en speciaal Nicholas Ray, kunnen zich nooit neerleggen bij de oninleefbaarheid. Wat menselijkerwijs mogelijk is, is per definitie ook inleefbaar, navoelbaar. En wie zo hartgrondig navoelt als Bogart, als de acteur die hij is, als de scenarioschrijver die hij speelt, als de alter ego van Ray die hij voorstelt - wat gebeurt er met zijn emoties? Wat zijn dat: Dix' eigen emoties? Wie is hij wanneer hij zich iemand anders indenkt? Wie is hij?

ACHTERDOCHT

Er zijn weinig films die je zo ver doen meedrijven met een verliefde fascinatie als deze. Samen met Gloria Grahame wil je weten: wie is hij, en precies die overwinning van haar vrees die nodig was om een begin te maken met hem na te voelen, dat wil zeggen: zijn schijnbare gebrek aan gevoel in te denken, maakt je verliefd op hem. Op haar op hem, als je een man bent die de omweg van het vrouwelijke nodig heeft bij dit soort aangelegenheden.

Het is goed om van deze films de afloop te kennen, dat scherpt je blik voor de ironie van het verhaal, en voor de meesterlijke wendingen. Dix lijkt dankzij Grahame steeds rustiger te worden, en gevoeliger, 'gewoner', maar zij verliest, door groeiende achterdocht, haar vertrouwen in hem. Wanneer hij beseft hoe klein haar vertrouwen is (uiteindelijk is liefde vertrouwen), pleegt hij bijna de moord waar hij nooit schuldig aan is geweest. Zij het dan nu op zijn geliefde, van wie hij meer dan ooit houdt.

Wie hij is, nadat hij de ironie van dit alles heeft beseft, en uit Gloria's leven, en uit de film, verdwijnt - geen idee. Het spiraalt om iets zwarts en onzichtbaars, in deze film - alsof je uit mensen een stop kunt trekken, en ze beginnen om zichzelf en hun kern, die misschien wel niet bestaat, te kolken net zo lang tot er niets meer van ze over is.

    • Willem Jan Otten