Pacifistisch protest

J. L. Heldring beschouwt het als een “illusie dat de Europese Gemeenschap ooit tot een gemeenschappelijke buitenlandse politiek zal komen” (NRC Handelsblad, 22 januari).

Het valt niet te ontkennen dat er voor deze stelling, die de schrijver overigens al langer dan een kwart eeuw verdedigt, argumenten zijn aan te voeren. Wel vraag ik mij af, of dat krachtige bijwoord 'ooit' in de komende jaren niet danig op de proef zal worden gesteld wanneer het effect der totstandkoming van de gemeenschappelijke markt zich gaat doen gevoelen. Zouden de economieen der EG-leden daardoor niet wel eens zozeer verstrengeld kunnen raken, dat een gemeenschappelijke buitenlandse politiek minder illusoir wordt dan Heldring veronderstelt?

Heldring vergelijkt de aantallen protesteerders tegen de Golfoorlog in Nederland met die van hen die deelnamen aan de demonstraties in '81 en '83. Hij constateert, dat die niet weinig teruggelopen zijn en zoekt naar de oorzaak daarvan. Hij vermoedt, dat dat niet zozeer een gevolg is van het feit dat de PvdA in de regering zit, als wel van het feit dat 'twee decennia dromen' hebben plaatsgemaakt voor 'ontnuchtering', terwijl verder de VS achter de Golfoorlog staan.

Heldring gaat bij die vergelijking aan de hoofdzaak voorbij. In de demonstraties van de jaren tachtig ging het om een protest tegen een regering die zich niet ontzag steun te verlenen aan het dreigement van een kernoorlog, dus om een 'atoompacifistisch' protest. In de recente demonstratie gaat het om een puur pacifistisch protest tegen een Golfoorlog waarbij radicaal anders dan in een kernoorlog, de burgerbevolking welbewust gespaard kan blijven. De in de afgelopen decennia en thans gewenste nuchterheid gebieden dat fundamentele onderscheid niet over het hoofd te zien bij een vergelijking van de omvang der publieke belangstelling.