Opdracht opbouw Koeweit voor Bechtel

ROTTERDAM, 24 JAN. Het grote Amerikaanse ingenieursbureau Bechtel heeft van Koeweitse autoriteiten in ballingschap de opdracht gekregen om, na afloop van de Golfoorlog, de Koeweiti's te helpen bij de wederopbouw van de olie-sector en de petrochemische industrie.

Op de kantoren van Bechtel zijn de voorbereidingen in volle gang. Met de wederopbouw zijn miljarden gemoeid.

Dit heeft een betrouwbare bron bevestigd. Bechtel zelf is om veiligeheidsoverwegingen uiterst summier met informatie. Een woordvoerder van het bedrijf erkent dat er besprekingen lopen met de Koeweiti's maar ontkent dat er een contract zou zijn getekend. Hij voegt daar evenwel onmiddelijk aan toe dat het niet aan Bechtel, maar aan de Koeweiti's is om een eventueel contract wereldkundig te maken. De woordvoerder wil verder geen enkele mededeling doen over de gesprekken met de Koeweiti's of over de huidige activiteiten van Bechtel in de Golf-regio.

Het Amerikaanse ingenieursbureau wordt de projectmanager bij de herstelwerkzaamheden en is als zodanig de technisch adviseur van de Koeweiti's. Bechtel zou de concurrentiestrijd met andere grote Amerikaanse ingenieursbureaus (Parsons, Fluor, Kaiser) al geruime tijd geleden hebben gewonnen. Het bedrijf zou al ten minste zes weken geleden het contract met de Koeweiti's hebben getekend. De andere bureau's maken nu nog wel kans op deelopdrachten in Koeweit.

Vorige week werd bekend dat Amerikaanse ingenieursbureau's die rekening houden met orders uit Koeweit, Nederlandse bedrijven hebben benaderd om hen in te schakelen als er orders uit Koeweit loskomen.

In de Amerikaanse pers hebben Koeweiti's inmiddels verklaard dat een Amerikaans corps van ingenieurs de principe-opdracht heeft

gekregen om een inventarisatie te maken van de schade die Koeweit lijdt door de Golfoorlog. Met die opdracht zou 25 miljoen dollar zijn gemoeid.

Bechtel is inmiddels intensief bezig met de voorbereidingen van de herstelwerkzaamheden. Het bedrijf zou nu al voor enkele honderden miljoenen dollars aan tweedehands materiaal goedkoop hebben ingekocht - krakers, drukvaten, vacuumtorens, pompen, tanks en dergelijke. Het materiaal zou opgeslagen liggen op terreinen van Bechtel in de Verenigde Staten om straks na de oorlog verscheept te kunnen worden naar Koeweit.

Met de opdrachten voor de wederopbouw van de Koeweitse olie-industrie zijn hoge bedragen gemoeid. Experst houden er rekening mee dat het wel eens een van de grootste oorlogs-herstelwerkzaamheden zou kunnen worden. De Koeweiti's ramen de kosten van alle herstelwerkzaamheden voor hun land nu op 20 a 40 miljard dollar. Het Marshall-plan steekt daar mager tegenaf: dat plan kostte de Verenigde Staten destijds circa 12 miljard dollar.

Men gaat er over het algemeen van uit dat de Koeweiti's de werkzaamheden zelf kunnen financieren. Volgens voorzichtige schattingen zou alleen al het investeringsbureau Kuwait Investments Office in Londen over 100 miljard dollar aan beleggingen beschikken, ook in Nederland.

    • Geert van Asbeck