Symbolen op radarscherm essentieel voor aanval Israel

ROTTERDAM, 24 jan. - Het slagen of mislukken van een eventuele Israelische luchtaanval op Irak kan in sterke mate afhankelijk zijn van enkele kleine symbolen op een radarscherm van een AWACS-radarvliegtuig boven Saoedi-Arabie.

De intense coordinatie van de duizenden vliegbewegingen van de internationale strijdmacht boven Irak vereist dat Tel Aviv het Amerikaanse opperbevel in Riad informeert over het waar en wanneer van een eventuele luchtoperatie tegen Saddam Hussein.

Gebeurt dat niet, dan is het gevaar groot dat Amerikaanse jachtvliegtuigen de opdracht krijgen de Israelische aanvalsvliegtuigen neer te schieten, omdat ze als onbekende - en onder de huidige omstandigheden dus vijandelijke - symbolen op de radar in Saoedi-Arabie verschijnen.

De duizenden militaire vluchten bij en over Irak worden gevolgd aan de hand van elektronische codes. Het is een doorlopend vraag- en antwoordspel tussen radarstations en individuele gevechtsvliegtuigen. Elke onbekende radarecho die op het scherm verschijnt wordt automatisch ondervraagd door middel van IFF-apparatuur (Identification Friend or Foe - Identificatie Vriend of Vijand).

Een 'transponder' in een bevriend toestel beantwoordt het verzoek om identificatie met een afgesproken signaal. Computers vertalen dat signaal op het radarscherm met een 'vriend'-symbool. Geeft het ondervraagde toestel geen antwoord, dan zal het in een oorlogssituatie als vijandelijk worden gekenmerkt. Gevechtsleiders aan boord van de AWACS of in de commandocentrales op de grond, die rechtstreeks mee kunnen kijken met de beelden van de vliegende radar, zullen bevriende toestellen in de buurt waarschuwen en eigen jachtvliegtuigen instructies geven voor een onderschepping.

Bij daglicht kan een vlieger, voordat hij zijn geleideprojectielen afschiet, met eigen ogen nog controleren of er geen vergissing in het spel is. De Israelische luchtmacht vliegt met veel Amerikaanse types (F-4 Phantom, F-15, F-16 en Skyhawk). 's Nachts speelt vliegtuigherkenning geen rol. Dan is het een kwestie van radarcontact maken en schieten voordat de tegenstander die gelegenheid krijgt.

Niet ongezien

Israel kan Irak wel onverwachts aanvallen, maar niet ongezien. Een AWACS boven het noordwesten van Saoedi-Arabie krijgt de Israelische toestellen kort na het opstijgen al op het scherm. Om verwarring te voorkomen, zullen de geallieerde missies boven Irak dan moeten worden gestaakt, tenzij de Israelische actie in het geheim is gecoordineerd met het opperbevel van Operatie Desert Storm in Riad. In dat geval (in Amerikaanse kranten wordt er al over gespeculeerd) zal een corridor voor de Israelische jachtbommenwerpers worden vrijgehouden.

De planning voor de internationale luchtoperatie boven Irak is gebaseerd op een tijdschema van seconden. Om te voorkomen dat Amerikaanse jagers Britse bommenwerpers neerschieten of zelfs met elkaar in botsing komen, wordt de cruciale T-O-T (Time Over Target - het moment dat het vliegtuig boven het doel is) van elke bommenwerper in seconden berekend. Voor de terugvlucht worden per aanvalsoperatie corridors vastgesteld. Dat is een extra hulpmiddel voor de luchtverdediging om te kunnen bepalen of terugkerende toestellen, ook als de IFF is uitgevallen, vriend of vijand zijn.

Wat Israel in overleg met Amerika toegewezen zou moeten krijgen, is niet alleen een grote reeks IFF-basiscodes (die na een afgesproken tijdsperiode telkens veranderen), maar ook de aanvullende elektronische SIF-codes (Selective Identification Feature), waarmee de gevechtsleiding kan vaststellen of het daadwerkelijk om Israelische toestellen gaat.

De combinatie van IFF-SIF, zoals die al jaren bij de NAVO in gebruik is, biedt tal van mogelijkheden om in een elektronische data-uitwisseling specifieke bijzonderheden over een missie door te geven. Zo kunnen bijvoorbeeld jachtvliegtuigen, bommenwerpers en verkenningstoestellen van elkaar worden onderscheiden. Ook kan de vlieger met een afgesproken code via het radarscherm doorgeven dat hij geraakt is en een noodlanding moet maken.

In theorie lijkt het een ideaal systeem voor het beheersen van massale luchtoperaties. Maar er zit een adder onder het gras. Zelfs binnen de NAVO bestaan verschillende IFF-installaties, die niet op elkaar zijn afgestemd, waardoor de elektronische informatie-uitwisseling niet geheel zonder problemen verloopt.

Het integreren van alle internationale vriend-of-vijand systemen in het Golfgebied en het vaststellen van de duizenden identificatiecodes moet een gigantische opgave zijn geweest. Het welhaast unieke feit dat er - voor zover bekend - nog geen eigen toestellen zijn neergeschoten, bewijst dat de militaire vliegers in het Golfgebied op hun IFF kunnen vertrouwen.

    • Dick van der Aart